Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2023-09-15
ECLI:NL:RBROT:2023:8921
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,032 tokens
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 10398847 / CV EXPL 23-7680
datum uitspraak: 15 september 2023
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Multi Management Accountancy B.V., die ook handelt onder de naam Bonis Accountancy,
gevestigd in Rijswijk,
eiseres,
gemachtigde: Nova Legal B.V. te Groningen,
tegen
[gedaagde]
,
gevestigd in [vestigingsplaats],
gedaagde,
gemachtigde: mr. M.G. Evers te Leiden.
De partijen worden hierna ‘Bonis Accountancy’ en ‘[gedaagde]’ genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
de dagvaarding van 9 maart 2023, met bijlagen;
het antwoord;
de repliek, met een bijlage;
de dupliek.
Beoordeling
Waar gaat de zaak over?
2.1.
Bonis Accountancy is een accountancykantoor. Volgens Bonis Accountancy heeft zij in opdracht en voor rekening van [gedaagde] in de periode van oktober 2020 tot en met april 2021 de administratie van [gedaagde] gevoerd en de boekhouding van [gedaagde] verzorgd. Voor deze werkzaamheden is [gedaagde] volgens Bonis Accountancy een bedrag van € 100,00 exclusief btw per maand verschuldigd. Bonis Accountancy heeft [gedaagde] facturen voor haar werkzaamheden gestuurd, maar die heeft [gedaagde] niet betaald. Daarom eist Bonis Accountancy in deze zaak dat [gedaagde] wordt veroordeeld om in totaal € 968,00 aan openstaande facturen (met rente en kosten) aan Bonis Accountancy te betalen. [gedaagde] is het hier niet mee eens, omdat tussen partijen geen overeenkomst tot stand is gekomen en - voor zover dat wel het geval zou zijn - Bonis Accountancy geen werkzaamheden voor [gedaagde] heeft verricht. De kantonrechter heeft meer informatie nodig om een eindbeslissing te nemen. Hierna wordt uitgelegd waarom.
Er is bewijslevering noodzakelijk
2.2.
De kantonrechter kan op dit moment nog niet beoordelen of tussen partijen een overeenkomst (met de inhoud die Bonis Accountancy stelt) tot stand is gekomen en of Bonis Accountancy daadwerkelijk werkzaamheden voor [gedaagde] heeft verricht, omdat partijen op essentiële punten van mening verschillen. Voordat in deze zaak een eindvonnis kan worden gewezen, is daarom op een aantal punten bewijslevering noodzakelijk. Hierna wordt uitgelegd op welke punten bewijs moet worden geleverd en door wie.
2.3.
Bonis Accountancy stelt dat tussen haar en [gedaagde] een overeenkomst tot stand is gekomen, op grond waarvan Bonis Accountancy in de periode van oktober 2020 tot en met april 2021 voor een vaste prijs van € 100,00 exclusief btw per maand (a) de administratie van [gedaagde] zou verzorgen, dan wel de door [gedaagde] gevoerde administratie zou beoordelen, (b) advies zou geven omtrent de inrichting van de administratie en de daaruit voortvloeiende controlemogelijkheden, (c) controles zou verrichten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de opdracht en (d) periodiek aangiften omzetbelasting zou opstellen, dan wel periodiek de door [gedaagde] gedane aangiften zou controleren. [gedaagde] betwist dat een dergelijke overeenkomst tot stand is gekomen. De stukken die Bonis Accountancy in het geding heeft gebracht, waaronder een niet ondertekende opdrachtbevestiging (bijlage 1), kunnen niet zonder meer tot de conclusie leiden dat de door haar gestelde overeenkomst wel tussen partijen tot stand is gekomen. Daarom komt het op dit punt aan op bewijslevering. De bewijslast rust op grond van artikel 150 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (‘Rv’) op Bonis Accountancy.
2.4.
In het geval dat zou komen vast te staan dat de door Bonis Accountancy gestelde overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen, betwist [gedaagde] dat Bonis Accountancy werkzaamheden heeft verricht. Ook op dit punt kunnen de stukken die Bonis Accountancy in het geding heeft gebracht, waaronder een urenregistratie (bijlage 2), facturen (bijlage 3), aanmaningen/herinneringen (bijlagen 4, 5 en 6) en een schermprint van het programma “AFAS Profit 22” (bijlage 13), niet zonder meer tot de conclusie leiden dat Bonis Accountancy werkzaamheden voor [gedaagde] heeft verricht. Daarom komt het ook op dit punt aan op bewijslevering. De bewijslast rust op grond van artikel 150 Rv op Bonis Accountancy.
2.5.
Het is de kantonrechter tot slot opgevallen dat Bonis Accountancy stelt dat zij in de periode van oktober 2020 tot en met april 2021 werkzaamheden voor [gedaagde] heeft verricht, terwijl de door haar in het geding gebrachte facturen (bijlage 3) betrekking hebben op de periode van september 2020 tot en met maart 2021. De kantonrechter stelt Bonis Accountancy daarom ook direct in de gelegenheid om zich hier op de hierna genoemde rolzitting over uit te laten.
2.6.
De kantonrechter verwijst de zaak naar de rolzitting van donderdag 12 oktober 2023 om 13:30 uur, zodat Bonis Accountancy zich schriftelijk kan uitlaten over de bewijslevering en wat in overweging 2.5. is overwogen.
2.7.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
Dictum
De kantonrechter:
3.1.
stelt Bonis Accountancy in de gelegenheid om zich op de rolzitting van donderdag 12 oktober 2023 om 13:30 uur schriftelijk uit te laten over wat in overweging 2.5. is overwogen;
3.2.
laat Bonis Accountancy toe tot het leveren van bewijs van haar stellingen dat tussen haar en [gedaagde] een overeenkomst tot stand is gekomen, op grond waarvan Bonis Accountancy in de periode van oktober 2020 tot en met april 2021 voor een vaste prijs van € 100,00 exclusief btw per maand (a) de administratie van [gedaagde] heeft verzorgd, dan wel de door [gedaagde] gevoerde administratie heeft beoordeeld, (b) advies heeft gegeven omtrent de inrichting van de administratie en de daaruit voortvloeiende controlemogelijkheden, (c) controles heeft verricht die noodzakelijk waren voor de uitvoering van de opdracht en (d) periodiek aangiften omzetbelasting heeft opgesteld, dan wel periodiek de door [gedaagde] gedane aangiften heeft gecontroleerd;
3.3.
bepaalt dat:
- Bonis Accountancy op de rolzitting van donderdag 12 oktober 2023 om 13:30 uur bij de te nemen akte in de gelegenheid is om mede te delen of en, zo ja, op welke wijze zij het bewijs wil leveren;
- en indien zij dit bewijs schriftelijk wil leveren zij bij die gelegenheid de op het bewijsthema betrekking hebbende stukken direct in het geding moet brengen;
- en indien zij dit bewijs wil leveren door het doen horen van getuigen zij bij akte opgave moet doen van het aantal en de personalia van de door haar voor te brengen getuigen en van de verhinderdata van alle betrokkenen voor de maanden november en december 2023 en januari 2024, zodat vervolgens een datum voor het getuigenverhoor kan worden bepaald;
3.4.
wijst Bonis Accountancy erop dat namen en woonplaatsen van eventueel voor te brengen getuigen tenminste zeven dagen vóór het te houden getuigenverhoor schriftelijk aan de kantonrechter en de wederpartij moeten worden aangezegd;
3.5.
bepaalt dat Bonis Accountancy te zijner tijd zelf zorg moet dragen voor behoorlijke oproeping van de eventueel voor te brengen getuigen;
3.6.
bepaalt dat het eventuele getuigenverhoor zal worden gehouden in het gerechtsgebouw aan het Wilhelminaplein 100/125 in Rotterdam ten overstaan van de hierna genoemde kantonrechter;
3.7.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.
38671