Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2024-06-13
ECLI:NL:RBROT:2024:7252
Strafrecht
Eerste aanleg - meervoudig
482 tokens
Inleiding
Rechtbank Rotterdam
Team straf 3
Parketnummer: 10/312722-23
Op 27 mei 2024 heeft de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, een vonnis uitgesproken in de zaak tegen:
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1996,
ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:
[adres] te ( [postcode] ) [woonplaats] ,
ten tijde van het onderzoek op de terechtzitting preventief gedetineerd in
de Penitentiaire Inrichting [naam PI] , locatie: [detentielocatie] ,
raadsman mr. F.T. Sakrak, advocaat te Zaandam.
Na de uitspraak is gebleken dat het dictum van het vonnis een onmiddellijk kenbare fout bevat, die zich leent voor eenvoudig herstel.
In het dictum van het vonnis is abusievelijk de beslissing op de voorlopige hechtenis niet opgenomen.
Het dictum van het vonnis zal daarom bij deze beslissing worden hersteld.
Dictum
De rechtbank:
- herstelt de kennelijke fout in het dictum als volgt;
- de volgende alinea wordt toegevoegd:
heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte met ingang van de dag waarop de totale duur van de tot dan toe ondergane verzekering en voorlopige hechtenis gelijk zal zijn aan die van het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde gevangenisstraf;
- beveelt de griffier deze beslissing aan te tekenen op en te hechten aan het origineel van het vonnis dat is hersteld.
Dit herstelvonnis is op 13 juni 2024 gewezen door
mr. A.M.H. Geerars, voorzitter,
en mr. dr. M.I. Blagrove en mr. dr. S. Wahedi, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. V.D. Beenakker, griffier.
De jongste rechter is buiten staat dit herstelvonnis mede te ondertekenen.