Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2024-09-03
ECLI:NL:RBZWB:2024:9321
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
1,085 tokens
Inleiding
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/424076 / FA RK 24/2994
Herstelbeschikking van 3 september 2024
[betrokkene]
,
geboren op [geboortedag] 1956 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. R.T.K. Davidse te Middelburg.
1Het verdere procesverloop
1.1
De rechtbank oordeelt op grond van de navolgende stukken:
- De beschikking met kenmerk C/02/424076 / FA RK 24/2994 van 19 juli 2024, schriftelijk uitgewerkt op 2 augustus 2024;
- het e-mailbericht d.d. 2 augustus 2024 van [zorgaanbieder], zorgaanbieder van betrokkene;
- het e-mail bericht van deze rechtbank d.d. 2 augustus 2024.
2De verdere beoordeling
2.1
[zorgaanbieder] heeft de rechtbank bij e-mail van 2 augustus 2024 verzocht een herstelbeschikking af te geven, nu in de beschikking 19 januari 2024 als expiratiedatum staat vermeld in plaats van 19 januari 2025.
2.2.
De advocaat van betrokkene en het Openbaar Ministerie zijn bij e-mail van 2 augustus 2024 in de gelegenheid gesteld zich binnen één week uit te laten over voornoemd verzoek. Op deze e-mail is niet gereageerd. Zoals in de mail van de rechtbank is vermeld, gaat de rechtbank er bij niet reageren vanuit dat de ontvanger zich kan vinden in het verzoek van [zorgaanbieder].
2.3.
De rechtbank overweegt als volgt. Op grond van artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) verbetert de rechtbank op verzoek van een partij kennelijke, voor partijen kenbare en voor eenvoudig herstel vatbare fouten. De rechtbank is van oordeel dat er een kennelijke verschrijving is opgetreden in het dictum van de beschikking van 19 juli 2024 nu het verzoek is toegewezen voor de duur van zes maanden, aldus tot en met 19 januari 2025, zoals ook blijkt uit de inhoud van de beschikking alsook uit de kennisgeving mondelinge uitspraak. De foutief vermelde datum betreft een datum in het verleden. Voornoemde verschrijving is voor eenvoudig herstel vatbaar. De belanghebbenden hebben niet laten weten bezwaar te hebben en worden geacht niet in hun belangen te zijn geschaad door de wijziging. De rechtbank zal derhalve op onderstaande wijze beslissen.
Dictum
De rechtbank:
bepaalt dat het navolgende gedeelte in het dictum van de beschikking van 19 juli 2024:
“bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 19 januari 2024.”
wordt gewijzigd in:
“bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 19 januari 2025.”
bepaalt dat deze wijziging onder vermelding van de datum 3 september 2024 wordt vermeld op de minuut van de beschikking van 19 juli 2024, schriftelijk uitgewerkt op 2 augustus 2024;
bepaalt dat de griffier van de verbeterde minuut van de beschikking van 19 juli 2024, schriftelijk uitgewerkt op 2 augustus 2024, aan de in de oorspronkelijke procedure verschenen partijen een afschrift, zo nodig opgemaakt in de executoriale vorm, verstrekt;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is mondeling gegeven door mr. Van Eck, rechter en in het openbaar uitgesproken op 3 september 2024 in tegenwoordigheid van mr. Oude Weernink als griffier.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.