Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
2023-06-21
ECLI:NL:RBNHO:2023:5772
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,252 tokens
Inleiding
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknr./rolnr.: 8772100 \ CV EXPL 20-4805 (rvk)
Uitspraakdatum: 21 juni 2023
Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:
1de naamloze vennootschap TVM Verzekeringen N.V.
statutair gevestigd en kantoorhoudende te Hoogeveen
2. de besloten vennootschap Axus Nederland B.V.
statutair gevestigd en kantoorhoudende te Hoofddorp
eisende partijen
verder te noemen: TVM en Axus
gemachtigde: mr. J. Mulder, advocaat te Hoogeveen
tegen
1 [gedaagde sub 1]
wonende te [plaats]
gemachtigde: mr. G.M. Terlingen, advocaat te [plaats]
[toevoegingsnr.: 4OI3353]
2. [gedaagde sub 2]
wonende te [plaats]
niet verschenen
3. [gedaagde sub 3]
wonende te [plaats]
gemachtigde: mr. A.M. Stam, advocaat te [plaats]
gedaagde partijen
verder afzonderlijk te noemen: [gedaagden] , dan wel gedaagden gezamenlijk
1Het verdere procesverloop
1.1.
TVM en Axus hebben in het kader van het bij tussenvonnis van 21 april 2021 opgedragen bewijs documenten overgelegd en getuigen laten horen. [gedaagde sub 3] heeft in het tegen-getuigenverhoor ook een getuige laten horen. De griffier heeft proces-verbaal opgemaakt van wat de getuigen hebben verklaard.
1.2.
TVM en Axus en [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 3] hebben na de getuigenverhoren nog een schriftelijke reactie gegeven.
2De verdere beoordeling
2.1.
De kantonrechter blijft bij wat in het tussenvonnis is overwogen en beslist. TVM en Axus zijn in het tussenvonnis in de gelegenheid gesteld te bewijzen dat gedaagden (gezamenlijk of afzonderlijk) degenen zijn die in de auto zijn gaan zitten en er mee zijn gaan rijden.
2.2.
TVM en Axus hebben ter voldoening aan de bewijsopdracht als productie 11 een kopie van het proces-verbaal van het onderzoek in de strafzaak tegen [gedaagden] overgelegd. Ook hebben zij als productie 12 een verklaring van [getuige 6] overgelegd en als productie 13 correspondentie met [getuige 6] .
2.3.
TVM en Axus hebben tevens de volgende getuigen laten horen:
[getuige 1] ;
[getuige 2] ;
[getuige 3] ;
[getuige 4] ;
[getuige 5] ;
[getuige 6] ;
[getuige 7] ;
2.4.
In het tegen-verhoor is de volgende getuige gehoord:
- [getuige 8]
2.5.
Naar het oordeel van de kantonrechter zijn TVM en Axus niet geslaagd in dat bewijs. Dat oordeel wordt hierna toegelicht.
uitgangspunten bij de bewijswaardering
2.6.
In het civiele recht hoeven feiten niet onomstotelijk vast komen te staan; een redelijke mate van zekerheid volstaat. Als algemene regel kan worden aangenomen dat een feit voor de civiele rechter is bewezen wanneer uit de beschikbare bewijsmiddelen redelijkerwijs kan worden afgeleid dat het feit zich heeft voorgedaan, en uit die bewijsmiddelen níet even goed kan worden afgeleid dat wat de wederpartij met betrekking tot dat feit stelt, zich heeft voorgedaan, terwijl zich evenmin de situatie voordoet dat bewijsmateriaal ontbreekt dat redelijkerwijs verwacht mocht worden. Een dergelijk bewijsoordeel komt tot stand door al het bewijsmateriaal te betrekken in de beantwoording van de vraag of het opgedragen bewijs is geleverd.
de getuigenverklaringen
2.7.
Getuige [getuige 3] heeft verklaard dat zij [gedaagde sub 1] achter het stuur van de auto heeft zien zitten toen zij de bewuste zondagmorgen de hond uitliet. Daar staat tegenover dat zij [gedaagde sub 1] heeft herkend van een foto die haar werd getoond en waarop zijn naam stond geschreven, waarna zij [gedaagde sub 1] heeft aangewezen als bestuurder.
2.8.
Getuige [getuige 5] heeft verklaard dat zij personen in de auto heeft zien zitten en dat de bestuurder een wit T-shirt aan had; gezichten heeft zij niet kunnen zien.
2.9.
Getuige [getuige 4] heeft de auto niet gezien, maar wel twee jongens bij de schutting van de tuin van de woning van de heer [getuige 2] .
2.10.
Getuige [getuige 2] was ten tijde van het voorval niet thuis en heeft niet uit eigen waarneming kunnen verklaren wie er in de auto zaten.
2.11.
Getuige [getuige 1] heeft niet uit eigen waarneming kunnen verklaren dat gedaagden in de auto zaten omdat hij op dat moment sliep. Hetzelfde geldt voor getuige [getuige 7] .
2.12.
Getuige [getuige 6] heeft verklaard dat hij op een video op Snapchat die hij later die dag onder ogen kreeg [gedaagde sub 1] of [gedaagde sub 2] achter het stuur heeft zien zitten en [gedaagde sub 3] en diens broer [getuige 8] achterin. [getuige 6] was zelf niet aanwezig op de afterparty.
2.13.
Getuige [getuige 8] heeft verklaard dat hij op de bewuste zondag in het buitenland verbleef en dat [getuige 6] hem heeft verteld geld te hebben ontvangen voor het afleggen van zijn verklaring.
de schriftelijke stukken
2.14.
In een verslag van 12 augustus 2019 opgesteld door [schade onderzoeker] en [schade onderzoeker] , senior schade-onderzoekers van TVM (overgelegd als productie 9 bij akte van 23 september 2020 van de kant van TVM en Axus), is te lezen dat de schade-onderzoekers van TVM op 12 augustus 2019 een huisbezoek hebben afgelegd aan het adres van [gedaagde sub 2] . Tijdens dat bezoek heeft [gedaagde sub 2] op vragen van de onderzoekers van TVM geantwoord dat hij in de auto zat, tezamen met [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 3] , waarbij [gedaagde sub 1] achter het stuur zat. Verder is te lezen dat [gedaagde sub 2] bevestigt dat tijdens de rit een aanrijding met een motorrijder heeft plaatsgevonden.
de bewijswaardering
2.15.
Op grond van de verklaringen van [getuige 3] , [getuige 5] en [getuige 6] is het mogelijk te concluderen dat gedaagden degenen zijn die met de auto hebben gereden, maar hun verklaringen leveren, naar het oordeel van de kantonrechter, wanneer wordt gekeken naar alle bewijsmiddelen in onderling verband en samenhang bezien, niet de vereiste redelijke mate van zekerheid daartoe op. Immers tegenover het aanwijzen van [gedaagde sub 1] door [getuige 3] staat dat getuige [getuige 3] haar verklaringen heeft afgelegd nadat haar gevraagd is of zij [gedaagde sub 1] als bestuurder van de auto herkende en haar tegelijkertijd een foto van [gedaagde sub 1] is getoond met daarop zijn naam geschreven. De kantonrechter kan niet uitsluiten dat haar verklaring hierdoor ‘gestuurd’ is. Later heeft [getuige 3] tijdens het getuigenverhoor ook nog verklaard dat zij zich het niet meer precies kan herinneren. Getuige [getuige 6] heeft verklaard dat hij gedaagden op een snapchat-video heeft gezien op een telefoontoestel van een vriend. Hij heeft niet gezegd wie die vriend was. [getuige 6] heeft ook verklaard dat er vier personen in de auto zaten, hetgeen in tegenspraak is met zijn latere verklaring dat het om drie personen ging. Getuige [getuige 8] heeft over [getuige 6] nog verklaard dat hij geld heeft gekregen voor het afleggen van zijn verklaring.
2.16.
De politie heeft gedaagden aangemerkt als verdachten van het plegen van diefstal, joyriding en het verlaten van de plaats van het ongeval en heeft een strafrechtelijk onderzoek ingesteld.
Dictum
De kantonrechter:
3.1.
wijst de vordering af;
3.2.
veroordeelt TVM en Axus, hoofdelijk des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor:
- [gedaagde sub 1] worden vastgesteld op een bedrag van € 1.155,- aan salaris van de gemachtigde van [gedaagde sub 1] ;
en voor:
- [gedaagde sub 3] worden vastgesteld op een bedrag van € 1.485,- aan salaris van de gemachtigde van [gedaagde sub 1] ;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Flipse en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter