Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
2025-02-21
ECLI:NL:RBMNE:2025:1453
Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
736 tokens
Inleiding
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 24/64
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 februari 2025 in de zaak tussen
[eiseres] , [woonplaats] , eiseres
(gemachtigde: D. van der Locht)
en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht, verweerder.
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingesteld op 2 januari 2024 tegen de uitspraak op bezwaar van verweerder van 20 november 2023.
Bij brief van 6 september 2024 heeft verweerder de waarde van de woning verlaagd en is daarmee tegemoet gekomen aan de bezwaren van eiseres.
Overwegingen
1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Bij besluit van 6 september 2024 heeft verweerder eiseres medegedeeld dat hij het bestreden besluit niet langer handhaaft en dat de WOZ-waarde wordt vastgesteld op € 629.000,-
3. De rechtbank stelt vast dat verweerder volledig aan de bezwaren van eiseres is tegemoet gekomen. Aangezien niet is gebleken van enig belang bij vernietiging van het bestreden besluit, zal het beroep wegens het ontbreken van proces belang niet-ontvankelijk worden verklaard.
4. De rechtbank heeft eiseres bij brief van 12 september 2024 verzocht of zij uiterlijk
26 september 2024 aan de rechtbank wil laten weten of zij het ofwel eens is met het besluit van
6 september 2024 en het beroep intrekt ofwel dat zij uitlegt waarom zij het niet eens is het met het besluit. Bij brief van 30 september 2024 is eiseres nogmaals in de gelegenheid gesteld om hier uiterlijk 14 oktober 2024 op te reageren. Eiseres heeft niet gereageerd. De rechtbank gaat er daarom van uit dat eiseres het eens is met het besluit van 6 september 2024.
5. De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk.
Dictum
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Wolbrink, rechter, in aanwezigheid van E.J.H.C. Hui, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 21 februari 2025.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.