Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2025-03-19
ECLI:NL:RBROT:2025:7114
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
14,764 tokens
Inleiding
vonnis
RECHTBANK ROTTERDAM
Team handel en haven
zaaknummer / rolnummer: C/10/685376 / HA ZA 24-761
Vonnis van 19 maart 2025
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
KOUDIJS ANIMAL NUTRITION B.V.,
gevestigd te Ede,
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
advocaat mr. P. Röttjers te Nijmegen,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
HMS ROTTERDAM B.V.,
gevestigd te Rotterdam,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
advocaat mr. M. Hoogenboom te Capelle aan den IJssel.
Partijen zullen hierna Koudijs en HMS genoemd worden.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
de dagvaarding van 13 juni 2024 met producties 1-24;
de conclusie van antwoord, tevens eis in reconventie van 20 november 2024 met producties 1-10;
het B-formulier van 27 februari 2025 met productie 11 van HMS;
de conclusie van antwoord in reconventie, tevens subsidiaire voorwaardelijke aanvulling/wijziging van eis in conventie van 28 februari 2025 met producties 25-43;
het B-formulier van 11 maart 2025 met productie 12 van HMS;
de spreekaantekeningen van mr. Röttjers namens Koudijs en van mr. Hoogenboom namens HMS voor de mondelinge behandeling van 12 maart 2025.
1.2.
Vervolgens is vonnis bepaald.
Feiten
2.1.
Koudijs produceert diervoeders en grondstoffen daarvan. Zij produceert onder meer voeder voor vleeskippen (“broilers”) en legkippen (“layers”).
2.2.
HMS is een handelsonderneming in voedingsmiddelen en voedingssupplementen.
2.3.
Bij e-mail van 27 januari 2020 heeft HMS aan Koudijs een prijsopgave gevraagd voor vleeskippenvoeder voor een klant in het Midden-Oosten:
“Beste [naam 1] ,
Zoals besproken. Zie bijlage! Mijn klant is gevestigd in Midden-Oosten. Het gaat om een eerste trial van 10 ton en daarna maandelijks minimaal 80 ton. Prijs opgave ex works en svp mijn marge aangeven. Omdat deze vraag al enige tijd ligt (hij is nog steeds actueel, afgelopen donderdag nog besproken) graag snel een aanbieding.”
2.4.
Koudijs heeft bij e-mail van 31 januari 2020 als volgt gereageerd;
“Op de valreep: de offerte voor de vleeskuikenvoeders. Zoals per telefoon besproken, bieden we onze standaard prestarter aan: een bewezen concept voor snelle ontwikkeling van het jonge kuiken, met een hogere slachtgewicht en betere FCR tot gevolg. Zie bijlage de specificaties van de 4 voeders, en de brochure van onze Galdus. Zie hieronder prijzen.
Code
Name
Price (€ /mTon)
Packaging
969574
Galdus
[bedrag 1]
25 kg
302-0101
Broiler Starter Crumble
[bedrag 2]
50 kg
303-0101
Broiler Grower Pellet
[bedrag 3]
50 kg
304-0101
Broiler Finisher Pellet
[bedrag 4]
50 kg
Ik hoop dat het duidelijk is, ik hoor graag je feedback!”
2.5.
In mei 2020 heeft HMS een eerste bestelling geplaatst voor vleeskippenvoeder namens haar klant in het Midden-Oosten. Die klant was Jenaan in de Verenigde Arabische Emiraten. Jenaan heeft in 2020 en 2021 via HMS verschillende orders bij Koudijs geplaatst. Van mei 2020 tot en met juni 2021 boekte Koudijs die orders op naam van Jenaan en factureerde Koudijs ook aan Jenaan. Met ingang van juli 2021 boekte Koudijs de orders ten behoeve van Jenaan op naam van HMS en factureerde zij ook aan HMS.
2.6.
In oktober 2021 heeft HMS aan Koudijs een prijsopgave gevraagd ten behoeve van een nieuwe activiteit van Jenaan in Saoedi Arabië. HMS schreef op 26 oktober 2021:
“Zoals net aangegeven wil Jenaan middels Daarzood biologische kipproductie gaan opzetten in KSA. Volgens de vereisten in KSA moet het voer 95% biologisch zijn. Graag prijsopgave voor 95% biologisch (Pre – Starter, Starter, Grower, Finisher).”
2.7.
Bij e-mail van 4 november 2021 heeft Koudijs op de e-mail van HMS gereageerd:
“Zie bijlage de volgende documenten:
Koudijs’ accreditatie van SKAL als supplier van organic feeds
Specification van Organic Broiler Starter Crumble feed
Specification van Organic Broiler Finisher Pellet feed
Deze voeders voldoen aan de eisen van SKAL aan biologisch voer; 95% van het product bestaat uit certified organic ingredients. Momenteel gebruiken wij in de biologische vleeskuikens 2 fasen voedering. Vanwege de beperkte keuze in grondstoffen, is het niet mogelijk een assortiment van 4 fasen te maken – zoals bij gebruikelijke vleeskuiken voeders. Prijzen zijn als volgt:
Organic Broiler Starter Feed: [bedrag 5] per ton FOB Rotterdam
Organic Broiler Finisher Feed: [bedrag 6] per ton FOB Rotterdam
Ik hoop je zo voldoende geïnformeerd te hebben.”
2.8.
Tot orders voor het Daarzood-project van Jezaan is het niet gekomen.
2.9.
In januari 2022 heeft HMS Koudijs gevraagd om een prijsopgave voor biologisch legkippenvoer. De prijsopgave van Koudijs van 13 januari 2022 draagt als onderwerp: “quotation organic layer feed”. In de e-mail van Koudijs staat dat het gaat om “SKAL certified organic layer feed”. Op 9 februari 2022 heeft HMS een eerste order biologisch legkippenvoer bij Koudijs besteld ten behoeve van Jenaan.
2.10.
Van december 2022 tot en met augustus 2023 heeft HMS bij Koudijs voor Jenaan dertien orders geplaatst voor voeders voor vleeskippen en legkippen. Koudijs heeft de voeders geleverd. Koudijs stuurde HMS facturen die tot een bedrag van € 555.316,95 niet zijn betaald.
Geschil
In conventie
3.1.
Koudijs vordert na wijziging van de eis dat de rechtbank, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:
“I
a. a) HMS [zal] veroordelen tot betaling van de openstaande facturen aan Koudijs voor het totaalbedrag van € 555.316,95, althans een in goede justitie te bepalen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW, vanaf de vervaldata van de verschillende facturen tot aan de dag der algehele voldoening;
b) HMS [zal] veroordelen tot betaling van € 4.551,58 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
c) HMS [zal] veroordelen in de kosten van deze procedure waaronder begrepen de nakosten, alsmede de wettelijke rente over de proces- en nakosten indien HMS deze niet binnenveertien dagen na dagtekening van het vonnis aan eiseres heeft voldaan.
II
Voor het geval de reconventionele vordering van HMS zou worden toegewezen, vordert Koudijs in conventie subsidiair terugbetaling van de alsdan onverschuldigd betaalde verkoopcommissie facturen, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf het moment waarop de individuele verkoopcommissiebedragen zijn betaald.”
3.2.
Koudijs legt het volgende aan haar vordering ten grondslag. Tussen Koudijs en HMS zijn bij elke order koopovereenkomsten tot stand gekomen. Koudijs heeft geleverd wat zij moest leveren. Daarom moet ook HMS nakomen en de overeengekomen koopprijs betalen.
3.3.
HMS voert verweer. Zij concludeert:
“dat het de Rechtbank Rotterdam, locatie Rotterdam, sector civiel, moge behagen bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
(…) Koudijs niet-ontvankelijk te verklaren in hetgeen zij heeft gevorderd, althans het door haar gevorderde af te wijzen;
(…)
Koudijs, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, te veroordelen in de kosten van deze procedure, zulks tegen de geldende forfaitaire tarieven.”
3.4.
HMS voert het verweer dat zij door Koudijs is bedrogen, althans dat zij heeft gedwaald, althans dat sprake is van wederzijdse dwaling. Hiertoe stelt HMS dat het voeder voor vleeskippen dat Koudijs heeft geleverd niet biologisch is, terwijl HMS dat mocht verwachten. Koudijs heeft opzettelijk een verkeerde voorstelling van zaken gegeven, althans HMS is afgegaan op de informatie van Koudijs. HMS zou het voeder niet of niet op dezelfde voorwaarden hebben gekocht als zij had geweten dat het voeder niet biologisch was. HMS heeft de koopovereenkomsten buitengerechtelijk vernietigd en hoeft de facturen daarom niet te betalen. Voor zover de facturen zien op legkippenvoeder schort HMS betaling op, omdat zij betwijfelt of dit voeder wel biologisch is. Voor zover de facturen voor het legkippenvoer betaald moeten worden, verrekent HMS de schuld aan Koudijs met haar vordering uit onverschuldigde betaling.
In reconventie
3.5.
HMS vordert:
“dat het de Rechtbank Rotterdam, locatie Rotterdam, sector civiel, moge behagen bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
(…)
I. voor recht te verklaren dat HMS terecht de met Koudijs gesloten koopovereenkomsten in de periode 2020 tot en met 2023 voor de verkoop van biologisch vleeskuikenvoeder buitengerechtelijk heeft vernietigd op grond van bedrog, dan wel dwaling;
II. Koudijs, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 1.538.225,-, althans € 1.413.661,16, althans een in goede justitie te bepalen bedrag, aan HMS, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente, althans de wettelijke rente, vanaf primair de datum dat Koudijs de (teruggevorderde) onderscheidenlijke betalingen heeft ontvangen en subsidiair vanaf 1 december 2024, tot de dag der algehele betaling;
III. voor recht te verklaren dat Koudijs onrechtmatig heeft gehandeld jegens HMS, door het ten onrechte doen voorkomen alsof dat het verkochte/geleverde vleeskuikenvoeder biologisch was en/of HMS niet te berichten dat het vleeskuikenvoeder niet als biologisch kon gelden en voorts geen biologisch vleeskuikenvoeder te leveren, en aansprakelijk is voor de daardoor ontstane schade, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;
(…)
Koudijs, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, te veroordelen in de kosten van deze procedure, zulks tegen de geldende forfaitaire tarieven.”
3.6.
Aan haar vordering in reconventie legt HMS het volgende ten grondslag. HMS heeft op de gronden die in conventie zijn aangevoerd alle koopovereenkomsten vernietigd, ook de koopovereenkomsten voor leveringen in het verleden die HMS wel heeft betaald. Daarom moet Koudijs € 1.538.225,00 als onverschuldigd betaald terugbetalen. Dat bedrag is € 1.413.661,16, indien het beroep van HMS op verrekening in conventie wordt gehonoreerd. Koudijs heeft bovendien onrechtmatig gehandeld door HMS opzettelijk voedingsmiddelen te verkopen als biologisch terwijl zij dat in werkelijkheid niet waren.
3.7.
Koudijs voert verweer, waarop hierna voor zover nodig wordt ingegaan.
Beoordeling
In conventie
3.8.
HMS heeft tijdens de mondelinge behandeling bevestigd dat zij de facturen van Koudijs als zodanig niet betwist. Daarom staat vast dat HMS de facturen ten bedrage van € 555.316,95 moet betalen, tenzij haar beroep op vernietiging wegens een wilsgebrek (bedrog of dwaling) en/of op verrekening slaagt. De rechtbank verwerpt dat beroep op een wilsgebrek en op verrekening en legt hierna uit waarom.
Vleeskippenvoeder
3.9.
Het meest verstrekkende verweer van HMS is dat zij door Koudijs is bedrogen en onder invloed van bedrog vleeskippenvoeder bij Koudijs heeft gekocht. Bedrog is aanwezig, wanneer iemand een ander tot het verrichten van een bepaalde rechtshandeling beweegt door enige opzettelijk daartoe gedane onjuiste mededeling, door het opzettelijk daartoe verzwijgen van enig feit dat de verzwijger verplicht was mede te delen, of door een andere kunstgreep.
3.10.
HMS stelt dat zij orders voor vleeskippenvoer bij Koudijs heeft geplaatst in de veronderstelling dat het vleeskippenvoer biologisch was. HMS stelt dat Koudijs haar opzettelijk in die veronderstelling heeft gebracht door:
het e-mailverkeer rond de prijsopgave voor Jenaan in januari 2020;
het verstrekken van certificaten;
het e-mailverkeer rond het Daarzood-project in oktober/november 2021 en met name de verklaring dat 85% of 95% biologisch vleeskuikenvoeder als biologisch mag worden aangemerkt;
de gespreksnotities van een bespreking van op 21 juni 2022, gemaakt door [naam 2] van Koudijs. Daarin staat dat HMS“Momenteel ong. 200 ton Biologisch Broiler voer per maand en een kleine hoeveelheid Legvoer” bestelt;
een WhatsApp van 21 november 2023, waarin [naam 2] schreef in reactie op de vraag van HMS of Koudijs een klant van HMS had benaderd: “Op biologisch gebied zeker niet, want dat doen we met jullie (…)”.
3.11.
Koudijs heeft de stellingen van HMS betwist. Zij heeft in dit verband het volgende aangevoerd:
HMS heeft bij geen enkele order voor vleeskippenvoer gevraagd om organisch voer. In de email van 31 januari 2020, waarmee Koudijs heeft gereageerd op het verzoek van HMS voor een prijsopgave voor een “klant in het Midden-Oosten” staat uitdrukkelijk dat de prijsopgave ziet op “standaard prestarter”;
de enige keer dat Jenaan (niet HMS) aan “organic feed” refereerde, heeft Koudijs HMS daarop gewezen in een e-mail van 15 april 2020 (productie 1 van HMS); dat heeft HMS niet weerhouden van het bestellen van “standard prestarter”;
de prijsopgave voor het Daarzood-project was wel voor biologisch vleeskippenvoer, omdat HMS daar toen expliciet om vroeg. Dat project heeft echter nooit tot orders geleid. Door deze prijsopgave wist HMS in ieder geval in oktober/november 2021 dat biologisch vleeskippenvoeder veel duurder is dan het gewone vleeskippenvoeder dat HMS al bij Koudijs bestelde;
Koudijs heeft nooit verklaard dat vleeskippenvoeder biologisch is, indien 85% of 95% van de ingrediënten biologisch is; HMS heeft in haar e-mail van 26 oktober 2021 over het Daarzood-project gesteld dat in Saoedi-Arabië geldt dat het voer 95% biologisch moet zijn. Aan die eis van HMS heeft Koudijs gerefereerd;
bij de prijsopgave voor legkippenvoeder in januari 2022 ging het wel om biologisch voeder, omdat HMS daar toen expliciet om vroeg. In de prijsopgave staat ook uitdrukkelijk dat het ging om biologisch legkippenvoeder;
HMS heeft “Process Certificates” en een “Organic certificate” overgelegd (productie 3 van HMS). Die certificaten zeggen alleen iets over Koudijs als producent en niets over de voeders die HMS heeft gekocht;
HMS heeft een Certificate of Analysis overgelegd van Broiler Starter Crumble (productie 4 van HMS) en daarop staat niet dat dat biologisch voeder is. Koudijs heeft dat ook nooit gepretendeerd;
op de orderbevestigingen en de facturen staat altijd of het gaat om biologisch voeder of niet. Op de facturen voor het legkippenvoeder staat “organic” en op de facturen voor het vleeskippenvoeder niet (producties 24, 40 en 42 van Koudijs);
de gespreknotities van 21 juni 2022 berusten op een vergissing. [naam 2] heeft volgens een door Koudijs overgelegde verklaring (productie 41 van Koudijs) bedoeld: “Momenteel ong. 200 ton Broiler voer per maand en een kleine hoeveelheid Biologisch Legvoer”. Dat sluit aan bij de facturen die Koudijs heeft gestuurd, de foutieve weergave in de gespreksaantekeningen sluit daar niet bij aan;
[naam 2] heeft tijdens de mondelinge behandeling desgevraagd verklaard dat zijn WhatsApp van 21 november 2023 betrekking heeft op legkippenvoeder, niet op vleeskippenvoeder.
3.12.
Het beroep van HMS op bedrog faalt. Tegenover de concrete en onderbouwde betwisting van Koudijs heeft HMS onvoldoende concreet gesteld door welke mededeling of verzwijging van Koudijs HMS in de veronderstelling is gebracht dat zij biologisch vleeskippenvoeder kocht. HMS heeft niet weersproken dat zij in 2020, voor de eerste levering aan Jenaan, een offerte ontving voor onder meer “standaard prestarter”. De enige keer dat in een door HMS aan Koudijs doorgestuurde mededeling van Jenaan terloops het woord “organic” viel, heeft Koudijs HMS daarop gewezen. Pas daarna heeft HMS “standaard prestarter” besteld en die heeft zij ook gekregen. In de contacten nadien is het onderscheid tussen “biologisch” en “niet-biologisch” consequent benoemd, bijvoorbeeld in de offerteaanvragen voor het Daarzood-project en voor het legkippenvoeder en in de facturen. Ook de certificaten kunnen aan het gestelde bedrog niet hebben bijgedragen, omdat daarin geen mededeling over het vleeskippenvoeder staat. Dat de gespreksaantekeningen van 21 juni 2022 op een vergissing berustten, is aannemelijk, omdat HMS niet heeft weersproken dat wat [naam 2] bedoelde wel aansluit op de facturen en wat er in die aantekeningen staat niet. Dat de WhatsApp van [naam 2] van 21 november 2023 betrekking had op legkippenvoeder, heeft HMS niet weersproken.
3.13.
Het beroep op dwaling faalt eveneens. Ook voor een beroep op dwaling is vereist dat de dwaling te wijten is aan een inlichting of zwijgen van de wederpartij over een feit dat voor de wederpartij essentieel is. Zoals hiervoor onder 3.12 is geoordeeld, heeft HMS onvoldoende concreet gesteld door welke mededeling of verzwijging van Koudijs HMS in de veronderstelling is gebracht dat zij biologisch vleeskippenvoeder kocht. Van wederzijdse dwaling is ook geen sprake. HMS heeft niet gesteld dat Koudijs ook zelf meende dat zij biologisch vleeskippenvoeder leverde.
3.14.
In dit oordeel ten aanzien van de gestelde wilsgebreken betrekt de rechtbank ook dat HMS in de correspondentie over de openstaande facturen aanvankelijk geen beroep op een wilsgebrek heeft gedaan. In haar e-mail van 14 september 2023 heeft HMS geschreven dat de betalingsachterstand is ontstaan, omdat “als gevolg van een importverbod op vogelproducten vanuit Europa de UAE-markt dit voorjaar op slot heeft gezeten.” Op 2 oktober 2023 schreef HMS dat zij nog niet hoefde te betalen, omdat Koudijs haar in het verleden leverancierskrediet verleende. HMS heeft in een e-mail van haar advocaat van 14 februari 2024, toen HMS meerdere keren tot betaling was gesommeerd, voor het eerst verklaard dat “recent naar voren is gekomen” dat Koudijs “ongecertificeerde leveringen heeft gedaan waar zulks niet overeengekomen/ toegestaan was en met verkeerde voorlichting derhalve onterecht heeft doen voorkomen dat de leveringen aan de overeenkomst beantwoordden”.
Dictum
De rechtbank
in conventie
4.1.
veroordeelt HMS om aan Koudijs te betalen een bedrag van € 555.316,95, (vijfhonderdvijfenvijftigduizend driehonderdzestien euro en vijfennegentig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over de onbetaald gebleven bedragen in de rechterkolom van de tabel die hiervoor onder 2.10 is weergegeven vanaf de vervaldatum die op dezelfde regel voor het onbetaald gebleven bedrag is vermeld tot aan de dag van algehele betaling,
4.2.
veroordeelt HMS om aan Koudijs te betalen een bedrag van € 4.551,58 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf de dag van dagvaarding tot aan de dag van algehele betaling,
4.3.
veroordeelt HMS in de proceskosten van € 17.516,12, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als HMS niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet HMS € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening,
4.4.
veroordeelt HMS in de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan,
4.5.
verklaart de veroordelingen in dit vonnis in conventie uitvoerbaar bij voorraad,
4.6.
wijst het meer of anders gevorderde af,
in reconventie
4.7.
wijst de vorderingen van HMS af.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.D. Olden. Het is ondertekend door de rolrechter en in het openbaar uitgesproken op 19 maart 2025.
[1729;3669]
Inleiding
vonnis
RECHTBANK ROTTERDAM
Team handel en haven
zaaknummer / rolnummer: C/10/685376 / HA ZA 24-761
Vonnis van 19 maart 2025
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
KOUDIJS ANIMAL NUTRITION B.V.,
gevestigd te Ede,
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
advocaat mr. P. Röttjers te Nijmegen,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
HMS ROTTERDAM B.V.,
gevestigd te Rotterdam,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
advocaat mr. M. Hoogenboom te Capelle aan den IJssel.
Partijen zullen hierna Koudijs en HMS genoemd worden.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
de dagvaarding van 13 juni 2024 met producties 1-24;
de conclusie van antwoord, tevens eis in reconventie van 20 november 2024 met producties 1-10;
het B-formulier van 27 februari 2025 met productie 11 van HMS;
de conclusie van antwoord in reconventie, tevens subsidiaire voorwaardelijke aanvulling/wijziging van eis in conventie van 28 februari 2025 met producties 25-43;
het B-formulier van 11 maart 2025 met productie 12 van HMS;
de spreekaantekeningen van mr. Röttjers namens Koudijs en van mr. Hoogenboom namens HMS voor de mondelinge behandeling van 12 maart 2025.
1.2.
Vervolgens is vonnis bepaald.
Feiten
2.1.
Koudijs produceert diervoeders en grondstoffen daarvan. Zij produceert onder meer voeder voor vleeskippen (“broilers”) en legkippen (“layers”).
2.2.
HMS is een handelsonderneming in voedingsmiddelen en voedingssupplementen.
2.3.
Bij e-mail van 27 januari 2020 heeft HMS aan Koudijs een prijsopgave gevraagd voor vleeskippenvoeder voor een klant in het Midden-Oosten:
“Beste [naam 1] ,
Zoals besproken. Zie bijlage! Mijn klant is gevestigd in Midden-Oosten. Het gaat om een eerste trial van 10 ton en daarna maandelijks minimaal 80 ton. Prijs opgave ex works en svp mijn marge aangeven. Omdat deze vraag al enige tijd ligt (hij is nog steeds actueel, afgelopen donderdag nog besproken) graag snel een aanbieding.”
2.4.
Koudijs heeft bij e-mail van 31 januari 2020 als volgt gereageerd;
“Op de valreep: de offerte voor de vleeskuikenvoeders. Zoals per telefoon besproken, bieden we onze standaard prestarter aan: een bewezen concept voor snelle ontwikkeling van het jonge kuiken, met een hogere slachtgewicht en betere FCR tot gevolg. Zie bijlage de specificaties van de 4 voeders, en de brochure van onze Galdus. Zie hieronder prijzen.
Code
Name
Price (€ /mTon)
Packaging
969574
Galdus
[bedrag 1]
25 kg
302-0101
Broiler Starter Crumble
[bedrag 2]
50 kg
303-0101
Broiler Grower Pellet
[bedrag 3]
50 kg
304-0101
Broiler Finisher Pellet
[bedrag 4]
50 kg
Ik hoop dat het duidelijk is, ik hoor graag je feedback!”
2.5.
In mei 2020 heeft HMS een eerste bestelling geplaatst voor vleeskippenvoeder namens haar klant in het Midden-Oosten. Die klant was Jenaan in de Verenigde Arabische Emiraten. Jenaan heeft in 2020 en 2021 via HMS verschillende orders bij Koudijs geplaatst. Van mei 2020 tot en met juni 2021 boekte Koudijs die orders op naam van Jenaan en factureerde Koudijs ook aan Jenaan. Met ingang van juli 2021 boekte Koudijs de orders ten behoeve van Jenaan op naam van HMS en factureerde zij ook aan HMS.
2.6.
In oktober 2021 heeft HMS aan Koudijs een prijsopgave gevraagd ten behoeve van een nieuwe activiteit van Jenaan in Saoedi Arabië. HMS schreef op 26 oktober 2021:
“Zoals net aangegeven wil Jenaan middels Daarzood biologische kipproductie gaan opzetten in KSA. Volgens de vereisten in KSA moet het voer 95% biologisch zijn. Graag prijsopgave voor 95% biologisch (Pre – Starter, Starter, Grower, Finisher).”
2.7.
Bij e-mail van 4 november 2021 heeft Koudijs op de e-mail van HMS gereageerd:
“Zie bijlage de volgende documenten:
Koudijs’ accreditatie van SKAL als supplier van organic feeds
Specification van Organic Broiler Starter Crumble feed
Specification van Organic Broiler Finisher Pellet feed
Deze voeders voldoen aan de eisen van SKAL aan biologisch voer; 95% van het product bestaat uit certified organic ingredients. Momenteel gebruiken wij in de biologische vleeskuikens 2 fasen voedering. Vanwege de beperkte keuze in grondstoffen, is het niet mogelijk een assortiment van 4 fasen te maken – zoals bij gebruikelijke vleeskuiken voeders. Prijzen zijn als volgt:
Organic Broiler Starter Feed: [bedrag 5] per ton FOB Rotterdam
Organic Broiler Finisher Feed: [bedrag 6] per ton FOB Rotterdam
Ik hoop je zo voldoende geïnformeerd te hebben.”
2.8.
Tot orders voor het Daarzood-project van Jezaan is het niet gekomen.
2.9.
In januari 2022 heeft HMS Koudijs gevraagd om een prijsopgave voor biologisch legkippenvoer. De prijsopgave van Koudijs van 13 januari 2022 draagt als onderwerp: “quotation organic layer feed”. In de e-mail van Koudijs staat dat het gaat om “SKAL certified organic layer feed”. Op 9 februari 2022 heeft HMS een eerste order biologisch legkippenvoer bij Koudijs besteld ten behoeve van Jenaan.
2.10.
Van december 2022 tot en met augustus 2023 heeft HMS bij Koudijs voor Jenaan dertien orders geplaatst voor voeders voor vleeskippen en legkippen. Koudijs heeft de voeders geleverd. Koudijs stuurde HMS facturen die tot een bedrag van € 555.316,95 niet zijn betaald.
Geschil
In conventie
3.1.
Koudijs vordert na wijziging van de eis dat de rechtbank, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:
“I
a. a) HMS [zal] veroordelen tot betaling van de openstaande facturen aan Koudijs voor het totaalbedrag van € 555.316,95, althans een in goede justitie te bepalen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW, vanaf de vervaldata van de verschillende facturen tot aan de dag der algehele voldoening;
b) HMS [zal] veroordelen tot betaling van € 4.551,58 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
c) HMS [zal] veroordelen in de kosten van deze procedure waaronder begrepen de nakosten, alsmede de wettelijke rente over de proces- en nakosten indien HMS deze niet binnenveertien dagen na dagtekening van het vonnis aan eiseres heeft voldaan.
II
Voor het geval de reconventionele vordering van HMS zou worden toegewezen, vordert Koudijs in conventie subsidiair terugbetaling van de alsdan onverschuldigd betaalde verkoopcommissie facturen, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf het moment waarop de individuele verkoopcommissiebedragen zijn betaald.”
3.2.
Koudijs legt het volgende aan haar vordering ten grondslag. Tussen Koudijs en HMS zijn bij elke order koopovereenkomsten tot stand gekomen. Koudijs heeft geleverd wat zij moest leveren. Daarom moet ook HMS nakomen en de overeengekomen koopprijs betalen.
3.3.
HMS voert verweer. Zij concludeert:
“dat het de Rechtbank Rotterdam, locatie Rotterdam, sector civiel, moge behagen bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
(…) Koudijs niet-ontvankelijk te verklaren in hetgeen zij heeft gevorderd, althans het door haar gevorderde af te wijzen;
(…)
Koudijs, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, te veroordelen in de kosten van deze procedure, zulks tegen de geldende forfaitaire tarieven.”
3.4.
HMS voert het verweer dat zij door Koudijs is bedrogen, althans dat zij heeft gedwaald, althans dat sprake is van wederzijdse dwaling. Hiertoe stelt HMS dat het voeder voor vleeskippen dat Koudijs heeft geleverd niet biologisch is, terwijl HMS dat mocht verwachten. Koudijs heeft opzettelijk een verkeerde voorstelling van zaken gegeven, althans HMS is afgegaan op de informatie van Koudijs. HMS zou het voeder niet of niet op dezelfde voorwaarden hebben gekocht als zij had geweten dat het voeder niet biologisch was. HMS heeft de koopovereenkomsten buitengerechtelijk vernietigd en hoeft de facturen daarom niet te betalen. Voor zover de facturen zien op legkippenvoeder schort HMS betaling op, omdat zij betwijfelt of dit voeder wel biologisch is. Voor zover de facturen voor het legkippenvoer betaald moeten worden, verrekent HMS de schuld aan Koudijs met haar vordering uit onverschuldigde betaling.
In reconventie
3.5.
HMS vordert:
“dat het de Rechtbank Rotterdam, locatie Rotterdam, sector civiel, moge behagen bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
(…)
I. voor recht te verklaren dat HMS terecht de met Koudijs gesloten koopovereenkomsten in de periode 2020 tot en met 2023 voor de verkoop van biologisch vleeskuikenvoeder buitengerechtelijk heeft vernietigd op grond van bedrog, dan wel dwaling;
II. Koudijs, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 1.538.225,-, althans € 1.413.661,16, althans een in goede justitie te bepalen bedrag, aan HMS, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente, althans de wettelijke rente, vanaf primair de datum dat Koudijs de (teruggevorderde) onderscheidenlijke betalingen heeft ontvangen en subsidiair vanaf 1 december 2024, tot de dag der algehele betaling;
III. voor recht te verklaren dat Koudijs onrechtmatig heeft gehandeld jegens HMS, door het ten onrechte doen voorkomen alsof dat het verkochte/geleverde vleeskuikenvoeder biologisch was en/of HMS niet te berichten dat het vleeskuikenvoeder niet als biologisch kon gelden en voorts geen biologisch vleeskuikenvoeder te leveren, en aansprakelijk is voor de daardoor ontstane schade, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;
(…)
Koudijs, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, te veroordelen in de kosten van deze procedure, zulks tegen de geldende forfaitaire tarieven.”
3.6.
Aan haar vordering in reconventie legt HMS het volgende ten grondslag. HMS heeft op de gronden die in conventie zijn aangevoerd alle koopovereenkomsten vernietigd, ook de koopovereenkomsten voor leveringen in het verleden die HMS wel heeft betaald. Daarom moet Koudijs € 1.538.225,00 als onverschuldigd betaald terugbetalen. Dat bedrag is € 1.413.661,16, indien het beroep van HMS op verrekening in conventie wordt gehonoreerd. Koudijs heeft bovendien onrechtmatig gehandeld door HMS opzettelijk voedingsmiddelen te verkopen als biologisch terwijl zij dat in werkelijkheid niet waren.
3.7.
Koudijs voert verweer, waarop hierna voor zover nodig wordt ingegaan.
Beoordeling
In conventie
3.8.
HMS heeft tijdens de mondelinge behandeling bevestigd dat zij de facturen van Koudijs als zodanig niet betwist. Daarom staat vast dat HMS de facturen ten bedrage van € 555.316,95 moet betalen, tenzij haar beroep op vernietiging wegens een wilsgebrek (bedrog of dwaling) en/of op verrekening slaagt. De rechtbank verwerpt dat beroep op een wilsgebrek en op verrekening en legt hierna uit waarom.
Vleeskippenvoeder
3.9.
Het meest verstrekkende verweer van HMS is dat zij door Koudijs is bedrogen en onder invloed van bedrog vleeskippenvoeder bij Koudijs heeft gekocht. Bedrog is aanwezig, wanneer iemand een ander tot het verrichten van een bepaalde rechtshandeling beweegt door enige opzettelijk daartoe gedane onjuiste mededeling, door het opzettelijk daartoe verzwijgen van enig feit dat de verzwijger verplicht was mede te delen, of door een andere kunstgreep.
3.10.
HMS stelt dat zij orders voor vleeskippenvoer bij Koudijs heeft geplaatst in de veronderstelling dat het vleeskippenvoer biologisch was. HMS stelt dat Koudijs haar opzettelijk in die veronderstelling heeft gebracht door:
het e-mailverkeer rond de prijsopgave voor Jenaan in januari 2020;
het verstrekken van certificaten;
het e-mailverkeer rond het Daarzood-project in oktober/november 2021 en met name de verklaring dat 85% of 95% biologisch vleeskuikenvoeder als biologisch mag worden aangemerkt;
de gespreksnotities van een bespreking van op 21 juni 2022, gemaakt door [naam 2] van Koudijs. Daarin staat dat HMS“Momenteel ong. 200 ton Biologisch Broiler voer per maand en een kleine hoeveelheid Legvoer” bestelt;
een WhatsApp van 21 november 2023, waarin [naam 2] schreef in reactie op de vraag van HMS of Koudijs een klant van HMS had benaderd: “Op biologisch gebied zeker niet, want dat doen we met jullie (…)”.
3.11.
Koudijs heeft de stellingen van HMS betwist. Zij heeft in dit verband het volgende aangevoerd:
HMS heeft bij geen enkele order voor vleeskippenvoer gevraagd om organisch voer. In de email van 31 januari 2020, waarmee Koudijs heeft gereageerd op het verzoek van HMS voor een prijsopgave voor een “klant in het Midden-Oosten” staat uitdrukkelijk dat de prijsopgave ziet op “standaard prestarter”;
de enige keer dat Jenaan (niet HMS) aan “organic feed” refereerde, heeft Koudijs HMS daarop gewezen in een e-mail van 15 april 2020 (productie 1 van HMS); dat heeft HMS niet weerhouden van het bestellen van “standard prestarter”;
de prijsopgave voor het Daarzood-project was wel voor biologisch vleeskippenvoer, omdat HMS daar toen expliciet om vroeg. Dat project heeft echter nooit tot orders geleid. Door deze prijsopgave wist HMS in ieder geval in oktober/november 2021 dat biologisch vleeskippenvoeder veel duurder is dan het gewone vleeskippenvoeder dat HMS al bij Koudijs bestelde;
Koudijs heeft nooit verklaard dat vleeskippenvoeder biologisch is, indien 85% of 95% van de ingrediënten biologisch is; HMS heeft in haar e-mail van 26 oktober 2021 over het Daarzood-project gesteld dat in Saoedi-Arabië geldt dat het voer 95% biologisch moet zijn. Aan die eis van HMS heeft Koudijs gerefereerd;
bij de prijsopgave voor legkippenvoeder in januari 2022 ging het wel om biologisch voeder, omdat HMS daar toen expliciet om vroeg. In de prijsopgave staat ook uitdrukkelijk dat het ging om biologisch legkippenvoeder;
HMS heeft “Process Certificates” en een “Organic certificate” overgelegd (productie 3 van HMS). Die certificaten zeggen alleen iets over Koudijs als producent en niets over de voeders die HMS heeft gekocht;
HMS heeft een Certificate of Analysis overgelegd van Broiler Starter Crumble (productie 4 van HMS) en daarop staat niet dat dat biologisch voeder is. Koudijs heeft dat ook nooit gepretendeerd;
op de orderbevestigingen en de facturen staat altijd of het gaat om biologisch voeder of niet. Op de facturen voor het legkippenvoeder staat “organic” en op de facturen voor het vleeskippenvoeder niet (producties 24, 40 en 42 van Koudijs);
de gespreknotities van 21 juni 2022 berusten op een vergissing. [naam 2] heeft volgens een door Koudijs overgelegde verklaring (productie 41 van Koudijs) bedoeld: “Momenteel ong. 200 ton Broiler voer per maand en een kleine hoeveelheid Biologisch Legvoer”. Dat sluit aan bij de facturen die Koudijs heeft gestuurd, de foutieve weergave in de gespreksaantekeningen sluit daar niet bij aan;
[naam 2] heeft tijdens de mondelinge behandeling desgevraagd verklaard dat zijn WhatsApp van 21 november 2023 betrekking heeft op legkippenvoeder, niet op vleeskippenvoeder.
3.12.
Het beroep van HMS op bedrog faalt. Tegenover de concrete en onderbouwde betwisting van Koudijs heeft HMS onvoldoende concreet gesteld door welke mededeling of verzwijging van Koudijs HMS in de veronderstelling is gebracht dat zij biologisch vleeskippenvoeder kocht. HMS heeft niet weersproken dat zij in 2020, voor de eerste levering aan Jenaan, een offerte ontving voor onder meer “standaard prestarter”. De enige keer dat in een door HMS aan Koudijs doorgestuurde mededeling van Jenaan terloops het woord “organic” viel, heeft Koudijs HMS daarop gewezen. Pas daarna heeft HMS “standaard prestarter” besteld en die heeft zij ook gekregen. In de contacten nadien is het onderscheid tussen “biologisch” en “niet-biologisch” consequent benoemd, bijvoorbeeld in de offerteaanvragen voor het Daarzood-project en voor het legkippenvoeder en in de facturen. Ook de certificaten kunnen aan het gestelde bedrog niet hebben bijgedragen, omdat daarin geen mededeling over het vleeskippenvoeder staat. Dat de gespreksaantekeningen van 21 juni 2022 op een vergissing berustten, is aannemelijk, omdat HMS niet heeft weersproken dat wat [naam 2] bedoelde wel aansluit op de facturen en wat er in die aantekeningen staat niet. Dat de WhatsApp van [naam 2] van 21 november 2023 betrekking had op legkippenvoeder, heeft HMS niet weersproken.
3.13.
Het beroep op dwaling faalt eveneens. Ook voor een beroep op dwaling is vereist dat de dwaling te wijten is aan een inlichting of zwijgen van de wederpartij over een feit dat voor de wederpartij essentieel is. Zoals hiervoor onder 3.12 is geoordeeld, heeft HMS onvoldoende concreet gesteld door welke mededeling of verzwijging van Koudijs HMS in de veronderstelling is gebracht dat zij biologisch vleeskippenvoeder kocht. Van wederzijdse dwaling is ook geen sprake. HMS heeft niet gesteld dat Koudijs ook zelf meende dat zij biologisch vleeskippenvoeder leverde.
3.14.
In dit oordeel ten aanzien van de gestelde wilsgebreken betrekt de rechtbank ook dat HMS in de correspondentie over de openstaande facturen aanvankelijk geen beroep op een wilsgebrek heeft gedaan. In haar e-mail van 14 september 2023 heeft HMS geschreven dat de betalingsachterstand is ontstaan, omdat “als gevolg van een importverbod op vogelproducten vanuit Europa de UAE-markt dit voorjaar op slot heeft gezeten.” Op 2 oktober 2023 schreef HMS dat zij nog niet hoefde te betalen, omdat Koudijs haar in het verleden leverancierskrediet verleende. HMS heeft in een e-mail van haar advocaat van 14 februari 2024, toen HMS meerdere keren tot betaling was gesommeerd, voor het eerst verklaard dat “recent naar voren is gekomen” dat Koudijs “ongecertificeerde leveringen heeft gedaan waar zulks niet overeengekomen/ toegestaan was en met verkeerde voorlichting derhalve onterecht heeft doen voorkomen dat de leveringen aan de overeenkomst beantwoordden”.
Dictum
De rechtbank
in conventie
4.1.
veroordeelt HMS om aan Koudijs te betalen een bedrag van € 555.316,95, (vijfhonderdvijfenvijftigduizend driehonderdzestien euro en vijfennegentig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over de onbetaald gebleven bedragen in de rechterkolom van de tabel die hiervoor onder 2.10 is weergegeven vanaf de vervaldatum die op dezelfde regel voor het onbetaald gebleven bedrag is vermeld tot aan de dag van algehele betaling,
4.2.
veroordeelt HMS om aan Koudijs te betalen een bedrag van € 4.551,58 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf de dag van dagvaarding tot aan de dag van algehele betaling,
4.3.
veroordeelt HMS in de proceskosten van € 17.516,12, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als HMS niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet HMS € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening,
4.4.
veroordeelt HMS in de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan,
4.5.
verklaart de veroordelingen in dit vonnis in conventie uitvoerbaar bij voorraad,
4.6.
wijst het meer of anders gevorderde af,
in reconventie
4.7.
wijst de vorderingen van HMS af.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.D. Olden. Het is ondertekend door de rolrechter en in het openbaar uitgesproken op 19 maart 2025.
[1729;3669]
Beoordeling
Een verklaring voor deze recente ontdekking van het gestelde bedrog of de gestelde dwaling heeft HMS niet gegeven Tijdens de mondelinge behandeling heeft HMS niet concreet geantwoord op de vraag of Jenaan er bij HMS over heeft geklaagd dat zij niet-biologisch vleeskippenvoeder heeft gekregen, terwijl zij biologisch voeder verwachtte. Jenaan heeft de overeenkomsten met Koudijs, zoals die tot juli 2021 tot stand zijn gekomen, in elk geval niet vernietigd. Die overeenkomsten hadden betrekking op hetzelfde vleeskippenvoeder dat Koudijs nadien onder overeenkomsten met HMS aan Jenaan heeft geleverd.
3.15.
De slotsom is dat het beroep op wilsgebreken niet slaagt. De koopovereenkomsten met betrekking tot het vleeskippenvoeder zijn niet vernietigd en HMS moet de facturen van Koudijs betalen.
Legkippenvoeder
3.16.
HMS heeft ook de twee facturen met nummers 3444 en 4068 niet betaald. Die facturen hebben betrekking op biologisch legkippenvoeder. HMS heeft betaling van die facturen opgeschort, omdat zij stelt te betwijfelen of dat legkippenvoeder wel biologisch is. Die twijfel is kennelijk alleen gebaseerd op de stelling dat HMS door Koudijs ten aanzien van het vleeskippenvoeder in de veronderstelling is gebracht dat dat vleeskippenvoeder biologisch is. Die stelling heeft HMS niet kunnen hardmaken. HMS heeft in haar conclusie van antwoord nog gesteld dat zij naar het al dan niet biologische karakter van het legkippenvoeder nader onderzoek doet, maar tijdens de mondelinge behandeling heeft zij desgevraagd bevestigd dat dergelijk onderzoek niet is gedaan en dat HMS dat ook niet meer van plan is. HMS heeft daarom zonder grond de betaling van deze twee facturen opgeschort. Het beroep op verrekening faalt eveneens, omdat niet is gebleken dat HMS een vordering op Koudijs heeft. HMS moet ook deze twee facturen betalen.
Voorwaardelijke subsidiaire vordering
3.17.
De voorwaardelijke subsidiaire vordering in conventie hoeft niet te worden beoordeeld, omdat de voorwaarde (toewijzing van de vordering in reconventie van HMS) niet wordt vervuld.
HMS moet de wettelijke handelsrente betalen
3.18.
Koudijs vordert dat HMS wordt veroordeeld om de wettelijke handelsrente te betalen vanaf de vervaldag van elke factuur. De rechtbank begrijpt deze rentevordering zo dat Koudijs de wettelijke handelsrente vordert over de onbetaald gebleven bedragen in de rechterkolom van de tabel die hiervoor onder 2.10 is weergegeven vanaf de vervaldatum die op dezelfde regel voor het onbetaald gebleven bedrag is vermeld tot aan de dag van betaling. HMS heeft de rentevordering niet betwist en die vordering is toewijsbaar.
HMS moet buitengerechtelijke incassokosten van € 4.551,58 betalen
3.19.
Koudijs vordert dat HMS wordt veroordeeld om € 4.551,58 aan buitengerechtelijke incassokosten te betalen. Dat bedrag is berekend volgens het Besluit buitengerechtelijke incassokosten en het is toewijsbaar. Ook de vordering tot veroordeling van HMS om over deze kosten de wettelijke rente te betalen vanaf de dag van de dagvaarding is toewijsbaar.
HMS moet de proceskosten (in conventie en in reconventie) betalen
3.20.
HMS is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Koudijs worden begroot op:
- dagvaarding
€
115,12
- griffierecht
€
6.617,00
- salaris advocaat
€
10.506,00
3 punten x tarief VII
- nakosten
€
278,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
17.516,12
3.21.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
Uitvoerbaar bij voorraad
3.22.
De veroordelingen in dit vonnis worden uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Koudijs dat vordert en HMS zich daartegen niet heeft verzet.
In reconventie
3.23.
De vordering van HMS in reconventie is gegrond op onverschuldigde betaling van de onder koopovereenkomsten voor vleeskippenvoeder met Koudijs betaalde koopprijzen. Die koopprijzen zouden onverschuldigd zijn betaald, omdat HMS de koopovereenkomsten buitengerechtelijk zou hebben vernietigd met een beroep op een wilsgebrek (bedrog of dwaling). In conventie is geoordeeld dat HMS geen beroep op bedrog of dwaling toekomt. Daarom zijn de koopovereenkomsten niet vernietigd en is de koopprijs die HMS onder deze overeenkomsten heeft betaald, niet onverschuldigd betaald. Koudijs heeft ook niet onrechtmatig gehandeld. Het vleeskippenvoeder dat Koudijs aan HMS ten behoeve van Jenaan heeft geleverd was niet biologisch. Koudijs heeft HMS niet in de veronderstelling gebracht dat dat wel het geval was. Koudijs was niet gehouden om biologisch vleeskippenvoeder te leveren of om HMS te waarschuwen dat het voeder niet biologisch was. De vorderingen van HMS in reconventie worden daarom afgewezen. Over de proceskosten in reconventie is al in conventie geoordeeld.
Beoordeling
Een verklaring voor deze recente ontdekking van het gestelde bedrog of de gestelde dwaling heeft HMS niet gegeven Tijdens de mondelinge behandeling heeft HMS niet concreet geantwoord op de vraag of Jenaan er bij HMS over heeft geklaagd dat zij niet-biologisch vleeskippenvoeder heeft gekregen, terwijl zij biologisch voeder verwachtte. Jenaan heeft de overeenkomsten met Koudijs, zoals die tot juli 2021 tot stand zijn gekomen, in elk geval niet vernietigd. Die overeenkomsten hadden betrekking op hetzelfde vleeskippenvoeder dat Koudijs nadien onder overeenkomsten met HMS aan Jenaan heeft geleverd.
3.15.
De slotsom is dat het beroep op wilsgebreken niet slaagt. De koopovereenkomsten met betrekking tot het vleeskippenvoeder zijn niet vernietigd en HMS moet de facturen van Koudijs betalen.
Legkippenvoeder
3.16.
HMS heeft ook de twee facturen met nummers 3444 en 4068 niet betaald. Die facturen hebben betrekking op biologisch legkippenvoeder. HMS heeft betaling van die facturen opgeschort, omdat zij stelt te betwijfelen of dat legkippenvoeder wel biologisch is. Die twijfel is kennelijk alleen gebaseerd op de stelling dat HMS door Koudijs ten aanzien van het vleeskippenvoeder in de veronderstelling is gebracht dat dat vleeskippenvoeder biologisch is. Die stelling heeft HMS niet kunnen hardmaken. HMS heeft in haar conclusie van antwoord nog gesteld dat zij naar het al dan niet biologische karakter van het legkippenvoeder nader onderzoek doet, maar tijdens de mondelinge behandeling heeft zij desgevraagd bevestigd dat dergelijk onderzoek niet is gedaan en dat HMS dat ook niet meer van plan is. HMS heeft daarom zonder grond de betaling van deze twee facturen opgeschort. Het beroep op verrekening faalt eveneens, omdat niet is gebleken dat HMS een vordering op Koudijs heeft. HMS moet ook deze twee facturen betalen.
Voorwaardelijke subsidiaire vordering
3.17.
De voorwaardelijke subsidiaire vordering in conventie hoeft niet te worden beoordeeld, omdat de voorwaarde (toewijzing van de vordering in reconventie van HMS) niet wordt vervuld.
HMS moet de wettelijke handelsrente betalen
3.18.
Koudijs vordert dat HMS wordt veroordeeld om de wettelijke handelsrente te betalen vanaf de vervaldag van elke factuur. De rechtbank begrijpt deze rentevordering zo dat Koudijs de wettelijke handelsrente vordert over de onbetaald gebleven bedragen in de rechterkolom van de tabel die hiervoor onder 2.10 is weergegeven vanaf de vervaldatum die op dezelfde regel voor het onbetaald gebleven bedrag is vermeld tot aan de dag van betaling. HMS heeft de rentevordering niet betwist en die vordering is toewijsbaar.
HMS moet buitengerechtelijke incassokosten van € 4.551,58 betalen
3.19.
Koudijs vordert dat HMS wordt veroordeeld om € 4.551,58 aan buitengerechtelijke incassokosten te betalen. Dat bedrag is berekend volgens het Besluit buitengerechtelijke incassokosten en het is toewijsbaar. Ook de vordering tot veroordeling van HMS om over deze kosten de wettelijke rente te betalen vanaf de dag van de dagvaarding is toewijsbaar.
HMS moet de proceskosten (in conventie en in reconventie) betalen
3.20.
HMS is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Koudijs worden begroot op:
- dagvaarding
€
115,12
- griffierecht
€
6.617,00
- salaris advocaat
€
10.506,00
3 punten x tarief VII
- nakosten
€
278,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
17.516,12
3.21.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
Uitvoerbaar bij voorraad
3.22.
De veroordelingen in dit vonnis worden uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Koudijs dat vordert en HMS zich daartegen niet heeft verzet.
In reconventie
3.23.
De vordering van HMS in reconventie is gegrond op onverschuldigde betaling van de onder koopovereenkomsten voor vleeskippenvoeder met Koudijs betaalde koopprijzen. Die koopprijzen zouden onverschuldigd zijn betaald, omdat HMS de koopovereenkomsten buitengerechtelijk zou hebben vernietigd met een beroep op een wilsgebrek (bedrog of dwaling). In conventie is geoordeeld dat HMS geen beroep op bedrog of dwaling toekomt. Daarom zijn de koopovereenkomsten niet vernietigd en is de koopprijs die HMS onder deze overeenkomsten heeft betaald, niet onverschuldigd betaald. Koudijs heeft ook niet onrechtmatig gehandeld. Het vleeskippenvoeder dat Koudijs aan HMS ten behoeve van Jenaan heeft geleverd was niet biologisch. Koudijs heeft HMS niet in de veronderstelling gebracht dat dat wel het geval was. Koudijs was niet gehouden om biologisch vleeskippenvoeder te leveren of om HMS te waarschuwen dat het voeder niet biologisch was. De vorderingen van HMS in reconventie worden daarom afgewezen. Over de proceskosten in reconventie is al in conventie geoordeeld.