Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
2025-02-04
ECLI:NL:RBMNE:2025:4420
Strafrecht; Materieel strafrecht
Eerste aanleg - meervoudig
2,416 tokens
Dictum
in de zaak van de officier van justitie tegen de ter beschikking gestelde:
[betrokkene]
,geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats] ,op dit moment verblijvend bij [verblijfplaats] te [plaats] ,
hierna: betrokkene.
1De stukken
De rechtbank heeft acht geslagen op de zich in het dossier bevindende stukken waaronder:
het vonnis van deze rechtbank van 10 januari 2017 waarbij betrokkene ter beschikking is gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege omdat zij zich heeft schuldig gemaakt aan een poging tot zware mishandeling, mishandeling meermalen gepleegd en mishandeling terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft;
stukken waaruit blijkt dat de terbeschikkingstelling (hierna: tbs) is ingegaan op 25 januari 2017;
Dictum
de vordering van de officier van justitie van 27 december 2024, die strekt tot verlenging van de tbs met twee jaar;
het verlengingsadvies van [verblijfplaats] (hierna: de inrichting) van 5 december 2024, opgemaakt door dr. [A] (1e geneeskundige) en drs. [B] (directeur behandeling), inhoudend het advies om de tbs met verpleging te verlengen met twee jaar;
het Pro Justitia-rapport van 3 december 2024, opgemaakt door dr. T.W.D.P. van Os, psychiater;
het Pro Justitia-rapport van 17 januari 2025, opgemaakt door A.J. de Groot, psycholoog;
de wettelijke aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van de betrokkene, over de periode 14 december 2022 tot en met 18 november 2024.
2Het onderzoek ter terechtzitting
De behandeling van de zaak heeft op 21 januari 2025 ter terechtzitting plaatsgevonden. Daarbij zijn gehoord:
- de officier van justitie, mr. S. Mirshahi;
- betrokkene, bijgestaan door haar raadsman mr. J.P.W. Nijboer, advocaat te Utrecht;
- de aan de inrichting verbonden deskundigen, [C] en [D] .
3Het standpunt van de inrichting
Het standpunt van de inrichting blijkt uit het onder 1 genoemde verlengingsadvies.
De deskundigen voornoemd hebben ter zitting het advies van de inrichting toegelicht.
Het standpunt luidt – zakelijk weergegeven – dat er bij de betrokkene nog steeds sprake is van stoornissen. Ook is het recidiverisico nog aanwezig. Dit risico wordt bij beëindiging van de maatregel ingeschat als hoog.
De inrichting adviseert de tbs met dwangverpleging te verlengen met twee jaar.
4Het standpunt van de niet aan de inrichting verbonden deskundigen
De deskundigen concluderen dat er bij betrokkene nog steeds sprake is van stoornissen.
De deskundigen schatten het recidiverisico bij een beëindiging van de tbs in als hoog.
De psychiater adviseert de tbs met dwangverpleging te verlengen met twee jaar.
De psycholoog adviseert eveneens tot een verlenging van twee jaar en overweegt daarbij dat niet is uit te sluiten dat de voorwaardelijke beëindiging over een jaar aan de orde zal zijn.
5Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft naar aanleiding van het verhandelde ter zitting haar vordering tot verlenging van de tbs met dwangverpleging met twee jaar gehandhaafd.
6Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft gepleit voor een verlenging van de maatregel met een jaar.
Daartoe is aangevoerd dat betrokkene, die al acht jaar in de tbs zit, in de afgelopen periode grote stappen vooruit heeft gezet. Het transmuraal verlof is goedgekeurd en betrokkene zal op korte termijn naar de FPA [plaats] verhuizen. Na het doorlopen van de behandelfase komt het accent nu te liggen op resocialiseren. In de huidige behandelsetting gaat het goed met betrokkene en als zij dat in [plaats] weet voort te zetten, valt niet uit te sluiten dat voorwaardelijke beëindiging van de tbs over een jaar aan de orde zal zijn, zoals de psycholoog ook heeft aangegeven. Betrokkene heeft belang bij een voortvarend verloop van de maatregel en perspectief op beëindiging.
Beoordeling
Maximering – kan de tbs worden verlengd?
Betrokkene is bij vonnis van 10 januari 2017 veroordeeld voor een poging tot zware
mishandeling, mishandeling meermalen gepleegd en mishandeling terwijl het feit zwaar
lichamelijk letsel ten gevolge heeft. Bij het opleggen van de tbs is overwogen dat
sprake is van ‘misdrijven die zijn gericht tegen of gevaar veroorzaken voor de
onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen’.
In artikel 38e, eerste lid van het Wetboek van Strafrecht is bepaald dat de tbs in dat geval niet gemaximeerd is. Omdat de tbs niet gemaximeerd is kan die worden verlengd als daar gronden voor zijn.
Stoornis
Uit het verlengingsadvies en het Pro Justitia-rapport van de psychiater blijkt dat er nog steeds sprake is van stoornissen bij betrokkene, te weten onder meer:
- een borderline persoonlijkheidsstoornis;- een antisociale persoonlijkheidsstoornis;- een stoornis in het gebruik van een amfetamineachtig middel, in remissie in gereguleerde omgeving;- alcoholafhankelijkheid, in remissie in gereguleerde omgeving;- afhankelijkheid van opioïden, in remissie in gereguleerde omgeving;- cocaïneafhankelijkheid, in remissie in gereguleerde omgeving;
Ook de psycholoog stelt vast dat sprake is van een stoornis; onder andere van een persoonlijkheidsstoornis met borderline en antisociale trekken en ernstige verslavingsproblematiek in het verleden.
Op basis van het verlengingsadvies en de Pro Justitia-rapporten stelt de rechtbank dan ook vast dat sprake is van een stoornis. Dat de psycholoog de stoornis op een andere wijze kwalificeert doet daar niet af. Voor de verlenging van de tbs is met name van belang óf nog sprake is van een stoornis en niet zozeer hoe die dient te worden geclassificeerd.
Recidivegevaar
Het recidivegevaar wordt bij beëindiging van de maatregel als hoog ingeschat.
De rechtbank heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van de inhoud van het verlengingsadvies en de Pro Justitia-rapporten van de deskundigen te twijfelen en neemt deze over.
Verlenging
Gelet op het advies van de inrichting, de niet aan de inrichting verbonden deskundigen en hetgeen ter zitting naar voren is gekomen, is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen verlenging van de tbs vereist.
De rechtbank is van oordeel dat daarbij wordt voldaan aan de vereisten van proportionaliteit en subsidiariteit.
Betrokkene verblijft op dit moment met een machtiging voor transmuraal verlof op de afdeling [afdeling] van [verblijfplaats] , een gesloten afdeling met beveiligingsniveau 3, waar gewerkt wordt aan resocialisatie en het geleidelijk uitbreiden van vrijheden.
De afgelopen tijd heeft betrokkene stabiel gefunctioneerd, zij zet zich in om de positieve lijn vast te houden en haar draagkracht is toegenomen. De risicofactoren zijn binnen het huidige risicomanagement onder controle. Betrokkene heeft enig ziektebesef, houdt zich aan de medicatie voorschriften en stelt zich begeleidbaar op. Ook gebruikt zij geen verdovende middelen. De reclassering is inmiddels betrokken, zodat het verdere resocialisatietraject ook vormgegeven kan worden. Betrokkene zal op korte termijn worden overgeplaatst naar FPA [plaats] .
Betrokkene is geneigd zichzelf te overschatten en in het verleden is gebleken dat te grote stappen leiden tot destabilisatie. Het is daarom van belang dat de verhuizing naar FPA [plaats] er niet toe zal leiden dat betrokkene wordt overvraagd. Een geleidelijk en zorgvuldig vormgegeven resocialisatietraject is in het geval van betrokkene van groot belang. Om destabilisatie zoveel mogelijk te voorkomen moet na goed verloop van het transmuraal verlof worden nagegaan in hoeverre betrokkene in aanmerking komt voor proefverlof. Getoetst zal moeten worden hoe betrokkene stabiel blijft bij een toename van vrijheden in het resocialisatietraject en daarmee met een toename van blootstelling aan haar angstige en boze binnenwereld.
De onafhankelijk psycholoog heeft in zijn advies opgemerkt dat niet uit te sluiten is dat toetsing of overgegaan kan worden tot voorwaardelijke beëindiging van de tbs aan de orde kan zijn over een jaar, namelijk als betrokkene binnen enkele weken kan worden geplaatst in [plaats] , als zij zich daar snel stabiel weet aan te passen en als proefverlof na een half jaar kan worden aangevraagd.
Ook de kliniek sluit die mogelijkheid niet uit, nu het zij het verlengingsadvies afsluit met de opmerking dat het traject ‘waarschijnlijk langer dan een jaar’ zal duren.
De rechtbank is, gelet op voorgaande van oordeel dat het passend is om de tbs met een jaar te verlengen.
Dictum
De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege van [betrokkene] met een jaar.
Deze beslissing is genomen door mr. J.A. Zwinkels, voorzitter, mrs. C.A.M. van Straalen en L.M.M. Heppe, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.E. van Wiggen – van der Hoek, griffier en in het openbaar uitgesproken op 4 februari 2025.