Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2023-11-15
ECLI:NL:RBZWB:2023:8050
Civiel recht
Bodemzaak
1,491 tokens
Inleiding
RECHTBANK
ZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Tilburg
Zaaknummer: 10574875 CV EXPL 23-2477
Vonnis van 15 november 2023
in de zaak van
ENEXIS NETBEHEER B.V.,
te 's-Hertogenbosch,
eisende partij,
hierna te noemen: Enexis,
gemachtigde: [gemachtigde] ,
tegen
[gedaagde]
,
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: Rechtswinkel Tilburg.
Procesverloop
1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties; - de conclusie van antwoord met producties; - de conclusie van repliek met producties; - de conclusie van dupliek.
1.2
Ten slotte is vonnis bepaald.
Geschil
2.1
Enexis heeft bij dagvaarding – samengevat – gevorderd een verklaring voor recht af te geven dat zij gerechtigd is om de aansluitingen op het energienetwerk op het verbruiksadres (zoals genoemd in de dagvaarding) af te sluiten, [gedaagde] te veroordelen tot (tijdelijke en gedeeltelijke) ontruiming van het verbruiksadres om deze aansluiting(en) te kunnen afsluiten en [gedaagde] te bevelen om de meters terug te geven aan Enexis. Enexis legt aan deze vorderingen ten grondslag dat [gedaagde] geen contract heeft afgesloten met een energieleverancier, nadat Enexis hier meerdere keren om heeft gevraagd. In zo’n situatie is Enexis, als netbeheerder, verplicht om het transport van energie te beëindigen, omdat zij geen energie, goederen of diensten mag leveren waarmee zij in concurrentie treedt.
2.2
[gedaagde] heeft in zijn conclusie van antwoord – samengevat – aangevoerd dat hij dacht dat hij een contract had bij een leverancier, maar dat dit enkel voor elektriciteit bleek te zijn. Het lukte [gedaagde] vervolgens niet om een nieuw contract af te sluiten met een andere leverancier. Inmiddels is dit wel gelukt. Per 15 juli 2023 heeft hij een contract afgesloten met een andere leverancier.
2.3
Enexis heeft bij akte – samengevat – haar vorderingen verminderd, omdat [gedaagde] inmiddels een energiecontract heeft afgesloten en de vorderingen over de afsluiting en de samenhangende kosten daarmee komen te vervallen. Wel vordert Enexis nog om [gedaagde] te veroordelen in de proceskosten, omdat [gedaagde] pas ná betekening van de dagvaarding het contract heeft afgesloten en [gedaagde] dit, ondanks meerdere verzoeken van Enexis, niet eerder heeft gedaan.
2.4
[gedaagde] voert aan dat hij het niet eens is met de proceskosten, omdat hij heeft geprobeerd om het energiecontract eerder af te sluiten maar hij werd geweigerd door Eneco.
2.5
Op de stellingen van partijen wordt, voor zover van belang, hieronder ingegaan.
Beoordeling
3.1
[gedaagde] heeft inmiddels een contract afgesloten met een andere energieleverancier. Daarom is het voor Enexis niet langer noodzakelijk om tot afsluiting van de aanwezige aansluitingen over gaan en heeft zij haar eis in die zin verminderd dat zij dat niet langer vordert. Dit betekent dat de kantonrechter alleen nog hoeft te beslissen over de proceskostenveroordeling. De kantonrechter beslist in dit geval dat [gedaagde] zal worden veroordeeld tot betaling van deze kosten. Hierbij wordt overwogen dat Enexis voldoende onderbouwd heeft gesteld dat [gedaagde] meerdere keren is gevraagd om een contact af te sluiten en dat dit niet gebeurde. De kantonrechter betreurt de (persoonlijke) omstandigheden die [gedaagde] heeft aangevoerd. Deze omstandigheden blijven evenwel voor rekening van [gedaagde] en komen niet voor rekening van Enexis. Het verweer van [gedaagde] dat hij – zodra duidelijk werd dat hij enkel een contract voor elektra had en niet voor gas – actie heeft ondernomen om alsnog zo spoedig mogelijk een leveringsovereenkomst aan te gaan, maken de beslissing van de kantonrechter niet anders. Nu vast staat dat [gedaagde] pas na betekening van de dagvaarding een nieuw energiecontract heeft afgesloten, terwijl hier al meerdere keren om was gevraagd door Enexis, is Enexis met recht een procedure begonnen en komen de kosten van deze procedure voor rekening van [gedaagde] .
3.2
Tot aan dit vonnis worden de proceskosten aan de zijde van Enexis als volgt vastgesteld:
- kosten van de dagvaarding
€
107,32
- griffierecht
€
128,00
- salaris gemachtigde
€
58,50
(1,50 punt × € 39,00)
Totaal
€
293,82
Dictum
De kantonrechter
4.1
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van Enexis tot dit vonnis vastgesteld op € 293,82,
4.2
wijst het meer of anders gevorderde af,
4.3
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Rouwen en in het openbaar uitgesproken op 15 november 2023.