Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
2023-09-07
ECLI:NL:RBMNE:2023:4630
Civiel recht
Kort geding
2,097 tokens
Inleiding
RECHTBANK
MIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
kantonrechter
locatie Almere
Vonnis in kort geding van 7 september 2023 (bij vervroeging)
in de zaak met zaaknummer: 10670165 \ MV EXPL 23-113 van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
AHOLD EUROPE REAL ESTATE & CONSTRUCTION B.V.,
gevestigd te Zaandam,
eiseres, hierna te noemen: Ahold,
gemachtigde: mr. N.M. de Jong (Hemwood Advocaten),
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BIG BAZAR B.V.,
gevestigd te Diemen,
gedaagde, hierna te noemen: Big Bazar,
niet verschenen.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 23 augustus 2023 met 9 producties; - de mondelinge behandeling van 31 augustus 2023, waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt.
1.2.
Tijdens de mondelinge behandeling van 31 augustus 2023 waren namens Ahold mevrouw [A] , [functie 1] , en mevrouw [B] , [functie 2] , aanwezig. Ook mr. De Jong was aanwezig. Namens Big Bazar is niemand verschenen. Tegen Big Bazar is verstek verleend.
1.3.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Geschil
2.1.
Ahold vordert – samengevat – dat Big Bazar wordt veroordeeld om de bedrijfsruimte aan de [adres] in [plaats] (hierna: de bedrijfsruimte) binnen veertien dagen na betekening van het vonnis te ontruimen, op straffe van een dwangsom van € 2.500,- per dag(deel). Daarnaast vordert Ahold dat Big Bazar wordt veroordeeld tot betaling van € 226.183,05 aan huurachterstand, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente en € 2.998,74 aan buitengerechtelijke incassokosten. Verder vordert Ahold dat Big Bazar wordt veroordeeld tot betaling van een bedrag gelijk aan de huurprijs vanaf oktober 2023 tot aan de daadwerkelijke ontruiming, met veroordeling van Big Bazar in de proceskosten en de nakosten.
2.2.
Ahold legt aan haar vorderingen ten grondslag dat zij de bedrijfsruimte met ingang van 15 maart 2014 onderverhuurt aan Big Bazar tegen een huurprijs van (op dit moment) € 77.776,71 exclusief btw (€ 94.109,82 inclusief btw) per kwartaal. Volgens Ahold heeft Big Bazar een huurachterstand van € 226.183,05 inclusief btw laten ontstaan, welke huurachterstand ontbinding van de huurovereenkomst en daarop vooruitlopend ontruiming van de bedrijfsruimte rechtvaardigt.
Beoordeling
3.1.
Ahold stelt dat zij spoedeisend belang heeft bij haar vorderingen. Volgens Ahold blijkt uit persberichten dat Big Bazar in financieel zwaar weer verkeert en kan van haar niet worden gevergd dat zij kosten (zoals de huur, beheer- en exploitatiekosten) blijft maken om Big Bazar tot betaling te bewegen. Ahold wenst haar eigen schade te beperken door het gehuurde ter beschikking te stellen aan een opvolgend huurder die zijn betalingsverplichting wel nakomt. Naar het oordeel van de kantonrechter blijkt uit deze stellingen van Ahold van voldoende spoedeisend belang.
3.2.
Ahold vordert op grond van artikel 9 van de (bijzondere bepalingen van de) huurovereenkomst de wettelijke handelsrente over de huurachterstand. In deze bepaling staat – voor zover van belang – het volgende:
“9. Bijzondere bepalingen
Met betrekking tot de Algemene bepalingen huurovereenkomst winkelruimte en andere bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW zijn partijen het navolgende overeengekomen.
(…)
Artikel 18.1 en 18.2, Betalingen
In plaats van een rente van 2% per maand is de wettelijke rente verschuldigd.”.
De bepaling biedt geen grondslag voor de gevorderde wettelijke handelsrente. De kantonrechter zal de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) over de huurachterstand toewijzen.
3.3.
Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten is gebaseerd op de huurachterstand van € 226.183,05 en de volgens Ahold verschenen wettelijke handelsrente. Omdat de gevorderde wettelijke handelsrente niet toewijsbaar is, zal de kantonrechter een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten toewijzen tot het wettelijke tarief berekend over de toewijsbare huurachterstand.
3.4.
De gevorderde dwangsom zal worden beperkt tot € 100.000,-.
3.5.
Het gevorderde komt de kantonrechter voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.
Proceskosten
3.6.
Big Bazar zal, als de in het ongelijk gestelde partij, in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten van Ahold worden begroot op:
- dagvaarding
€
106,73
- griffierecht
€
1.384,00
- salaris gemachtigde
€
529,00
(tarief € 529,00)
Totaal
€
2.019,73
3.7.
De nakosten worden toegewezen als volgt.
Dictum
De kantonrechter, recht doende in kort geding:
4.1.
veroordeelt Big Bazar om aan Ahold te betalen:
I. € 226.183,05 aan huurachterstand tot en met de maand september 2023, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW hierover vanaf de dag waarop elk bedrag verschuldigd was tot de dag van volledige betaling, waarbij rekening wordt gehouden met tussentijdse betalingen;
II. € 2.905,92 aan buitengerechtelijke incassokosten;
III. een bedrag gelijk aan de overeengekomen huurprijs per kwartaal vanaf oktober 2023 voor ieder kwartaal of gedeelte van het kwartaal dat Big Bazar het gehuurde niet heeft ontruimd, te vermeerderen met de wettelijke rente over elke niet (tijdig) betaalde huurtermijn dan wel vergoeding vanaf de eerste dag van het betreffende kwartaal tot de dag van betaling;
4.2.
veroordeelt Big Bazar om het gehuurde aan de [adres] te [plaats] binnen
veertien dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen en te verlaten met alle daarin
aanwezige personen en zaken, voor zover die aan haar toebehoren en niet aan Ahold, en om het gehuurde met afgifte van de sleutels geheel ter vrije beschikking van Ahold te stellen, op straffe van een dwangsom van € 2.500,- per dag(deel) tot een maximum van € 100.000,-;
4.3.
veroordeelt Big Bazar in de proceskosten, aan de zijde van Ahold tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 2.019,73;
4.4.
veroordeelt Big Bazar, als zij niet binnen veertien dagen na aanschrijving door Ahold volledig aan dit vonnis voldoet, om de na dit vonnis ontstane kosten te betalen, begroot op € 132,- aan salaris voor de gemachtigde, te vermeerderen met de explootkosten als er vervolgens betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden;
4.5.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
4.6.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. B.G.W.P. Heijne en in het openbaar uitgesproken op 7 september 2023.