Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2024-12-18
ECLI:NL:RBZWB:2024:8948
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
1,762 tokens
Inleiding
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/429364 / FA RK 24-5642
Datum uitspraak: 18 december 2024
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene]
,
geboren op [geboortedag] 1957 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
advocaat mr. J.E.S. de Rechter te Hulst.
1Het verloop van de procedure
1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in haar beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 2 december 2024.
1.2.
De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 18 december 2024. Daarbij zijn gehoord:
betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat, mr. J.E.S. de Rechter;
de heer [naam] , verpleegkundige FACT-team, behandelaar.
2Wat vaststaat
2.1.
De rechtbank heeft een machtiging verleend tot en met 22 januari 2025. Betrokkene verblijft op grond van deze machtiging bij [accommodatie] .
3Het verzoek
3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging voor de duur van twaalf maanden te verlenen.
4De standpunten
4.1.
Betrokkene geeft aan dat hij een beetje heeft moeten wennen aan de nieuwe accommodatie, maar dat het verder wel goed met hem gaat.
4.2.
De behandelaar vertelt dat hij een positieve verandering ziet bij betrokkene sinds hij in de nieuwe accommodatie verblijft. De verandering in omgeving doet betrokkene goed. Hij heeft op deze locatie meer ruimte en vrijheid. Ook in het contact ziet de behandelaar vooruitgang bij betrokkene. Dat geeft de behandelaar het gevoel dat ze goede keuzes hebben gemaakt.
4.3.
De advocaat onderschrijft wat de behandelaar zegt. Zij refereert zich aan het oordeel van de rechtbank. Daar voegt zij wel toe dat betrokkene wat moeite heeft met de verplichte medicatie, en dat hij liever in zijn eigen huis gewoond had.
Beoordeling
5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Bij betrokkene uit dit zich in de vorm van schizofrenie. Daarnaast ontbreekt hij het bij betrokkene aan ziektebesef en -inzicht.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
5.4.
Uit de overgelegde stukken blijkt dat betrokkene in het verleden regelmatig seksueel ontremd gedrag heeft laten zien. Daarnaast zijn er impulsuitbraken naar derden geweest. Verder zijn er aanwijzingen voor paranoïde wanen, die waarschijnlijk chronisch zijn. Tevens heeft betrokkene weinig mimiek, is hij kortaf in gesprek, heeft hij een beperkt netwerk en een beperkte daginvulling. Het ernstig nadeel bestaat uit een verergering van het psychiatrisch toestandsbeeld als het huidige behandelingskader en de medicatie worden gestopt.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene heeft aangegeven bij voorkeur geen bemoeienis meer te willen van de GGZ. Daarnaast stelt hij dat de medicatie hem alleen maar vergiftigt en dat hij er verder niets mee opschiet. Daarom is verplichte zorg nodig. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de mondelinge behandeling van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
5.7.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
5.8.
De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst, zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
Dictum
De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1957 in [geboorteplaats] , inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen als genoemd in paragraaf 5.6 kunnen worden getroffen;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 18 december 2025.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 18 december 2024 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. Brok, griffier, en op schrift gesteld op 27 december 2024.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.