Rechtspraak Rechtbank Limburg 2026-04-02
ECLI:NL:RBLIM:2026:3211
RECHTBANK Limburg Civiel recht Zittingsplaats Roermond Zaaknummer: C/03/349736 / KG ZA 26-62 Vonnis in kort geding van 2 april 2026 in de zaak van 1 KONINKLIJKE COÖPERATIEVE TELERSVERENIGING ZUIDOOST-NEDERLAND U.A., te Venlo,2. ZON HOLDING B.V. , te Venlo, eisende partijen in conventie, tevens verwerende partijen in reconventie, hierna samen te noemen: ZON en afzonderlijk aan te duiden als Telersvereniging ZON en ZON Holding, advocaat: mr. M. Goorts, tegen de vennootschap onder firma [V.O.F.] , te [plaats] , gedaagde partij in conventie, tevens eisende partij in reconventie, hierna in mannelijk enkelvoud te noemen: [V.O.F.] , advocaat: mr. Th.J.H.M. Linssen 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding van 2 maart 2026 met producties 1 t/m 24,- de akte overlegging aanvullende producties van ZON met producties 25 t/m 29, - de conclusie van eis in reconventie tevens akte indienen producties 1 t/m 3 van [V.O.F.] ,- de mondelinge behandeling van 19 maart 2026,- de pleitnota van ZON,- de pleitnota van [V.O.F.] . 2 De feiten 2.1. Telersvereniging ZON is één van de grootste groente- en fruittelersorganisaties van Nederland met 130 telers. Doel van Telersvereniging ZON is blijkens artikel 2 van haar statuten de behartiging van de belangen van haar leden ten aanzien van het in de handel brengen van groenten en fruit (…) zowel door bevordering van de concentratie van het aanbod van de producten en van de regulering van de producentenprijzen daarvoor als anderszins . Dit met het doel een erkende telersvereniging te vormen (GMO-erkend), als neergelegd in Verordening (EU) nummer 1308/2013 (…). 2.2. Sinds januari 2022 is Telersvereniging ZON in het kader van Europese overheidssubsidies erkend als producentenorganisatie, onder meer voor subsidies op basis van het programma Sectorale Interventie Groenten & Fruit (SIG&F). Door het aanvragen van subsidies en het faciliteren van investeringen biedt zij haar leden ondersteuning bij het ontwikkelen en onderhouden van duurzame winstgevende marktposities. 2.3. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) controleert in Nederland de aanvragen en ziet toe op naleving van de SIG&F-regelgeving. 2.4. ZON Holding is een 100% dochtervennootschap van Telersvereniging ZON. Zij neemt de feitelijke uitvoering van de SIG&F-subsidie voor haar rekening. In het kader daarvan sluit ZON Holding overeenkomsten met leden van Telersvereniging ZON en met derden. 2.5. [V.O.F.] exploiteert een kleinschalige groente- en plantenkwekerij. De heer [venoot 1] en de heer [venoot 2] zijn sinds 1 april 2020 de vennoten van [V.O.F.] . 2.6. Op 28 april 2023 heeft [V.O.F.] een lidmaatschap aangevraagd bij Telersvereniging ZON. Per brief van 10 mei 2023 deelde Telersvereniging ZON [V.O.F.] mede dat zij met ingang van 8 mei 2023 werd toegelaten als lid van Telersvereniging ZON. 2.7. ZON heeft met behulp van de SIG&F-subsidie op aanvraag van [V.O.F.] (ten behoeve van het bedrijf van [V.O.F.] ) de volgende bedrijfsmiddelen aangekocht, die ZON aan [V.O.F.] ter beschikking heeft gesteld (hierna: de bedrijfsmiddelen): 2.8. RVO keert de subsidie verspreid uit over een periode van maximaal vijf jaar aan ZON. ZON financiert het hele (aankoop)bedrag voor ten behoeve van haar leden. In dat kader heeft ZON vier financieringsovereenkomsten met [V.O.F.] gesloten. 2.9. Partijen hebben met betrekking tot de bedrijfsmiddelen daarnaast vier afzonderlijke gebruiksovereenkomsten met elkaar gesloten. 2.10. Bij brief van 28 november 2025 heeft (het bestuur van) ZON de voor de bedrijfsmiddelen gesloten gebruiksovereenkomsten met onmiddellijke ingang buitengerechtelijk ontbonden. Bij diezelfde brief heeft zij [V.O.F.] medegedeeld dat zij het besluit heeft genomen tot ontzetting van [V.O.F.] uit het lidmaatschap. 2.11. Op 23 december 2025 heeft [V.O.F.] beroep ingesteld tegen voornoemd besluit van het bestuur van Telersvereniging ZON tot ontzetting uit het lidmaatschap. Het beroep werd ingesteld bij een op grond van de stat De voorzieningenrechter zal hierna uitleggen hoe zij tot dat oordeel gekomen. 4.4.1. De vordering in conventie is primair gegrond op artikel 3:296 lid 1 BW. Tussen partijen is niet in geschil dat de bedrijfsmiddelen in eigendom toebehoren aan ZON. [V.O.F.] maakt(e) op basis van tussen partijen gesloten gebruiksovereenkomsten gebruik van de bedrijfsmiddelen. Bij brief van 28 november 2025 heeft ZON deze overeenkomsten echter buitengerechtelijk ontbonden en bij diezelfde brief ook haar besluit tot ontzetting van [V.O.F.] uit het lidmaatschap medegedeeld. 4.4.2. Het beroep van [V.O.F.] tegen het besluit tot ontzetting is op 29 januari 2026 ongegrond verklaard. [V.O.F.] heeft vooralsnog geen vernietigingsvordering ingesteld gericht tegen het besluit tot ontzetting. De niet met argumenten onderbouwde stelling van [V.O.F.] dat zij voornemens is om bij de rechtbank een vernietigingsvordering tegen het ontzettingsbesluit in te stellen, maakt dat niet anders. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter moet er daarom in deze procedure vanuit worden gegaan dat [V.O.F.] geen lid meer is van Telersvereniging ZON. 4.4.3. Artikel 1.4 en 1.5 van de gebruiksovereenkomsten bepalen het volgende: 1.4 De Gebruiksperiode kent twee opeenvolgende periodes: 1. De SIG&F (GMO)-contractperiode, deze eindigt - behoudens het hierna bepaalde - op 31 december 2029 (zijnde tenminste 5 jaar na ingebruikname van de eerder genoemde investering ). 2. Aansluitend aan de SIG&F (GMO)-contractperiode vangt de Periode van voortgezet gebruik aan. Deze Periode van voortgezet gebruik duurt in beginsel voor onbepaalde tijd en kan met wederzijds goedvinden te allen tijde worden beëindigd; een en ander behoudens o.a. het in artikel 1.5 en 1.6 bepaalde. 1.5 Om de subsidie voor ZON met betrekking tot de investering (zowel roerend als onroerend) volledig te verkrijgen c.q. volledig te behouden, dient de Teler minimaal gedurende de gehele SIG&F (GMO)-contractperiode lid te zijn van ZON en de investering conform SIG&F (GMO)-voorschriften te gebruiken, startend vanaf datum van ingebruikname van de investering. 4.5. Artikel 7.4 van de gebruiksovereenkomsten bepaalt: 7.4 Indien deze overeenkomst eindigt overeenkomstig artikel 7.2 of artikel 7.3 of indien de teler om andere redenen deze overeenkomst niet uitdient: a) Komt de door de Teler reeds betaalde gebruiksvergoeding volledig toe aan ZON. b) Blijft artikel 7.1 van kracht. c) Is ZON gerechtigd om op kosten van de Teler de Investering te laten verwijderen van de locatie van de Teler, Teler is verplicht hier medewerking aan te verlenen. 4.5.1. [V.O.F.] is als gevolg van de ontzetting uit het lidmaatschap niet minimaal gedurende de subsidieperiode van 5 jaar lid geweest van Telersvereniging ZON. [V.O.F.] heeft daarmee de gebruiksovereenkomsten niet uitgediend als bedoeld in artikel 7.4 aanhef van de gebruiksovereenkomsten. Gelet daarop is ZON naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter op grond van artikel 7.4 sub c jo. artikel 1.4 lid 1 en 1.5 van de gebruiksovereenkomsten gerechtigd om de bedrijfsmiddelen van de locatie van [V.O.F.] te laten verwijderen en is [V.O.F.] verplicht hier medewerking aan te verlenen. 4.5.2. Daarbij komt dat de gebruiksovereenkomsten door ZON (buitengerechtelijk) zijn ontbonden. [V.O.F.] heeft geen verweer gevoerd tegen die buitengerechtelijke ontbinding, zodat de voorzieningenrechter ervan uitgaat dat de overeenkomsten door ontbinding zijn geëindigd. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de kans groot is dat door de bodemrechter wordt geoordeeld dat: [V.O.F.] de bedrijfsmiddelen daarmee zonder recht of titel onder zich houdt, en dit strijd oplevert met het eigendomsrecht dat ZON op de bedrijfsmiddelen heeft (artikel 5:2 BW). 4.5.3. Ook op grond daarvan is ZON daarom naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter gerechtigd om de bedrijfsmiddelen op te eisen. De vordering in conventie is daarmee in beginsel toewijsbaar. Overname van de bedrijfsmiddelen door [V.O.F.] 4.6. stelt zic