Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-02-23
ECLI:NL:RBZWB:2026:2198
Civiel recht
Rekestprocedure
2,020 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBZWB:2026:2198 text/xml public 2026-03-27T09:52:05 2026-03-26 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-02-23 C/02/444687 / FA RK 26-593 Uitspraak Rekestprocedure NL Breda Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:2198 text/html public 2026-03-27T09:02:36 2026-03-27 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:2198 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 23-02-2026 / C/02/444687 / FA RK 26-593 Toewijzing ZM 6 mnd i.p.v. 12 mnd gelet op wens van betrokkene om te stoppen met medicatie RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Breda Zaaknummer: C/02/444687 / FA RK 26-593 Datum uitspraak: 23 februari 2026 Beschikking zorgmachtiging op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor: [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats] , Oekraïne, hierna te noemen betrokkene, wonend in [woonplaats] , advocaat mr. M. Timmermans-Roelands uit Bergen op Zoom. 1 Het verloop van de procedure 1.1. De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: - het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 4 februari 2026. 1.2. De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 23 februari 2026. Daarbij zijn gehoord: betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat en een tolk; de heer [persoon 1] , casemanager; de heer [persoon 2] , psychiater; de moeder van betrokkene. 2 Wat vaststaat 2.1. De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 10 maart 2026. 3 Het verzoek 3.1. De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden. 4 De standpunten 4.1. Betrokkene brengt, samengevat, naar voren dat hij geen verlenging van de zorgmachtiging wenst. Betrokkene beschouwt zichzelf absoluut niet als ziek. Betrokkene geeft aan dat hij bijwerkingen ervaart van de medicatie, zo stottert hij vooral in zijn moedertaal, is zijn kortetermijngeheugen achteruitgegaan en leert hij moeilijk. Daarnaast slaapt betrokkene veel op en dag en wil hij zijn dagen graag beter besteden dan enkel slapen. 4.2. De psychiater verklaart dat de huidige medicatie bij betrokkene gestart is omdat andere medicatie geen effect heeft gehad. De bijwerkingen die betrokkene beschrijft, buitenom het vele slapen, zijn geen bijwerking van de medicatie, aldus de psychiater. De andere bijwerkingen komen volgens de psychiater door de chronisch psychotische stoornis van betrokkene. 4.3. De casemanager sluit zich aan bij hetgeen de psychiater naar voren heeft gebracht. Betrokkene werkt altijd mee aan zijn behandeling en komt de afspraken na. 4.4. De moeder wilt graag de medicatie van betrokkene afbouwen of laten stoppen. Betrokkene lijkt het niet nodig te hebben omdat hij gezond is. Volgens haar zijn de bijwerkingen gekomen na het nemen van de medicatie. 4.5. De advocaat bepleit afwijzing van het verzoek. Betrokkene is zeer duidelijk in zijn standpunt dat hij geen verlenging van de zorgmachtiging wenst om een aantal redenen. Volgens hem is er geen ziektebeeld aanwezig en ook niet bij het stoppen van de medicatie. Betrokkene wil de kans krijgen om zonder medicatie of invloed vanuit de GGZ zijn eigen leven opnieuw in richten. Betrokkene ontkent de gestelde diagnose en het daarmee gepaard gaande ernstig nadeel. Daarnaast voert de advocaat aan dat betrokkene enorm lijdt door het nemen van de medicatie omdat hij zich minderwaardig voelt door onder andere de stotteringen, kleine tics en het vele slapen. Volgens de advocaat is betrokkene wilsbekwaam en kan hij aangeven dat hij geen medicatie wenst. Subsidiair geeft de advocaat aan dat er per zorgmodaliteit gekeken dient te worden of het voorzienbaar is en wijst hierbij op een recente uitspraak . Gezien er het afgelopen jaar geen opname heeft plaatsgevonden is dit niet voorzienbaar. Daarnaast wenst betrokkene te stoppen met de medicatie en werkt hij mee aan de afspraken waardoor beide vormen eveneens afgewezen dienen te worden. 5 De beoordeling 5.1. De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. 5.2. Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en neurobiologische ontwikkelingsstoornissen (o.a. verstandelijke beperkingen en autismespectrumstoornissen). De rechtbank heeft geen reden om te twijfelen aan de medische verklaring. 5.3. Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit: levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. Betrokkene gaat zich vanuit zijn chronisch psychotisch toestandsbeeld, gepaard gaande met religieuze en grootheidswanen, isoleren en verwaarlozen. Betrokkene is daarbij niet in staat om deel te nemen aan het sociaal maatschappelijk leven. Daarnaast vertoon betrokkene onvoorspelbaar dreigend en agressief gedrag. Zo heeft betrokkene op straat een persoon met een mes bedreigd en gedurende een opname bij de GGZ doodsbedreigingen geuit richting zorgverleners en een behandelend psychiater aangevallen. 5.4. Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig. 5.5. Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en ziekte-inzicht. Daarnaast wenst betrokkene geen medicatie en geen behandeling. Daarom is verplichte zorg nodig. 5.6. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn: - het toedienen van medicatie; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen. Met de advocaat is de rechtbank van oordeel dat het verrichten van medische controles niet als verplichte zorg opgenomen hoeft te worden omdat betrokkene daar altijd aan meewerkt. Ook zal de rechtbank het beperken van bewegingsvrijheid en het opnemen in een accommodatie afwijzen. Deze vorm van verplichte zorg is afgelopen jaar niet nodig geweest en thans niet voorzienbaar. 5.7. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. 5.8. Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal in duur worden beperkt en worden verleend voor de duur van zes maanden. Daarbij heeft de rechtbank rekening gehouden met de actieve wens van betrokkene en zijn moeder om met medicatie te stoppen, gelet op de door betrokkene ervaren bijwerkingen en de psychiater aangegeven heeft dat hij wel in overleg wil met betrokkene en de overige zorgverleners over wat de mogelijkheden zijn... 6 De beslissing De rechtbank: 6.1. verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats] , Oekraïne, wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6 staan kunnen worden toegepast; 6.2. bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 23 augustus 2026; 6.3. wijst af het meer of anders verzochte. Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 23 februari 2026 door mr. Janssen, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 5 maart 2026. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open. ECLI:NL:RBMNE:2025:5493