Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2025-05-08
ECLI:NL:RBROT:2025:10022
Civiel recht; Insolventierecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,432 tokens
Inleiding
Rechtbank Rotterdam
Team insolventie
Verlenging termijn schuldsaneringsregeling
insolventienummer: [nummer]
uitspraakdatum: 8 mei 2025
Bij vonnis van deze rechtbank van 19 mei 2022 is de toepassing van de schuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van:
[schuldenaar]
,
[adres]
[postcode] [woonplaats],
schuldenaar,
bewindvoerder: mr. N.N. van Klaveren.
Procesverloop
De bewindvoerder heeft op 19 februari 2025 schriftelijk verslag uitgebracht over de beëindiging van de toepassing van de schuldsaneringsregeling.
Op 7 april 2025 heeft de bewindvoerder de rechtbank bericht omtrent de laatste stand van zaken.
Op 8 april 2025 heeft de bewindvoerder een verzoek tot verlenging van de schuldsaneringsregeling ingediend.
De beëindiging is behandeld ter zitting van 1 mei 2025. De bewindvoerder en schuldenaar zijn verschenen.
De uitspraak is bepaald op heden.
2De standpunten
Standpunt bewindvoerder
De bewindvoerder heeft op 7 april 2025 verklaard dat er ten opzichte van het eindverslag wijzigingen hebben plaatsgevonden. In haar dossier ontbreken thans enkel nog de loonstroken over februari 2025 en maart 2025 en het polisblad van de ziektekosten-verzekering 2025. Daarnaast heeft de bewindvoerder verklaard dat er tot en met maart 2025 sprake is van een geschatte boedelachterstand ter hoogte van € 8.180,27. Aan de inspanningsplicht is voldaan en schuldenaar heeft geen nieuwe schulden laten ontstaan.
Ter zitting heeft de bewindvoerder verklaard dat de stukken beter worden aangeleverd dan voorheen. Daarnaast heeft de bewindvoerder verklaard dat de afdracht goed loopt en dat schuldenaar maandelijks afdraagt.
De bewindvoerder heeft voorgesteld de termijn van de schuldsaneringsregeling te verlengen met zeventien maanden.
Standpunt schuldenaar
Door schuldenaar is ter zitting verklaard dat hij hulp krijgt van de bewindvoerder om aan zijn verplichtingen te voldoen. Schuldenaar heeft ingestemd met verlenging van de termijn van de schuldsaneringsregeling teneinde de boedelachterstand in te kunnen lopen.
Beoordeling
De rechtbank stelt vast dat schuldenaar niet alle verplichtingen van de schuldsaneringsregeling naar behoren is nagekomen. Immers, schuldenaar heeft een boedelachterstand laten ontstaan. De bewindvoerder heeft bij bericht van 8 april 2025 verzocht om een verlenging van de schuldsaneringsregeling. Thans bedraagt de geschatte achterstand tot en met maart 2025 nog € 8.180,27. De bewindvoerder verklaart dat, gelet op de huidige afloscapaciteit van schuldenaar, het mogelijk is om de boedelachterstand binnen een termijn van zeventien maanden in te lopen. Schuldenaar wenst een oplossing voor zijn schulden en wil zijn schuldsaneringsregeling tot een goed einde brengen.
De rechtbank ziet in het voorgaande aanleiding om schuldenaar de gelegenheid te bieden de tekortkoming in de afdrachtverplichting te herstellen en zal daarom de termijn van de schuldsaneringsregeling verlengen met een periode van zeventien maanden.
Gedurende de verlenging zal schuldenaar slechts de minimale boedelbijdrage (het bewindvoerdersalaris) verschuldigd zijn van (het deel van) het inkomen boven het vrij te laten bedrag. De resterende afloscapaciteit dient hij in te zetten voor het inlossen van de boedelachterstand. Gedurende de verlenging zal de inspanningsverplichting/ sollicitatieverplichting niet van toepassing zijn. De informatieverplichting zal gedurende de verlenging beperkt zijn tot het verstrekken van informatie omtrent het inlossen van de boedelachterstand. De verplichting om geen nieuwe schulden te maken zal gedurende de verlenging onverkort van kracht zijn. Schuldenaar heeft met deze verlenging ingestemd.
Benadrukt wordt dat op grond van de wet (artikel 295 Faillissementswet) ook vermogensbestanddelen die schuldenaar tijdens de verlenging verkrijgt in de boedel vallen.
Gelet op het voorgaande zal als volgt worden beslist.
Dictum
De rechtbank:
- stelt de termijn gedurende welke de toepassing van de schuldsaneringsregeling van kracht is vast op vier jaar en vijf maanden, ingaande op de dag van de uitspraak tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, derhalve tot 19 oktober 2026;
- bepaalt dat gedurende de verlenging:
de inspanningsverplichting/sollicitatieverplichting niet van toepassing is;
de afdrachtverplichting beperkt is tot betaling van het bewindvoerdersalaris van (het deel van) het inkomen boven het vrij te laten bedrag en dat de afloscapaciteit voor het overige kan worden ingezet voor het aflossen van de boedelachterstand;
de informatieverplichting beperkt is tot het informeren over het inlossen van de boedelachterstand;
de verplichting om geen nieuwe schulden te maken onverkort van toepassing blijft.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. de Jong, rechter, en in aanwezigheid van I. van Gemerde, griffier, in het openbaar uitgesproken op 8 mei 2025.
Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.