Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2023-12-01
ECLI:NL:RBROT:2023:11496
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,215 tokens
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 10518585 CV EXPL 23-14413
datum uitspraak: 1 december 2023
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
[eiser01]
, die handelt onder de naam
[handelsnaam01]
,
woonplaats: [woonplaats01] ,
eiser,
gemachtigde: mr. J.P. Sanchez Montoto,
tegen
Istrac B.V.
,
vestigingsplaats: Rotterdam,
gedaagde,
gemachtigde: mr. J.W.C. Bruins.
De partijen worden hierna ‘ [gedaagde01] ’ en ‘Istrac’ genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
de dagvaarding van 10 mei 2023, met bijlagen;
het antwoord, met bijlagen;
de brief van 13 oktober 2023 van [gedaagde01] , met een bijlage;
de brief van 16 oktober 2023 van Istrac, met een bijlage.
1.2.
Op 24 oktober 2023 is de zaak tijdens een mondelinge behandeling besproken. Daarbij was [gedaagde01] aanwezig, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verder was [naam01] (verkoper en techniekmedewerker) namens Istrac aanwezig, bijgestaan door de gemachtigde van Istrac.
Beoordeling
Waar gaat de zaak over?
2.1.
[gedaagde01] heeft een auto van Istrac gekocht. [gedaagde01] heeft de auto gedeeltelijk gefinancierd met een lening van een financieringsmaatschappij. Volgens [gedaagde01] vertoont de auto gebreken, die - ondanks dat daar e-mails over zijn gestuurd en [gedaagde01] de auto tot tweemaal toe bij Istrac heeft ingeleverd - tot aan dit moment niet zijn verholpen. Daarom heeft [gedaagde01] de koopovereenkomst in een brief buitengerechtelijk ontbonden. In deze zaak eist [gedaagde01]
primair
dat voor recht wordt verklaard dat de koopovereenkomst buitengerechtelijk is ontbonden of dat de kantonrechter de koopovereenkomst alsnog ontbindt. Daarnaast eist [gedaagde01]
primair
dat Istrac wordt veroordeeld om de al gedeeltelijk door hem betaalde koopprijs van € 8.112,04 en € 6.516,02 aan schadevergoeding (met rente en een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten) aan [gedaagde01] te betalen. [gedaagde01] eist
subsidiair
dat de kantonrechter bepaalt dat [gedaagde01] gerechtigd is om de auto door een derde te laten herstellen en dat de kosten daarvan door Istrac moeten worden betaald. Istrac is het niet eens met de eisen van [gedaagde01] , omdat [gedaagde01] haar niet in gebreke heeft gesteld en de gebreken aan de auto al zijn hersteld. De kantonrechter oordeelt dat de koopovereenkomst niet buitengerechtelijk kon worden ontbonden en dat de koopovereenkomst ook niet door de kantonrechter wordt ontbonden. Verder heeft de kantonrechter het voornemen om een deskundige te benoemen om te beoordelen of de auto op dit moment nog gebreken vertoont. Hierna wordt uitgelegd waarom.
Bij het kopen van de auto handelde [gedaagde01] niet als consument
2.2.
[gedaagde01] stelt dat hij de auto als consument heeft gekocht, maar daar gaat de kantonrechter niet in mee. Dat [gedaagde01] ten tijde van de aankoop van de auto zakelijk (namelijk voor zijn autorijschool) handelde, blijkt uit de omstandigheden dat (a) [gedaagde01] in deze zaak procedeert handelend onder de naam [handelsnaam01] , (b) op de aankoopfactuur het adres van de autorijschool staat vermeld,
(c) de financieringsovereenkomst met de financieringsmaatschappij is aangegaan door de autorijschool van [gedaagde01] ,
(d) de betalingen aan de financieringsmaatschappij zijn verricht vanaf de bankrekening van de autorijschool van [gedaagde01]
en (e) de auto onder de bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering van de autorijschool van [gedaagde01] is verzekerd.
Aangezien [gedaagde01] een autorijschool exploiteert, behoort het kopen van een auto (om als lesauto te gebruiken, zoals [gedaagde01] tijdens de zitting heeft gezegd) - anders dan [gedaagde01] stelt - juist wél tot de normale bedrijfsactiviteiten van [gedaagde01] . Ook om die reden kan dus niet worden geconcludeerd dat [gedaagde01] de auto als consument heeft gekocht; er is sprake van een zakelijke koopovereenkomst.
[gedaagde01] kon de koopovereenkomst niet buitengerechtelijk ontbinden en ook in deze zaak kan de koopovereenkomst niet worden ontbonden
2.3.
[gedaagde01] kon de koopovereenkomst in zijn brief van 23 december 2022 niet buitengerechtelijk ontbinden en ook in deze zaak kan de kantonrechter de koopovereenkomst niet ontbinden. De koopovereenkomst kan namelijk pas worden ontbonden als Istrac in verzuim is en daarvoor is in dit geval vereist dat [eiser01] Istrac schriftelijk in gebreke stelt en haar een redelijke termijn biedt om de gebreken aan de auto te verhelpen.
Zo’n ingebrekestelling heeft [gedaagde01] niet aan Istrac gestuurd. Anders dan [gedaagde01] stelt, kwalificeert zijn brief van 23 december 2022 niet als een ingebrekestelling en er zitten ook geen andere documenten in het procesdossier die als ingebrekestelling kunnen kwalificeren. Van een situatie waarin het verzuim van Istrac is ingetreden zonder een ingebrekestelling is geen sprake,
althans dat heeft [gedaagde01] onvoldoende onderbouwd. Uit het procesdossier blijkt namelijk niet dat Istrac de gebreken aan de auto niet wil verhelpen. Integendeel, Istrac stelt zich (ook al voor het begin van deze zaak) op het standpunt dat zij de gebreken aan de auto al heeft hersteld en daaruit blijkt juist dat Istrac de gebreken (als die er zouden zijn) wel wil verhelpen. Gelet op het voorgaande zullen de primaire eisen van [gedaagde01] in een op een later moment te wijzen eindvonnis worden afgewezen.
De kantonrechter heeft het voornemen om een deskundige te benoemen
2.4.
[gedaagde01] en Istrac zijn het er niet over eens of de auto op dit moment nog de door [gedaagde01] genoemde gebreken vertoont. De kantonrechter kan dat ook niet zelf beoordelen. Daarom heeft de kantonrechter het voornemen om een onafhankelijk deskundige te benoemen. Die deskundige moet de auto inspecteren en beoordelen of de door [gedaagde01] genoemde gebreken op dit moment nog aanwezig zijn. Als één of meerdere van die gebreken op dit moment nog aanwezig is/zijn, wil de kantonrechter ook weten wat de kosten van herstel zijn.
2.5.
De kantonrechter wil - in ieder geval - de volgende vragen aan de te benoemen deskundige stellen:
1. Bevat de auto op dit moment één of meerdere van de volgende gebreken:
a) de hoedenplank is defect;
b) de motorkap zit vast en gaat niet open (defecte motorkap sluiting);
c) er bevindt zich condens/vocht aan de binnenkant van de koplampen;
d) de kofferbak kan vol water lopen, ook als die dicht zit;
e) het start-stopsysteem functioneert niet; en/of
f) het panoramadak opent langzaam en loopt regelmatig vast.
2. Zo ja, wat zijn de herstelkosten van dit/deze gebrek(en)?
3. Heeft u vanuit uw deskundigheid nog andere opmerkingen die voor de beoordeling van de zaak van belang kunnen zijn?
2.6.
De kantonrechter verwijst de zaak nu naar de hierna onder de beslissing genoemde rolzitting. Op die rolzitting kunnen partijen zich schriftelijk uitlaten over (a) welke persoon zij voorstellen om als deskundige te benoemen en (b) welke (andere) vragen zij voorstellen om aan die deskundige te stellen. Het verdient de voorkeur dat partijen gezamenlijk één persoon voordragen die als deskundige kan worden benoemd.
2.7.
Gelet op de nog te verwachten duur van de procedure, de relatief hoge kosten die met een deskundigenonderzoek gemoeid zijn en de resterende beslispunten in deze zaak geeft de kantonrechter partijen sterk in overweging om nogmaals met elkaar in overleg te treden om te bekijken of de zaak alsnog minnelijk kan worden opgelost. In het kader van kostenbesparing kunnen partijen ook gezamenlijk (eventueel vergezeld van een door hen aan te wijzen onafhankelijke partij, zoals de ANWB) de auto inspecteren en beoordelen of de auto op dit moment nog één of meerdere van de door [gedaagde01] genoemde gebreken bevat. Partijen moeten het er dan wel over eens worden of de auto op dit moment nog gebreken bevat en, zo ja, welke gebreken dat dan zijn. Anders is de kantonrechter alsnog genoodzaakt om een onafhankelijke deskundige te benoemen.
2.8.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
Dictum
De kantonrechter:
3.1.
verwijst de zaak naar de rolzitting van
dinsdag 16 januari 2024 om 11:30 uur
, op welke rolzitting partijen zich schriftelijk kunnen uitlaten over (a) welke persoon zij voorstellen om als deskundige te benoemen en (b) welke vragen zij voorstellen om aan die deskundige te stellen;
3.2.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. G.A. Vriezen en in het openbaar uitgesproken.
38671
Bijlage 10 bij het antwoord.
Bijlage 6 bij de dagvaarding.
Bijlage 7 bij de dagvaarding.
Bijlage 10 bij de dagvaarding.
Zie artikel 6:265 van het Burgerlijk Wetboek in samenhang met artikel 6:82 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek.
Artikel 6:83 van het Burgerlijk Wetboek.