Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
2026-04-22
ECLI:NL:RBMNE:2026:2411
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
4,081 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBMNE:2026:2411 text/xml public 2026-05-19T08:20:40 2026-05-15 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Midden-Nederland 2026-04-22 C/16/588400 / HA ZA 25-78 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Utrecht Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:2411 text/html public 2026-05-19T08:19:56 2026-05-19 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBMNE:2026:2411 Rechtbank Midden-Nederland , 22-04-2026 / C/16/588400 / HA ZA 25-78 Bewijsopdracht. gedaagde wordt opgedragen feiten en omstandigheden te bewijzen waaruit volgt dat gedaagde en eiseres een no cure no pay afspraak hebben gemaakt voor de door eiseres verrichte werkzaamheden; RECHTBANK Midden-Nederland Civiel recht Zittingsplaats Utrecht Zaaknummer: C/16/588400 / HA ZA 25-78 Tussenvonnis van 22 april 2026 in de zaak van [eiseres] B.V. , gevestigd in [vestigingsplaats] , eisende partij, hierna te noemen: [eiseres] , advocaat: mr. A.H.H.M. Roelofs, tegen 1 [gedaagde sub 1] B.V., gevestigd in [vestigingsplaats] , 2. STICHTING [gedaagde sub 2] , gevestigd in [vestigingsplaats] , gedaagde partijen, hierna samen te noemen: [gedaagde] , in enkelvoud, advocaat: mr. E. Doornbos. 1 De procedure 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 19 november 2025; - de akte met productie van [eiseres] ; - de mondelinge behandeling van 5 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt en [eiseres] haar eis heeft verminderd; - de spreekaantekeningen van [eiseres] . 1.2 Aan het einde van de mondelinge behandeling heeft de rechtbank bepaald dat vonnis zal worden gewezen. 2 De kern van de zaak 2.1 [eiseres] is een reclamebureau en heeft werkzaamheden verricht voor [gedaagde] op basis van een mondelinge overeenkomst van opdracht. Zij heeft daarvoor aan [gedaagde sub 1] facturen gestuurd ter hoogte van € 25.544,92 inclusief btw en aan [gedaagde sub 2] een factuur van € 8.033,80 inclusief btw. [gedaagde sub 2] heeft daarop € 4.016,90 betaald. De rest van de facturen is onbetaald gebleven. Tussen partijen staat ter discussie welke afspraken zij hebben gemaakt over de betaling van de werkzaamheden van [eiseres] . [gedaagde] stelt dat de afspraak tussen partijen was dat er gewerkt werd op basis van no cure, no pay. Omdat er geen resultaat is behaald is zij niet verplicht de facturen te betalen. Subsidiair betwist [gedaagde] de hoogte van de facturen. [eiseres] betwist dat er een no cure, no pay-regeling is afgesproken. De rechtbank draagt [gedaagde] bewijs op van haar stelling omtrent de gemaakte afspraak van no cure, no pay en houdt iedere verdere beslissing aan. 3 De beoordeling 3.1 [gedaagde] houdt zich bezig met maatschappelijk- en welzijnswerk en is daarvoor afhankelijk van overheidssubsidie en fondsen. [gedaagde] had voor het verwerven van een opdracht voor de Gemeente Den Haag professionele hulp nodig voor het maken van een presentatie en is daarvoor in contact gekomen met [eiseres] . [gedaagde] heeft [eiseres] opdracht gegeven om een whitepaper te maken en een presentatie voor de Gemeente Den Haag. Ook hebben partijen afgesproken dat [eiseres] voor [gedaagde] een nieuwe huisstijl, een nieuw logo en een nieuwe website zou maken. 3.2. [eiseres] heeft in de periode van januari 2021 en februari 2021 de volgende werkzaamheden verricht: voor [gedaagde sub 1] : Ontwikkeling concept, logo, presentatie - meetings - concept/content ontwikkeling - ontwikkeling logo/visualisatie presentatie - logo/brandsheet HR opmaak/uitleveren - video edit (uitzoeken fragmenten/montage) Vervaardigen Website - copyflow/navigatie/redigeren - art direction/interactie - template research/aankoop - online plaatsen/veilige omgeving - template vullen - beeldmateriaal - accountbegeleiding Whitepaper den Haag - copyflow- redigeren - opmaak in ppt - accountmanagemanagement incl. meetings voor [gedaagde sub 2] : - ontwikkeling logo, huisstijl - redigeren copy website - flowchart website - search beeldmateriaal, wordpress template - ontwikkeling, uitvoering onepager website - online plaatsing - accountmanagement Website op basis van onepager template 3.3. Tussen partijen is niet in geschil dat [eiseres] deze werkzaamheden in opdracht van [gedaagde] heeft verricht. [eiseres] heeft voor deze werkzaamheden in totaal een bedrag van € 25.544,92 inclusief btw in rekening gebracht bij [gedaagde] En een bedrag van € 8.033,80 inclusief btw in rekening gebracht bij [gedaagde sub 2] . [eiseres] heeft daarvoor op 13 december 2021 aan [gedaagde] facturen verstuurd. [gedaagde sub 1] heeft de facturen onbetaald gelaten en [gedaagde sub 2] heeft een bedrag van € 4.016,90 op de factuur betaald. Dat [gedaagde] het openstaande bedrag moet betalen staat nog niet vast 3.4. [eiseres] vordert in deze procedure betaling van € 21.111,50 exclusief btw van [gedaagde sub 1] . In verband met de betaling van [gedaagde sub 2] heeft [eiseres] haar vordering op [gedaagde sub 2] ter zitting verminderd. Zij vordert in deze procedure nog € 4.016,- inclusief btw van [gedaagde sub 2] . [eiseres] stelt dat zij zich aan de gemaakte afspraak met [gedaagde] heeft gehouden om alleen de redelijke kosten in rekening te brengen. Dat partijen deze afspraak hebben gemaakt blijkt volgens [eiseres] uit de kostenbegrotingen die zij op 8 april 2021 aan [gedaagde] heeft verstuurd. In het daarbij gevoegde bericht laat [eiseres] [gedaagde] weten een finance update te sturen met de uren die zij tot dan toe hebben besteed. Daarbij heeft [eiseres] opgemerkt dat de uren laag zijn gehouden en dat [gedaagde] nog een aantal correctie uren tegoed heeft. Volgens [eiseres] is [gedaagde] ook met deze begrotingen akkoord gegaan. 3.5. [gedaagde] heeft gemotiveerd bestreden dat de door [eiseres] gestelde afspraken zijn gemaakt. Volgens [gedaagde] heeft zij met [eiseres] juist afgesproken dat zij alleen voor de door [eiseres] verrichte werkzaamheden zou hoeven te betalen als zij de opdracht van de gemeente Den Haag toegewezen zou krijgen. Zij heeft met [eiseres] een zogenoemde no cure, no pay afspraak gemaakt. Omdat [gedaagde] de opdracht voor de Gemeente Den Haag niet heeft gekregen is zij niet verplicht [eiseres] het nog openstaande bedrag van de facturen te betalen. Subsidiair heeft [gedaagde] ook de hoogte van de vorderingen bestreden. [gedaagde] krijgt een bewijsopdracht 3.6. In het algemeen geldt voor een overeenkomst van opdracht dat de opdrachtgever een redelijk loon verschuldigd is als geen loon overeen is gekomen (artikel 7:405 lid 2 BW). Wat redelijk loon is, hangt onder meer af van de aard en omvang van de te verrichten werkzaamheden en het gebruik in de betreffende branche. In dit geval heeft [gedaagde] de door [eiseres] in rekening gebrachte bedragen voor de gewerkte uren niet bestreden. De rechtbank gaat dan ook van deze bedragen uit tenzij zou komen vast te staan dat partijen hebben afgesproken dat [eiseres] de werkzaamheden zou verrichten op basis van no cure, no pay wat uitdrukkelijk wordt betwist door [eiseres] . In dat geval zou [eiseres] geen aanspraak kunnen maken op betaling van de facturen. De bewijslast rust op [gedaagde] 3.7. [gedaagde] draagt de bewijslast van de feiten en omstandigheden die zij ten grondslag legt aan haar verweer dat zij met [eiseres] een no cure, no pay afspraak heeft gemaakt. Een dergelijk verweer moet namelijk als een bevrijdend verweer worden aangemerkt waarvan zij volgens de hoofdregel van artikel 150 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) de bewijslast draagt. [gedaagde] beroept zich namelijk op het rechtsgevolg van de volgens haar gemaakte afspraak namelijk dat zij ontslagen wordt van haar betalingsverplichting. [gedaagde] heeft ook bewijs hiervan aangeboden. 3.8. Als [gedaagde] slaagt in deze bewijsopdracht dan zullen de vorderingen van [eiseres] worden afgewezen. Slaagt [gedaagde] niet in dit bewijs dan zal de rechtbank de vorderingen van [eiseres] toewijzen. [gedaagde] heeft namelijk in dat geval niet onderbouwd waarom de in rekening gebrachte kosten niet redelijk zouden zijn. [gedaagde] heeft de hoogte van de vorderingen dan ook onvoldoende onderbouwd bestreden. Alle verdere beslissingen worden aangehouden tot het eindvonnis. 3.9.
Volledig
ECLI:NL:RBMNE:2026:2411 text/xml public 2026-05-19T08:20:40 2026-05-15 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Midden-Nederland 2026-04-22 C/16/588400 / HA ZA 25-78 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Utrecht Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:2411 text/html public 2026-05-19T08:19:56 2026-05-19 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBMNE:2026:2411 Rechtbank Midden-Nederland , 22-04-2026 / C/16/588400 / HA ZA 25-78 Bewijsopdracht. gedaagde wordt opgedragen feiten en omstandigheden te bewijzen waaruit volgt dat gedaagde en eiseres een no cure no pay afspraak hebben gemaakt voor de door eiseres verrichte werkzaamheden; RECHTBANK Midden-Nederland Civiel recht Zittingsplaats Utrecht Zaaknummer: C/16/588400 / HA ZA 25-78 Tussenvonnis van 22 april 2026 in de zaak van [eiseres] B.V. , gevestigd in [vestigingsplaats] , eisende partij, hierna te noemen: [eiseres] , advocaat: mr. A.H.H.M. Roelofs, tegen 1 [gedaagde sub 1] B.V., gevestigd in [vestigingsplaats] , 2. STICHTING [gedaagde sub 2] , gevestigd in [vestigingsplaats] , gedaagde partijen, hierna samen te noemen: [gedaagde] , in enkelvoud, advocaat: mr. E. Doornbos. 1 De procedure 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 19 november 2025; - de akte met productie van [eiseres] ; - de mondelinge behandeling van 5 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt en [eiseres] haar eis heeft verminderd; - de spreekaantekeningen van [eiseres] . 1.2 Aan het einde van de mondelinge behandeling heeft de rechtbank bepaald dat vonnis zal worden gewezen. 2 De kern van de zaak 2.1 [eiseres] is een reclamebureau en heeft werkzaamheden verricht voor [gedaagde] op basis van een mondelinge overeenkomst van opdracht. Zij heeft daarvoor aan [gedaagde sub 1] facturen gestuurd ter hoogte van € 25.544,92 inclusief btw en aan [gedaagde sub 2] een factuur van € 8.033,80 inclusief btw. [gedaagde sub 2] heeft daarop € 4.016,90 betaald. De rest van de facturen is onbetaald gebleven. Tussen partijen staat ter discussie welke afspraken zij hebben gemaakt over de betaling van de werkzaamheden van [eiseres] . [gedaagde] stelt dat de afspraak tussen partijen was dat er gewerkt werd op basis van no cure, no pay. Omdat er geen resultaat is behaald is zij niet verplicht de facturen te betalen. Subsidiair betwist [gedaagde] de hoogte van de facturen. [eiseres] betwist dat er een no cure, no pay-regeling is afgesproken. De rechtbank draagt [gedaagde] bewijs op van haar stelling omtrent de gemaakte afspraak van no cure, no pay en houdt iedere verdere beslissing aan. 3 De beoordeling 3.1 [gedaagde] houdt zich bezig met maatschappelijk- en welzijnswerk en is daarvoor afhankelijk van overheidssubsidie en fondsen. [gedaagde] had voor het verwerven van een opdracht voor de Gemeente Den Haag professionele hulp nodig voor het maken van een presentatie en is daarvoor in contact gekomen met [eiseres] . [gedaagde] heeft [eiseres] opdracht gegeven om een whitepaper te maken en een presentatie voor de Gemeente Den Haag. Ook hebben partijen afgesproken dat [eiseres] voor [gedaagde] een nieuwe huisstijl, een nieuw logo en een nieuwe website zou maken. 3.2. [eiseres] heeft in de periode van januari 2021 en februari 2021 de volgende werkzaamheden verricht: voor [gedaagde sub 1] : Ontwikkeling concept, logo, presentatie - meetings - concept/content ontwikkeling - ontwikkeling logo/visualisatie presentatie - logo/brandsheet HR opmaak/uitleveren - video edit (uitzoeken fragmenten/montage) Vervaardigen Website - copyflow/navigatie/redigeren - art direction/interactie - template research/aankoop - online plaatsen/veilige omgeving - template vullen - beeldmateriaal - accountbegeleiding Whitepaper den Haag - copyflow- redigeren - opmaak in ppt - accountmanagemanagement incl. meetings voor [gedaagde sub 2] : - ontwikkeling logo, huisstijl - redigeren copy website - flowchart website - search beeldmateriaal, wordpress template - ontwikkeling, uitvoering onepager website - online plaatsing - accountmanagement Website op basis van onepager template 3.3. Tussen partijen is niet in geschil dat [eiseres] deze werkzaamheden in opdracht van [gedaagde] heeft verricht. [eiseres] heeft voor deze werkzaamheden in totaal een bedrag van € 25.544,92 inclusief btw in rekening gebracht bij [gedaagde] En een bedrag van € 8.033,80 inclusief btw in rekening gebracht bij [gedaagde sub 2] . [eiseres] heeft daarvoor op 13 december 2021 aan [gedaagde] facturen verstuurd. [gedaagde sub 1] heeft de facturen onbetaald gelaten en [gedaagde sub 2] heeft een bedrag van € 4.016,90 op de factuur betaald. Dat [gedaagde] het openstaande bedrag moet betalen staat nog niet vast 3.4. [eiseres] vordert in deze procedure betaling van € 21.111,50 exclusief btw van [gedaagde sub 1] . In verband met de betaling van [gedaagde sub 2] heeft [eiseres] haar vordering op [gedaagde sub 2] ter zitting verminderd. Zij vordert in deze procedure nog € 4.016,- inclusief btw van [gedaagde sub 2] . [eiseres] stelt dat zij zich aan de gemaakte afspraak met [gedaagde] heeft gehouden om alleen de redelijke kosten in rekening te brengen. Dat partijen deze afspraak hebben gemaakt blijkt volgens [eiseres] uit de kostenbegrotingen die zij op 8 april 2021 aan [gedaagde] heeft verstuurd. In het daarbij gevoegde bericht laat [eiseres] [gedaagde] weten een finance update te sturen met de uren die zij tot dan toe hebben besteed. Daarbij heeft [eiseres] opgemerkt dat de uren laag zijn gehouden en dat [gedaagde] nog een aantal correctie uren tegoed heeft. Volgens [eiseres] is [gedaagde] ook met deze begrotingen akkoord gegaan. 3.5. [gedaagde] heeft gemotiveerd bestreden dat de door [eiseres] gestelde afspraken zijn gemaakt. Volgens [gedaagde] heeft zij met [eiseres] juist afgesproken dat zij alleen voor de door [eiseres] verrichte werkzaamheden zou hoeven te betalen als zij de opdracht van de gemeente Den Haag toegewezen zou krijgen. Zij heeft met [eiseres] een zogenoemde no cure, no pay afspraak gemaakt. Omdat [gedaagde] de opdracht voor de Gemeente Den Haag niet heeft gekregen is zij niet verplicht [eiseres] het nog openstaande bedrag van de facturen te betalen. Subsidiair heeft [gedaagde] ook de hoogte van de vorderingen bestreden. [gedaagde] krijgt een bewijsopdracht 3.6. In het algemeen geldt voor een overeenkomst van opdracht dat de opdrachtgever een redelijk loon verschuldigd is als geen loon overeen is gekomen (artikel 7:405 lid 2 BW). Wat redelijk loon is, hangt onder meer af van de aard en omvang van de te verrichten werkzaamheden en het gebruik in de betreffende branche. In dit geval heeft [gedaagde] de door [eiseres] in rekening gebrachte bedragen voor de gewerkte uren niet bestreden. De rechtbank gaat dan ook van deze bedragen uit tenzij zou komen vast te staan dat partijen hebben afgesproken dat [eiseres] de werkzaamheden zou verrichten op basis van no cure, no pay wat uitdrukkelijk wordt betwist door [eiseres] . In dat geval zou [eiseres] geen aanspraak kunnen maken op betaling van de facturen. De bewijslast rust op [gedaagde] 3.7. [gedaagde] draagt de bewijslast van de feiten en omstandigheden die zij ten grondslag legt aan haar verweer dat zij met [eiseres] een no cure, no pay afspraak heeft gemaakt. Een dergelijk verweer moet namelijk als een bevrijdend verweer worden aangemerkt waarvan zij volgens de hoofdregel van artikel 150 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) de bewijslast draagt. [gedaagde] beroept zich namelijk op het rechtsgevolg van de volgens haar gemaakte afspraak namelijk dat zij ontslagen wordt van haar betalingsverplichting. [gedaagde] heeft ook bewijs hiervan aangeboden. 3.8. Als [gedaagde] slaagt in deze bewijsopdracht dan zullen de vorderingen van [eiseres] worden afgewezen. Slaagt [gedaagde] niet in dit bewijs dan zal de rechtbank de vorderingen van [eiseres] toewijzen. [gedaagde] heeft namelijk in dat geval niet onderbouwd waarom de in rekening gebrachte kosten niet redelijk zouden zijn. [gedaagde] heeft de hoogte van de vorderingen dan ook onvoldoende onderbouwd bestreden. Alle verdere beslissingen worden aangehouden tot het eindvonnis. 3.9.