Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2024-04-02
ECLI:NL:RBROT:2024:3466
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
654 tokens
Inleiding
Rechtbank Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 23/2438
uitspraak van de enkelvoudige kamer ter verbetering van de uitspraak van 22 januari 2024, zaaknummer 23/2438, in de zaak tussen
[eiseres] , uit Rotterdam, eiseres,
gemachtigde: mr. H.A.T. Vijftigschild,
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, verweerder,
gemachtigde: mr. W. Smith.
Overwegingen
1. De rechtbank stelt vast dat haar uitspraak van 22 januari 2024 een kennelijke misslag bevat die zich voor eenvoudig herstel leent. Die misslag heeft betrekking op de inleiding en rechtsoverweging 4, waarin per abuis is vermeld dat eiseres geen arbeidsvermogen heeft.
2. Zoals uit rechtsoverwegingen 2.2 en 7.3 volgt had in de betreffende rechtsoverwegingen moeten staan dat eiseres arbeidsvermogen heeft.
Dictum
De rechtbank verbetert haar uitspraak van 22 januari 2024, ROT 23/2438, de inleiding en rechtsoverweging 4, dan ook als volgt.
Onder ‘Inleiding’ wordt opgenomen:
“ (…)
Met het bestreden besluit van 1 maart 2023 heeft verweerder het bezwaar van eiseres tegen het primaire besluit ongegrond verklaard, omdat eiseres arbeidsvermogen heeft.
(…)”
in plaats van:
“ (…)
Met het bestreden besluit van 1 maart 2023 heeft verweerder het bezwaar van eiseres tegen het primaire besluit ongegrond verklaard, omdat eiseres geen arbeidsvermogen heeft.
(…)”
En in rechtsoverweging 4. wordt opgenomen:
“ 4. De rechtbank moet beoordelen of verweerder bij het bestreden besluit terecht de aanvraag van eiseres om een Wajong-uitkering heeft afgewezen, omdat eiseres arbeidsvermogen heeft.”
in plaats van:
“ 4. De rechtbank moet beoordelen of verweerder bij het bestreden besluit terecht de aanvraag van eiseres om een Wajong-uitkering heeft afgewezen, omdat eiseres geen arbeidsvermogen heeft.”
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Zoethout, rechter, in aanwezigheid van mr. Y.W. Geerts, griffier. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 2 april 2024.
De griffier is verhinderd de uitspraak
te ondertekenen.
griffier rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: