Rechtspraak
Rechtbank Overijssel
2025-06-17
ECLI:NL:RBOVE:2025:4617
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,351 tokens
Inleiding
RECHTBANK OVERIJSSEL
Team Familierecht en Jeugdrecht
Locatie: Zwolle
Zaak-/rekestnr.: C/08/334462 / FA RK 25-1561
Afwijzing machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Beschikking van 17 juni 2025 van de rechtbank Overijssel naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene]
,
geboren op [geboortedatum] 1992 te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats],
verblijvende bij Dimence, locatie [locatie],
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. S.M. Wolff te Zwolle.
Procesverloop
1.1
Bij verzoekschrift, ingekomen bij de griffie op 16 juni 2025, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 14 juni 2025 opgelegde crisismaatregel.
1.2
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel d.d. 14 juni 2025;
de medische verklaring d.d. 14 juni 2025;
de politiemutaties van betrokkene.
1.3
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 17 juni 2025 bij Dimence, locatie [locatie].
1.4
Tijdens de mondelinge behandeling heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
betrokkene, bijgestaan door een telefonische tolk in de taal Arabisch-Syrisch;
de advocaat van betrokkene;
J.J. Verhagen, psychiater,
[naam], verpleegkundig specialist.
Beoordeling
2.1
In het verzoek wordt op basis van onder meer de medische verklaring gesteld dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in:
ernstige psychische schade;
ernstige materiële schade;
ernstige verwaarlozing;
de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept;
de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
2.2
De advocaat van betrokkene heeft ter zitting aangevoerd dat de medische verklaring ondeugdelijk is. Uit de medische verklaring blijkt niet of de beoordeling van de onafhankelijke psychiater is afgenomen met een tolk. Derhalve is onduidelijk of betrokkene de psychiater heeft begrepen, nu hij geen Nederlands spreekt of begrijpt.
2.3
Artikel 1:8 van de Wvggz vermeldt:
Bij de voorbereiding, de uitvoering, de wijziging en de beëindiging van verplichte zorg wordt betrokkene in een voor hem begrijpelijke taal geïnformeerd.
Voor zover de uitvoering van de verplichte zorg leidt tot vrijheidsbeneming heeft betrokkene, indien hij de Nederlandse taal niet beheerst, recht op bijstand van een tolk.
In de medische verklaring vermeldt de onafhankelijke psychiater dat hij kort met betrokkene heeft gesproken en dat deze hem heeft laten weten God te zijn en niet met hem te willen spreken. Nu betrokkene geen Nederlands begrijpt en spreekt, heeft de onafhankelijke psychiater dit in beginsel slechts kunnen vaststellen met behulp van een tolk. Nu de medische verklaring niet vermeldt dat gebruik is gemaakt van een tolk, kan er niet van worden uitgegaan dat de verklaring zorgvuldig tot stand gekomen en is er geen grondslag voor de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel. Het verzoek dient dus te worden afgewezen. De rechtbank merkt nog op dat tijdens de mondelinge behandeling een tolk Engels in persoon aanwezig was, maar dat ervoor is gekozen met betrokkene te spreken door tussenkomst van een telefonische tolk Arabisch-Syrisch.
Dictum
De rechtbank:
wijst af het verzoek tot het verlenen van een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 17 juni 2025 door mr. A.L. Smit, rechter, in tegenwoordigheid van P.J. Soldaat, griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 18 juni 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.