Rechtspraak
Rechtbank Noord-Nederland
2025-04-07
ECLI:NL:RBNNE:2025:1537
Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Mondelinge uitspraak
1,149 tokens
Inleiding
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Leeuwarden
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 259157295
zaaknummer: 11301350 BU VERZ 24-2197
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 7 april 2025
in de zaak van
[betrokkene] (de betrokkene),
die woont in [woonplaats] .
Inleiding
1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De gedraging waarvoor de boete is opgelegd is: A915 – ‘voor een motorrijtuig niet de vereiste verzekering afsluiten en in stand houden’, geconstateerd bij een registercontrole bij de RDW in Veendam op 17 mei 2023, om 17:04 uur, betreffende een land- of bosbouwtrekker met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 409,00 (inclusief administratiekosten).
1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op de zitting van 7 april 2025 behandeld. Daarbij waren aanwezig: betrokkene en als vertegenwoordigster van de officier van justitie mr. Z. Fluitsma.
1.3.
Na afloop van de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.
Dictum
1. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep gegrond is en zal de boete matigen. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.
Standpunten
2. Betrokkene stelt dat het gaat om een oude trekker dat een kentekenplicht kreeg. De machine was in totale restauratie. Betrokkene heeft er niet bij stilgestaan om het voertuig te schorsen of verzekeren, aangezien het voertuig niet gebruikt kon worden en er geen belasting over geheven wordt zoals bij een auto, waardoor het hem aan de aandacht is ontschoten. Volgens hem is het voertuig met spoed verzekerd op 23 mei 2023 en was de peildatum 17 mei 2023. Bij het beroepschrift zitten foto’s van de trekker die in losse onderdelen in de schuur staat. Ter zitting toont betrokkene foto’s van de trekker die intussen zo goed als rijklaar is.
3. De vertegenwoordigster stelt zich op het standpunt dat matiging van de boete op zijn plaats is. Uit de foto’s in het dossier blijkt volgens haar dat de trekker niet geschikt was om de openbare weg op te gaan. Verder heeft zij gezien dat het voertuig kort na de constatering alsnog is verzekerd.
Overwegingen
4. De overtreding kan worden vastgesteld omdat betrokkene deze niet betwist. Daarnaast blijkt uit de gegevens in het dossier dat op de peildatum geen verzekeringsgegevens bestonden.
5. De kantonrechter ziet, net als de vertegenwoordigster, aanleiding om de sanctie te matigen tot nihil. De trekker kon duidelijk niet op de openbare weg gebruikt worden en de trekker is snel alsnog verzekerd.
Conclusie
De kantonrechter:
verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gedeeltelijk gegrond;
wijzigt die beslissing in die zin dat het sanctiebedrag wordt gematigd tot nihil;
bepaalt dat de zekerheidstelling aan betrokkene moet worden terugbetaald.
Waarvan proces-verbaal,
D.W. Veenstra, griffier mr. H.J. Bastin, kantonrechter
Rechtsmiddel
Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.
Afschrift verzonden aan partijen op: