Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2025-03-17
ECLI:NL:RBROT:2025:3488
Civiel recht; Personen- en familierecht
Beschikking
1,296 tokens
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
Zittingsplaats Rotterdam
zaaknummer
:
NL:TZ:0000388662:B001
dossiernummer
:
[nummer]
datum
:
17 maart 2025
beschikking op een verzoek tot ontslag van de bewindvoerder
op verzoek van:
Fidinda CBM B.V.,[postadres] ,Kamer van Koophandel-nummer [KvK-nummer] ,
hierna te noemen: verzoekster,
met betrekking tot:
[betrokkene] ,geboren te ' [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1974,wonende te [adres] ,hierna te noemen: betrokkene.
procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:- het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 27 januari 2025;
- de nadere informatie, ontvangen op 10 februari 2025;
De kantonrechter heeft op grond van de ontvangen informatie afgezien van een mondelinge behandeling.
Beoordeling
Op 2 december 2024 heeft de kantonrechter een uitspraak gedaan waarbij alle goederen van betrokkene onder bewind zijn gesteld.
De bewindvoerder vraagt om haar te ontslaan als bewindvoerder over de goederen van de betrokkene. De reden is het gedrag van betrokkene als hij onder invloed is van alcohol, waarbij hij zich op een agressieve en verwarde manier bij het kantoor van de bewindvoerder presenteert. Dat leidt tot een onveilige situatie voor het kantoorpersoneel. De bewindvoerder is niet langer bereid om als bewindvoerder voor betrokkene te blijven werken en verzoekt met spoed om ontslag.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Door de gedragingen van betrokkene kan de bewindvoerder naar het oordeel van de kantonrechter haar taak niet naar behoren uitvoeren. Betrokkene heeft al twee keer eerder onder bewind gestaan. De laatste keer, tot 1 januari 2024, is het bewind ook opgeheven omdat er sprake was van agressie en bedreiging richting de bewindvoerder. Nu betrokkene zich binnen twee maanden nadat het bewind opnieuw is ingesteld weer schuldig heeft gemaakt aan grensoverschrijdend gedrag, ligt het in de lijn der verwachting dat het bewind door het gedrag van betrokkene ook bij een andere bewindvoerder onwerkbaar zal zijn. Hierin ziet de kantonrechter aanleiding om het bewind op te heffen. Vanwege de verstoorde relatie met betrokkene en omdat het bewind pas recent is opgestart zal de kantonrechter bepalen dat de bewindvoerder wordt vrijgesteld van het afleggen van boedelbeschrijving en eindrekening en verantwoording.
Gelet op het voorgaande en tegen de achtergrond van het gedrag van betrokkenen ten opzichte van de huidige bewindvoerder, alsmede het feit dat hij zich ten opzichte van zijn vorige bewindvoerder ook grensoverschrijdend heeft gedragen, vindt de kantonrechter het van belang om betrokkene te wijzen op het volgende. Mocht betrokkene een nieuwe bewindvoerder bereid vinden om hem nog een kans te geven, dan zal dat hernieuwde verzoek tot onderbewindstelling, gelet op de redenen van de eerdere en de huidige beëindiging, slechts in een zeer uitzonderlijk geval in overweging worden genomen. Dat wil zeggen alleen als voldoende aannemelijk wordt dat betrokkene begrijpt dat het niet de bedoeling is dat hij deze nieuwe bewindvoerder uitscheldt of bedreigt en dat ook niet meer zal doen.
Dictum
De kantonrechter:
- heft per heden het bewind over de goederen van [betrokkene] ;
- bepaalt dat de inschrijving van het bewind in het openbare curatele- en bewindregister door de griffier ongedaan zal worden gemaakt.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Frikkee, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 17 maart 2025.
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Den Haag:
door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.