Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-02-18
ECLI:NL:RBZWB:2026:1178
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Bodemzaak
1,475 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBZWB:2026:1178 text/xml public 2026-03-05T13:56:46 2026-02-23 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-02-18 11887215 \ CV EXPL 25-3273 Uitspraak Bodemzaak NL Middelburg Civiel recht; Verbintenissenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:1178 text/html public 2026-03-04T15:40:21 2026-03-05 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:1178 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-02-2026 / 11887215 \ CV EXPL 25-3273 Vordering van Infomedics afgewezen wegens de onweersproken gebleven niet deugdelijke nakoming van de zorgovereenkomst door de behandelaar RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Middelburg Zaaknummer: 11887215 \ CV EXPL 25-3273 Vonnis van 18 februari 2026 in de zaak van INFOMEDICS B.V., als rechtsopvolger van de besloten vennootschap Infomedics Factoring B.V., m.h.o.d.n. Infomedics Factoring, Uwnota.nl, DFA Services en Infomedics DFA, te Almere, eisende partij, hierna te noemen: Infomedics, gemachtigde: Yards Deurwaardersdiensten B.V., tegen [gedaagde] , te [plaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde] , procederend in persoon. 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding - het mondelinge antwoord - de conclusie van repliek - de mondelinge toelichting - de akte van Infomedics. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 De feiten 2.1. [gedaagde] is op 4, 6, 10 en 25 februari 2025 voor een tandheelkundige behandeling in de [tandartspraktijk] geweest. Voor de verrichtingen op 4, 6 en 10 februari 2025 is bij hem in totaal € 219,25 in rekening gebracht. Dit bedrag heeft [gedaagde] niet betaald. 2.2. Op 25 februari 2025 heeft [tandartspraktijk] een wortelkanaalbehandeling bij [gedaagde] uitgevoerd. Kort daarvoor is een foto gemaakt. [gedaagde] heeft de kosten van deze verrichtingen, in totaal € 884,56, betaald. 2.3. [tandartspraktijk] heeft haar vorderingen overgedragen aan Infomedics. 2.4. Infomedics heeft [gedaagde] meermalen aangemaand tot betaling en op 17 juli 2025 de zogenaamde 14-dagenbrief gestuurd. 3 Het geschil 3.1. Infomedics vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 264,44, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 augustus 2025 over € 219,25 en de proceskosten. Het bedrag van € 264,44 bestaat uit het bedrag van € 219,25 aan hoofdsom, € 5,19 aan wettelijke rente tot 7 augustus 2025 en € 40,- aan buitengerechtelijke incassokosten. 3.2. [gedaagde] voert verweer. Hij vindt dat hij de vordering niet hoeft te betalen. Hij stelt dat de behandeling door [tandartspraktijk] , waarvan nu betaling wordt gevorderd, niet goed is uitgevoerd. Hij licht toe dat hij wegens problemen met een kies op 4 februari 2025 bij een tandarts van het [tandartspraktijk] kwam, die een foto heeft gemaakt. Deze tandarts heeft op de foto de kies met het probleem aangewezen. De behandeling van die kies werd gepland op 6 februari 2025. Die dag heeft een andere tandarts echter aan een andere kies gewerkt dan die was aangewezen op de foto. Het probleem was dus niet opgelost en hij hield pijn. Op 10 februari 2025 is hij daarom weer naar de praktijk geweest. Hij werd toen door weer een andere tandarts geholpen. Deze heeft de behandelde kies een beetje bijgeslepen. Dat loste het probleem niet op. Uiteindelijk is op 25 februari 2025 de pijnlijke kies behandeld. 3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 4 De beoordeling 4.1. De kantonrechter zal de vordering van Infomedics afwijzen. Zij overweegt daartoe als volgt. 4.2. Infomedics heeft de feitelijke gang van zaken, zoals door [gedaagde] toegelicht, niet gemotiveerd weersproken. De kantonrechter gaat er daarom vanuit dat die toelichting klopt. [gedaagde] is op 6 februari 2025 behandeld aan een andere kies dan noodzakelijk was geoordeeld op basis van de foto van 4 februari 2025. Vervolgens gaat hij op 10 februari 2025 terug, omdat hij pijn heeft. Het bijslijpen van de behandelde kies, niet zijnde de kies die behandeling nodig had, loste het probleem niet op. De klacht waarvoor [gedaagde] aanvankelijk naar de tandarts ging is door een fout van de behandelend tandarts dus niet opgelost. Het [tandartspraktijk] heeft daarmee niet voldaan aan haar zorgverplichting jegens [gedaagde] . Zij is tekortgekomen in de nakoming van de behandelovereenkomst. De kosten van de behandeling op 6 februari 2025 en van de daaruit voortvloeiende behandeling op 10 februari 2025 kunnen dan ook niet voor rekening van [gedaagde] worden gebracht. Dit geldt ook voor de foto die op 4 februari 2025 is gemaakt. Die is uiteindelijk nodeloos gemaakt. [gedaagde] is niet op basis van die foto behandeld en voor de behandeling op 25 februari 2025 van de aangetaste kies is een nieuwe foto gemaakt. Die is ook door [gedaagde] betaald. 4.3. De kantonrechter volgt Infomedics niet in haar stelling dat [gedaagde] niet over de ondeugdelijkheid van de behandeling heeft geklaagd. Doordat [gedaagde] al op 10 februari 2025 terugkwam met pijnklachten en vervolgens twee weken later, kort voor en op 25 februari 2025 nogmaals, moet voor het [tandartspraktijk] duidelijk zijn geweest dat de behandeling niet voldeed en [gedaagde] daarover niet tevreden was. 4.4. Nu haar vordering tot betaling van de hoofdsom wordt afgewezen, heeft Infomedics ook geen recht op betaling van wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. Ook die vorderingen worden afgewezen. 4.5. Uit het voorgaande volgt dat Infomedics in het ongelijk wordt gesteld. Zij moet daarom de proceskosten betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden vastgesteld op € 100,- aan verletkosten. 5 De beslissing De kantonrechter 5.1. wijst de vorderingen van Infomedics af, 5.2. veroordeelt Infomedics in de proceskosten, waarvan € 100,- te betalen aan [gedaagde] . Dit vonnis is gewezen door mr. Van der Lende-Mulder Smit en in het openbaar uitgesproken op 18 februari 2026.