Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2024-07-05
ECLI:NL:RBROT:2024:8010
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,247 tokens
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 10902004 CV EXPL 24-2176
datum uitspraak: 5 juli 2024
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
[eiseres],
woonplaats: [woonplaats],
eiseres,
gemachtigde: Stichting CORE/Juridisch Advies Rotterdam,
tegen
[gedaagde],
vestigingsplaats: [vestigingsplaats],
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘[eiseres]’ en ‘[gedaagde]’ genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
de dagvaarding van 18 januari 2024, met bijlagen;
het antwoord van [gedaagde] van 1 februari 2024;
de e-mail van 7 februari 2024 (20:17 uur) van [gedaagde] aan [eiseres];
de e-mail van 7 februari 2024 (20:54) van [eiseres] aan [gedaagde];
de e-mail van 30 mei 2024 van [eiseres] aan [gedaagde];
de brief van 31 mei 2024 van [eiseres] met bijlagen.
De e-mail van 7 juni 2024 van [gedaagde] aan [eiseres], met bijlagen, is buiten beschouwing gelaten nu [eiseres] ter zitting heeft gesteld dat deze niet is ontvangen.
1.2.
Op 18 juni 2024 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren namens [eiseres] [naam 1] van Stichting CORE/Juridisch Advies Rotterdam aanwezig en namens [gedaagde] [naam 2] en [naam 3].
Geschil
2.1.
[eiseres] eist – na eiswijziging - samengevat:
voor recht te verklaren dat [gedaagde] aansprakelijk is voor de door [eiseres] geleden schade aan haar auto;
[gedaagde] te veroordelen aan haar te betalen € 5.311,90 met rente;
[gedaagde] te veroordelen op last van dwangsom mee te werken aan het betalen van de herstelkosten;
[gedaagde] te veroordelen in de proceskosten, waaronder de kosten voor het opstellen van de dagvaarding van € 400,00 en nakosten met rente;
het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
2.2.
[eiseres] baseert de eis op het volgende.
In de nacht van 20 op 21 december 2023 is tijdens een zware storm/harde wind een verkeersbord van [gedaagde] op de achterbumper en klep van de auto van [eiseres] beland. Daardoor is schade aan de auto ontstaan. De schade is begroot op een bedrag van € 5.311,90. [gedaagde] is aansprakelijk voor die schade.
2.3.
[gedaagde] is het niet eens met de eis en voert het volgende aan. Het staat niet vast dat de schade aan de auto is veroorzaakt doordat het verkeersbord van [gedaagde] op de auto is gewaaid. Het zou ook zo kunnen zijn dat tegen het bord is aangereden of er kan sprake zijn van vandalisme. [gedaagde] heeft om camerabeelden gevraagd waaruit de toedracht zou blijken maar die heeft zij niet ontvangen.
Beoordeling
3.1.
Ter beoordeling ligt de vraag voor of [gedaagde] aansprakelijk is voor de schade aan de auto van [eiseres]. [gedaagde] heeft de door [eiseres] gestelde toedracht gemotiveerd betwist en aangevoerd dat alternatieve scenario’s mogelijk zijn voor de schade die [eiseres] stelt te hebben geleden.
3.2.
Uit de door [eiseres] overgelegde foto’s blijkt niet zonder meer dat de door haar gestelde toedracht (dat de schade is ontstaan omdat het bord van [gedaagde] op de auto van [eiseres] is gewaaid) juist is. Ter zitting is namens [eiseres] verklaard dat er geen (bruikbare) camerabeelden zijn. Andere stukken waaruit de gestelde toedracht zou (kunnen) blijken zijn door [eiseres] niet overgelegd.
3.3.
Dit leidt tot het oordeel dat [eiseres] de door haar gestelde toedracht onvoldoende heeft onderbouwd. Er is daarom geen reden voor het opdragen van bewijs, dat door [eiseres] overigens ook niet is aangeboden. Hierop stranden alle vorderingen van [eiseres].
[eiseres] moet de proceskosten betalen
3.4.
[eiseres] moet de proceskosten betalen, omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot deze kosten aan de kant van [gedaagde] tot vandaag ambtshalve vast op € 50,00 aan onkosten.
Dictum
De kantonrechter:
4.1.
wijst de vorderingen af;
4.2.
veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, die aan de kant van [gedaagde] worden begroot op € 50,00.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.M. van Kalmthout en in het openbaar uitgesproken.
62574