Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2024-10-21
ECLI:NL:RBZWB:2024:8651
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
2,218 tokens
Inleiding
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/427739 / FA RK 24-4828
Datum uitspraak: 21 oktober 2024
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1995 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
advocaat mr. F.E.R.M. Verhagen te Breda.
1Het verloop van de procedure
1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in haar beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 18 oktober 2024.
1.2.
De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 21 oktober 2024. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat, mr. J.H.P.M. Verhagen, waarnemend voor mr. F.E.R.M. Verhagen;
- de heer [naam 1] , psychiater, behandelaar.
1.3.
Tevens waren de volgende personen aanwezig, deze zijn echter niet gehoord:
de heer [naam 2] , AOIS;
de heer [naam 3] , coassistent.
2Wat vaststaat
2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [het ziekenhuis]. De burgemeester van Tilburg heeft de crisismaatregel op 17 oktober 2024 genomen.
3Het verzoek
3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor de duur van drie weken te verlenen.
4De standpunten
4.1.
Betrokkene geeft aan dat zij niet tegen het gevoel van opgesloten zitten kan en dat ze nu geen opname wil. Ze kan niet binnen zijn en is van mening dat ze te weinig medicatie krijgt.
4.2.
De advocaat van betrokkene bepleit primair afwijzing van het verzoek. Betrokkene wil bij voorkeur naar huis en geeft aan dat de zorg ook ambulant verleend kan worden. Er gebeurt te weinig en betrokkene krijgt weinig voorlichting over hetgeen wel gebeurt. Subsidiair verzoekt de advocaat om bij toewijzing van het verzoek te kijken naar de eerdere beschikking, waarbij minder verplichte vormen van zorg werden toegewezen. De advocaat geeft aan dat er af te vragen is of de overige verzochte vormen van verplichte zorg noodzakelijk zijn. De advocaat stelt dat het belangrijk is voor betrokkene om een dak boven haar hoofd te hebben, maar dat het daar bij aan ontbreekt wanneer betrokkene de accommodatie nu verlaat.
4.3.
De behandelaar stelt dat hij is benaderd door de verslavingsarts omdat het erg slecht ging met betrokkene. Zo had ze geen vaste woon- of verblijfplaats, waren er zorgen om de seksuele contacten die ze had en is ze verslaafd aan GHB. Aan de behandelaar is gevraagd om een detoxificatieprogramma toe te passen op betrokkene. Dit proces kan vrij snel gaan, waarbij de hoeveelheid medicinale GHB binnen een paar dagen kan worden afgebouwd. Daarna kan betrokkene naar het Centrum Dubbele Diagnose. De motivatie om op de afdeling aanwezig te zijn ontbreekt echter bij betrokkene. De partner van betrokkene is ook verslaafd aan GHB en de behandelaar vreest dat betrokkene via bezoek alsnog meer GHB krijgt. Hierdoor is controle op het bezoek noodzakelijk.
Beoordeling
5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat betrokkene onder invloed van een ander raakt;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
5.3.
Betrokkene heeft eerder aangegeven dat zij hulp nodig heeft. Ze heeft haar gedrag echter niet in de hand door een excessief gebruik van GHB. Betrokkene zit vast in een continu herhalend patroon waarin intoxicatie, ontwenning en zucht elkaar zonder onderbreking afwisselen. Hierdoor is betrokkene geheel in de greep van haar problematiek. Betrokkene is recent veelvuldig in beeld geweest bij politie en crisisdiensten. Daarnaast is ze meerdere malen vervuild en half ontkleed aangetroffen. Door haar gedrag is haar de toegang tot de daklozenopvang ontzegd.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk middelengerelateerde en verslavingsstoornissen. Bij betrokkene is er sprake van persoonlijkheidsproblematiek, waarbij verslavingsgedrag en het gebruik van middelen op de voorgrond staat.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de mondelinge behandeling van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- beperken van het recht op het ontvangen van bezoek;
- opnemen in een accommodatie.
5.7.
Het recht van het ontvangen van bezoek wordt slechts beperkt voor zover deze bezoekers niet gecontroleerd zijn. Na controle op gedragsbeïnvloedende middelen zal dit bezoek dienen worden toegelaten.
5.8.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Een vrijwillige opname is enkele dagen voor ze crisismaatregel vroegtijdig door betrokkene beëindigd. Betrokkene heeft zelf eerder aangegeven dat ze niet in staat is om een vrijwillige behandeling af te maken, terwijl dit destijds wel haar wens was. Betrokkene heeft voor de mondelinge behandeling het plafond kapot gemaakt in een poging om langs die weg te ontsnappen.
5.9.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
5.10.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
Dictum
De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1995 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen zoals genoemd in paragraaf 5.6 kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 11 november 2024;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 21 oktober 2024 door mr. Willemsen, rechter, in aanwezigheid van mr. Brok, griffier en op schrift gesteld op 25 oktober 2024.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.