Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2024-02-16
ECLI:NL:RBROT:2024:1558
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
5,748 tokens
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 10622907 CV EXPL 23-20871
datum uitspraak: 16 februari 2024
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
bol.com B.V.,
vestigingsplaats: Amsterdam,
eiseres,
gemachtigde: GGN Mastering Credit B.V.,
tegen
[gedaagde],
woonplaats: [woonplaats],
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘bol.com’ en ‘[gedaagde]’ genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
de dagvaarding van 5 juli 2023, met bijlagen;
het antwoord;
de repliek, met bijlagen;
de dupliek;
de rolbeslissing van de kantonrechter van 8 december 2023;
de akte van bol.com.
Beoordeling
Waar gaat de zaak over?
2.1.
[gedaagde] heeft een bestelling geplaatst op de website van bol.com. In deze procedure eist bol.com betaling van € 263,41 aan hoofdsom en bijkomende kosten, omdat [gedaagde] volgens haar de factuur niet volledig heeft betaald.
2.2.
[gedaagde] erkent dat zij nog een bedrag aan bol.com moet betalen. In het kader van een schuldsaneringstraject is overeenstemming met de deurwaarder bereikt over de betaling van 10% van de schuld, maar die betaling heeft niet plaatsgevonden. [gedaagde] stelt nogmaals voor om 10% van de eis te voldoen.
2.3.
Bol.com heeft gereageerd op het antwoord van [gedaagde]. Zij bevestigt dat er een regeling met de Kredietbank is afgesproken, maar die regeling is komen te vervallen omdat niet aan de voorwaarden is voldaan. [gedaagde] is daarom het gehele openstaande bedrag verschuldigd.
2.4.
[gedaagde] heeft op de repliek van bol.com gereageerd. De goederen van [gedaagde] stonden onder bewind en zij heeft de correspondentie van de deurwaarder doorgestuurd naar de bewindvoerder. Vanwege het bewind kon zij zelf niets doen. Zij is het daarom niet eens met de bijkomende kosten.
2.5.
Bij rolbeslissing van 8 december 2023 zijn partijen in de gelegenheid gesteld te reageren op het voornemen van de kantonrechter om de overeenkomst gedeeltelijk te vernietigen in verband met de bestelknop. Bol.com heeft daarna nog een akte genomen. [gedaagde] heeft niet gereageerd.
De conclusie
2.6.
De eis van bol.com wordt gedeeltelijk toegewezen. [gedaagde] moet nog € 172,75 met rente aan bol.com betalen en wordt veroordeeld in de proceskosten. Hierna wordt uitgelegd waarom.
De eerder gemaakte afspraak is komen te vervallen
2.7.
[gedaagde] heeft de stellingen die bol.com heeft ingenomen in de repliek niet betwist. Daarom staat vast dat de in het kader van de schuldenregeling gemaakte afspraak is komen te vervallen en bol.com het gehele openstaande bedrag mag opeisen. De door [gedaagde] aangevoerde omstandigheden met betrekking tot het bewind maken dit niet anders. Mocht het al zo zijn dat de bewindvoerder zijn taken niet naar behoren heeft uitgeoefend, dan heeft dit geen gevolgen voor haar betalingsverplichting jegens bol.com. Dit is een aangelegenheid tussen (alleen) [gedaagde] en de voormalige bewindvoerder. Bol.com staat daar buiten.
2.8.
De eis van bol.com is daarom in beginsel toewijsbaar, maar zoals hierna wordt uitgelegd zal de betalingsverplichting van [gedaagde] met 25% worden verminderd.
Bol.com heeft niet aangetoond dat zij haar informatieverplichtingen naar behoren heeft nageleefd
2.9.
De overeenkomst is gesloten op afstand (namelijk via een website) tussen een handelaar (bol.com) en een consument ([gedaagde]). Bij of voorafgaand aan het sluiten van deze overeenkomsten moet de handelaar bepaalde informatie aan de consument verstrekken en deze informatie bevestigen op een duurzame gegevensdrager, zoals een e-mail of een brief.
2.10.
De Hoge Raad heeft beslist dat de rechter ambtshalve moet onderzoeken of aan een aantal essentiële informatieverplichtingen is voldaan en dat de rechter de overeenkomst geheel of gedeeltelijk moet vernietigen in die zin dat de betalingsverplichting van de consument wordt verminderd als sprake is van een voldoende ernstige schending van zo’n verplichting.
2.11.
De rechtbanken hebben naar aanleiding van de uitspraak van de Hoge Raad voor de schending van de essentiële informatieverplichtingen een sanctierichtlijn opgesteld. Deze sanctierichtlijn houdt samengevat in dat bij minder dan vier voldoende ernstige schendingen de betalingsverplichting wordt verminderd met 25% en bij meer dan drie voldoende ernstige schendingen met 50%.
2.12.
In deze zaak is naar het oordeel van de kantonrechter sprake van de volgende twee schendingen.
schending 1: de wijze van betaling
2.13.
Bij of voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst moet bol.com de wijze van betaling tonen (artikel 6:230m lid 1 onder g BW). Het gaat daarbij om de wijze waarop de consument mag betalen en de termijn(en) waarbinnen moet worden betaald. Bol.com heeft niet aangetoond dat hieraan is voldaan. De kantonrechter is daarom van oordeel dat artikel 6:230m lid 1 onder g BW is geschonden.
schending 2: de bestelknop
2.14.
[gedaagde] is de bestelling aangegaan door middel van een bestelknop. Bol.com heeft niet aangetoond dat de tekst op de knop voldoet aan de eisen van de wet. Uit de tekst op de knop zelf moet namelijk blijken dat de consument uitdrukkelijk erkent dat hij een betalingsverplichting aangaat. Dat betekent dat de tekst ook in de omgangstaal zonder twijfel in verband moet worden gebracht met het ontstaan van een betalingsverplichting.
2.15.
Bij een onjuiste bestelknop geeft de wet aan de consument het recht om de overeenkomst in zijn geheel te vernietigen. De rechter kan dit ook ambtshalve doen. Daarbij is wel van belang dat het niet altijd in het belang van de consument is om de overeenkomst te vernietigen, omdat de consument dan moet teruggeven wat hij op grond van de overeenkomst heeft ontvangen. Bovendien is uit de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie en de Hoge Raad af te leiden dat de rechten die de richtlijn aan consumenten geeft niet tegen de wil van de consument worden toegepast.
2.16.
[gedaagde] is in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de vraag of zij de overeenkomst wenst te vernietigen, maar van deze mogelijkheid heeft zij geen gebruik gemaakt. Omdat onduidelijk is welke gevolgen zij aan de onjuiste bestelknop zou willen verbinden, zal de kantonrechter niet overgaan tot ambtshalve volledige vernietiging van de overeenkomst.
2.17.
Het voorgaande neemt niet weg dat vanwege de onjuiste bestelknop sprake is van een schending van artikel 6:230v lid 3 BW. Om de afschrikkende werking van de richtlijn te bewaken zal de kantonrechter deze schending rekenen als één schending bij de toepassing van de hiervoor genoemde sanctierichtlijn. De onjuiste tekst op de bestelknop rechtvaardigt naar het oordeel van de kantonrechter namelijk geen zwaardere sanctie dan een schending van een essentiële informatieplicht. Bij vermindering van de betalingsverplichting mag de consument bestelde producten immers houden. De situatie is daarom niet vergelijkbaar met vernietiging van de overeenkomst in zijn geheel. Daarbij is meegewogen dat het bestelproces verder wel zo is ingericht dat voor [gedaagde] duidelijk moet zijn geweest dat zij een betalingsverplichting aanging.
Conclusie
2.18.
De kantonrechter zal op grond van de hiervoor vastgestelde schendingen van informatieverplichtingen de overeenkomst met toepassing van de sanctierichtlijn gedeeltelijk vernietigen in die zin dat de betalingsverplichting van [gedaagde] wordt verminderd met 25%. Er is in dit geval namelijk sprake van minder dan vier voldoende ernstige schendingen. Dat betekent dat € 216,75 aan hoofdsom toewijsbaar is (75% van € 289,-, de hoofdsom).
Buitengerechtelijke kosten en rente
2.19.
Bol.com heeft recht op een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten op basis van de toewijsbare hoofdsom op het moment van de veertiendagenbrief. Daarom is € 40,- aan buitengerechtelijke kosten toewijsbaar.
2.20.
De wettelijke rente wordt toegewezen over de openstaande hoofdsom vanaf de dag waarop [gedaagde] in verzuim is, te weten 30 december 2019. Het meerdere is niet toewijsbaar.
Gedane betaling strekt in mindering op het bedrag dat [gedaagde] nog aan bol.com moet betalen
2.21.
Voorafgaand aan deze procedure heeft [gedaagde] € 84,- aan bol.com betaald. Op grond van artikel 6:44 lid 1 BW strekken betalingen ter voldoening van een geldsom eerst in mindering van de kosten, vervolgens van de verschenen rente en tot slot van de hoofdsom. Correcte toepassing van dit wetsartikel leidt tot de conclusie dat de buitengerechtelijke kosten inmiddels zijn voldaan en een bedrag van € 172,75 aan hoofdsom resteert. [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van dit bedrag.
Proceskosten
2.22.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen, omdat zij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot deze kosten aan de kant van bol.com op € 107,84 aan dagvaardingskosten, € 128,- aan griffierecht, € 164,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten × € 82,-) en € 41,- aan nakosten. Dat is in totaal € 440,84. Hier kan nog een bedrag bijkomen als dit vonnis wordt betekend.
Uitvoerbaarheid bij voorraad
2.23.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv).
Dictum
De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan bol.com te betalen € 172,75 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag vanaf 30 december 2019 tot de dag dat volledig is betaald;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van bol.com tot vandaag worden vastgesteld op € 440,84;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. G.A. Vriezen en in het openbaar uitgesproken.
43416
Zie de artikelen 6:230m e.v. van het Burgerlijk Wetboek
Hoge Raad 12 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1677
Deze richtlijn is gepubliceerd op www.rechtspraak.nl
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 10622907 CV EXPL 23-20871
datum uitspraak: 16 februari 2024
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
bol.com B.V.,
vestigingsplaats: Amsterdam,
eiseres,
gemachtigde: GGN Mastering Credit B.V.,
tegen
[gedaagde],
woonplaats: [woonplaats],
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘bol.com’ en ‘[gedaagde]’ genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
de dagvaarding van 5 juli 2023, met bijlagen;
het antwoord;
de repliek, met bijlagen;
de dupliek;
de rolbeslissing van de kantonrechter van 8 december 2023;
de akte van bol.com.
Beoordeling
Waar gaat de zaak over?
2.1.
[gedaagde] heeft een bestelling geplaatst op de website van bol.com. In deze procedure eist bol.com betaling van € 263,41 aan hoofdsom en bijkomende kosten, omdat [gedaagde] volgens haar de factuur niet volledig heeft betaald.
2.2.
[gedaagde] erkent dat zij nog een bedrag aan bol.com moet betalen. In het kader van een schuldsaneringstraject is overeenstemming met de deurwaarder bereikt over de betaling van 10% van de schuld, maar die betaling heeft niet plaatsgevonden. [gedaagde] stelt nogmaals voor om 10% van de eis te voldoen.
2.3.
Bol.com heeft gereageerd op het antwoord van [gedaagde]. Zij bevestigt dat er een regeling met de Kredietbank is afgesproken, maar die regeling is komen te vervallen omdat niet aan de voorwaarden is voldaan. [gedaagde] is daarom het gehele openstaande bedrag verschuldigd.
2.4.
[gedaagde] heeft op de repliek van bol.com gereageerd. De goederen van [gedaagde] stonden onder bewind en zij heeft de correspondentie van de deurwaarder doorgestuurd naar de bewindvoerder. Vanwege het bewind kon zij zelf niets doen. Zij is het daarom niet eens met de bijkomende kosten.
2.5.
Bij rolbeslissing van 8 december 2023 zijn partijen in de gelegenheid gesteld te reageren op het voornemen van de kantonrechter om de overeenkomst gedeeltelijk te vernietigen in verband met de bestelknop. Bol.com heeft daarna nog een akte genomen. [gedaagde] heeft niet gereageerd.
De conclusie
2.6.
De eis van bol.com wordt gedeeltelijk toegewezen. [gedaagde] moet nog € 172,75 met rente aan bol.com betalen en wordt veroordeeld in de proceskosten. Hierna wordt uitgelegd waarom.
De eerder gemaakte afspraak is komen te vervallen
2.7.
[gedaagde] heeft de stellingen die bol.com heeft ingenomen in de repliek niet betwist. Daarom staat vast dat de in het kader van de schuldenregeling gemaakte afspraak is komen te vervallen en bol.com het gehele openstaande bedrag mag opeisen. De door [gedaagde] aangevoerde omstandigheden met betrekking tot het bewind maken dit niet anders. Mocht het al zo zijn dat de bewindvoerder zijn taken niet naar behoren heeft uitgeoefend, dan heeft dit geen gevolgen voor haar betalingsverplichting jegens bol.com. Dit is een aangelegenheid tussen (alleen) [gedaagde] en de voormalige bewindvoerder. Bol.com staat daar buiten.
2.8.
De eis van bol.com is daarom in beginsel toewijsbaar, maar zoals hierna wordt uitgelegd zal de betalingsverplichting van [gedaagde] met 25% worden verminderd.
Bol.com heeft niet aangetoond dat zij haar informatieverplichtingen naar behoren heeft nageleefd
2.9.
De overeenkomst is gesloten op afstand (namelijk via een website) tussen een handelaar (bol.com) en een consument ([gedaagde]). Bij of voorafgaand aan het sluiten van deze overeenkomsten moet de handelaar bepaalde informatie aan de consument verstrekken en deze informatie bevestigen op een duurzame gegevensdrager, zoals een e-mail of een brief.
2.10.
De Hoge Raad heeft beslist dat de rechter ambtshalve moet onderzoeken of aan een aantal essentiële informatieverplichtingen is voldaan en dat de rechter de overeenkomst geheel of gedeeltelijk moet vernietigen in die zin dat de betalingsverplichting van de consument wordt verminderd als sprake is van een voldoende ernstige schending van zo’n verplichting.
2.11.
De rechtbanken hebben naar aanleiding van de uitspraak van de Hoge Raad voor de schending van de essentiële informatieverplichtingen een sanctierichtlijn opgesteld. Deze sanctierichtlijn houdt samengevat in dat bij minder dan vier voldoende ernstige schendingen de betalingsverplichting wordt verminderd met 25% en bij meer dan drie voldoende ernstige schendingen met 50%.
2.12.
In deze zaak is naar het oordeel van de kantonrechter sprake van de volgende twee schendingen.
schending 1: de wijze van betaling
2.13.
Bij of voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst moet bol.com de wijze van betaling tonen (artikel 6:230m lid 1 onder g BW). Het gaat daarbij om de wijze waarop de consument mag betalen en de termijn(en) waarbinnen moet worden betaald. Bol.com heeft niet aangetoond dat hieraan is voldaan. De kantonrechter is daarom van oordeel dat artikel 6:230m lid 1 onder g BW is geschonden.
schending 2: de bestelknop
2.14.
[gedaagde] is de bestelling aangegaan door middel van een bestelknop. Bol.com heeft niet aangetoond dat de tekst op de knop voldoet aan de eisen van de wet. Uit de tekst op de knop zelf moet namelijk blijken dat de consument uitdrukkelijk erkent dat hij een betalingsverplichting aangaat. Dat betekent dat de tekst ook in de omgangstaal zonder twijfel in verband moet worden gebracht met het ontstaan van een betalingsverplichting.
2.15.
Bij een onjuiste bestelknop geeft de wet aan de consument het recht om de overeenkomst in zijn geheel te vernietigen. De rechter kan dit ook ambtshalve doen. Daarbij is wel van belang dat het niet altijd in het belang van de consument is om de overeenkomst te vernietigen, omdat de consument dan moet teruggeven wat hij op grond van de overeenkomst heeft ontvangen. Bovendien is uit de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie en de Hoge Raad af te leiden dat de rechten die de richtlijn aan consumenten geeft niet tegen de wil van de consument worden toegepast.
2.16.
[gedaagde] is in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de vraag of zij de overeenkomst wenst te vernietigen, maar van deze mogelijkheid heeft zij geen gebruik gemaakt. Omdat onduidelijk is welke gevolgen zij aan de onjuiste bestelknop zou willen verbinden, zal de kantonrechter niet overgaan tot ambtshalve volledige vernietiging van de overeenkomst.
2.17.
Het voorgaande neemt niet weg dat vanwege de onjuiste bestelknop sprake is van een schending van artikel 6:230v lid 3 BW. Om de afschrikkende werking van de richtlijn te bewaken zal de kantonrechter deze schending rekenen als één schending bij de toepassing van de hiervoor genoemde sanctierichtlijn. De onjuiste tekst op de bestelknop rechtvaardigt naar het oordeel van de kantonrechter namelijk geen zwaardere sanctie dan een schending van een essentiële informatieplicht. Bij vermindering van de betalingsverplichting mag de consument bestelde producten immers houden. De situatie is daarom niet vergelijkbaar met vernietiging van de overeenkomst in zijn geheel. Daarbij is meegewogen dat het bestelproces verder wel zo is ingericht dat voor [gedaagde] duidelijk moet zijn geweest dat zij een betalingsverplichting aanging.
Conclusie
2.18.
De kantonrechter zal op grond van de hiervoor vastgestelde schendingen van informatieverplichtingen de overeenkomst met toepassing van de sanctierichtlijn gedeeltelijk vernietigen in die zin dat de betalingsverplichting van [gedaagde] wordt verminderd met 25%. Er is in dit geval namelijk sprake van minder dan vier voldoende ernstige schendingen. Dat betekent dat € 216,75 aan hoofdsom toewijsbaar is (75% van € 289,-, de hoofdsom).
Buitengerechtelijke kosten en rente
2.19.
Bol.com heeft recht op een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten op basis van de toewijsbare hoofdsom op het moment van de veertiendagenbrief. Daarom is € 40,- aan buitengerechtelijke kosten toewijsbaar.
2.20.
De wettelijke rente wordt toegewezen over de openstaande hoofdsom vanaf de dag waarop [gedaagde] in verzuim is, te weten 30 december 2019. Het meerdere is niet toewijsbaar.
Gedane betaling strekt in mindering op het bedrag dat [gedaagde] nog aan bol.com moet betalen
2.21.
Voorafgaand aan deze procedure heeft [gedaagde] € 84,- aan bol.com betaald. Op grond van artikel 6:44 lid 1 BW strekken betalingen ter voldoening van een geldsom eerst in mindering van de kosten, vervolgens van de verschenen rente en tot slot van de hoofdsom. Correcte toepassing van dit wetsartikel leidt tot de conclusie dat de buitengerechtelijke kosten inmiddels zijn voldaan en een bedrag van € 172,75 aan hoofdsom resteert. [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van dit bedrag.
Proceskosten
2.22.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen, omdat zij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot deze kosten aan de kant van bol.com op € 107,84 aan dagvaardingskosten, € 128,- aan griffierecht, € 164,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten × € 82,-) en € 41,- aan nakosten. Dat is in totaal € 440,84. Hier kan nog een bedrag bijkomen als dit vonnis wordt betekend.
Uitvoerbaarheid bij voorraad
2.23.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv).
Dictum
De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan bol.com te betalen € 172,75 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag vanaf 30 december 2019 tot de dag dat volledig is betaald;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van bol.com tot vandaag worden vastgesteld op € 440,84;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. G.A. Vriezen en in het openbaar uitgesproken.
43416
Zie de artikelen 6:230m e.v. van het Burgerlijk Wetboek
Hoge Raad 12 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1677
Deze richtlijn is gepubliceerd op www.rechtspraak.nl