Rechtspraak
Rechtbank Overijssel
2016-03-11
ECLI:NL:RBOVE:2016:873
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
641 tokens
Inleiding
vonnis
RECHTBANK OVERIJSSEL
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Zwolle
zaaknummer / rolnummer: C/08/182466 / KG ZA 16-49
Herstelvonnis van 11 maart 2016
in de zaak van
[eiseres]
,
wonende te [woonplaats] ,
eiseres,
advocaat mr. S.P. Koerselman te Zoetermeer,
tegen
1 [gedaagde 1] ,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
gemachtigde mr. M.J. Siertsema, werkzaam bij DAS,
2. [gedaagde 2],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
niet verschenen.
1Het verzoek tot verbetering
1.1.
Bij brief van 8 maart 2016 is de voorzieningenrechter namens eiseres verzocht om verbetering van het op 7 maart 2016 in deze zaak gewezen vonnis, aangezien dit vonnis wat betreft de beslissing onder 5.4 een kennelijke fout lijkt te bevatten, nu daarin wordt verwezen naar de in 5.1 en/of 5.2 uitgesproken hoofdveroordelingen in plaats van naar de in 5.2 en/of 5.3 uitgesproken hoofdveroordelingen.
1.2.
Namens gedaagden is te kennen gegeven dat zij niet akkoord gaan dit verzoek, omdat zij niet willen meewerken aan hun eigen veroordeling.
Beoordeling
2.1.
Ingevolge het bepaalde in artikel 31 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan de rechter te allen tijde op verzoek van een partij of ambtshalve een in zijn vonnis gemaakte kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent, verbeteren.
2.2.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat in het vonnis van 7 maart 2016 sprake is van een kennelijke schrijffout die zich voor eenvoudig herstel leent. De voorzieningenrechter zal het verzoek dan ook toewijzen als na te melden.
Dictum
De voorzieningenrechter
3.1.
bepaalt dat de beslissing onder 5.4 van het op 7 maart 2016 tussen eiseres en gedaagden gewezen vonnis, waar staat
“5.1 en/of 5.2”
wordt gewijzigd in
“5.2 en/of 5.3”,
3.2.
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 11 maart 2016 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 7 maart 2016.
Dit vonnis is gewezen door mr. T.R. Hidma en in het openbaar uitgesproken op 11 maart 2016.