Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2024-03-08
ECLI:NL:RBROT:2024:1903
Civiel recht; Arbeidsrecht
Kort geding
803 tokens
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 10902758 VV EXPL 24-48
datum uitspraak: 8 maart 2024
Vonnis in kort geding van de kantonrechter
in de zaak van
[eiser01]
,
woonplaats: [woonplaats01] ,
eiser,
gemachtigde: mr. Y.E. Palit,
tegen
S&A Services B.V.
,
vestigingsplaats: Capelle aan den IJssel,
gedaagde,
die niet is verschenen.
De partijen worden hierna ‘ [eiser01] ’ en ‘S&A’ genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
de dagvaarding van 7 februari 2024, met bijlagen;
akte van [eiser01] met een vermindering van de eis.
1.2.
Op 23 februari 2024 is de zaak tijdens een zitting met [eiser01] en mr. Palit besproken. S&A is niet verschenen. Tegen haar is verstek verleend.
Beoordeling
De eis van [eiser01]
2.1.
stelt dat hij bij S&A werkt op basis van een arbeidsovereenkomst. Volgens hem heeft S&A hem niet aangemeld bij de Belastingdienst, waardoor hij geen sociaal vangnet heeft, zoals de aanspraak op werknemersverzekeringen. Ook heeft S&A volgens hem sinds augustus 2023 geen loonstroken meer afgegeven. Hij eist daarom dat S&A wordt veroordeeld om hem aan te melden bij de Belastingdienst en alsnog loonstroken af te geven, op straf van een dwangsom.
De eis wordt toegewezen
2.2.
Een eis in kort geding kan worden toegewezen als de eisende partij hierbij zoveel spoed heeft dat die de uitkomst van een gewone procedure niet hoeft af te wachten (artikel 254 lid 1 Rv). Uit de stellingen van [eiser01] volgt dat deze spoed aanwezig is. De eis wordt toegewezen omdat deze niet onrechtmatig of ongegrond lijkt (artikel 139 Rv).
2.3.
De kantonrechter bepaalt dat S&A binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis [eiser01] moet aanmelden bij de Belastingdienst en de loonstroken moet afgeven.
S&A moet de proceskosten betalen
2.4.
S&A moet de proceskosten betalen, omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot deze kosten aan de kant van [eiser01] op € 87,- aan griffierecht, € 543,- aan salaris voor de gemachtigde en € 135,-aan nakosten. Dat is in totaal € 765,-. Er worden geen dagvaardingskosten toegewezen, omdat [eiser01] met een toevoeging procedeert.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
2.5.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv).
Dictum
De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt S&A om [eiser01] binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis op een deugdelijke manier aan te melden bij de Belastingdienst en veroordeelt haar om een dwangsom te betalen van € 250,- per dag dat zij dit nalaat, met een maximum van € 5.000,-;
3.2.
veroordeelt S&A om binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis deugdelijke loonspecificaties over de maanden augustus 2023 tot en met januari 2024 af te geven aan [eiser01] , en veroordeelt haar om een dwangsom te betalen van € 250,- per dag dat zij dit nalaat, met een maximum van € 5.000,-;
3.3.
veroordeelt S&A in de proceskosten, die aan de kant van [eiser01] worden begroot op € 765,-;
3.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.
33394