Rechtspraak
Rechtbank Limburg
2025-03-19
ECLI:NL:RBLIM:2025:8669
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,662 tokens
Inleiding
RECHTBANK Limburg
Civiel recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: C/03/315127 / HA ZA 23-101
Vonnis van 19 maart 2025
in de zaak van
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie]
,
te [woonplaats] ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] ,
advocaat: mr. J.G. van Ek,
tegen
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie]
,
te [woonplaats] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ,
advocaat: mr. N.P.H. Vissers.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 6 maart 2024- het deskundigenbericht
- de conclusie na deskundigenbericht van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie]
- de conclusie na deskundigenbericht van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] .
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2De verdere beoordeling in conventie en reconventie
Vooraf
2.1.
De rechtbank verwijst allereerst naar de tussenvonnissen van 22 november 2023 en 6 maart 2024, waarbij wordt volhard.
Het deskundigenbericht
2.2.
De in het tussenvonnis van 6 maart 2024 benoemde deskundige heeft de woning van partijen getaxeerd en daarover een rapport opgemaakt. Bij dat rapport zijn de opmerkingen van partijen op het concept rapport gevoegd alsmede de reactie daarop van de deskundige. De deskundige taxeert de marktwaarde van de woning op € 575.000,00.
2.3.
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] conformeert zich aan de door de deskundige getaxeerde waarde. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] vindt deze waarde te hoog. Zij verwijst daartoe naar de taxatie van Hypodomus van augustus 2023 (zie overweging 2.8 van het tussenvonnis van 22 november 2023) die uitkwam op een waarde van € 485.000,00. Volgens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] kan een dergelijke waardestijging niet juist zijn.
2.4.
De rechtbank neemt de door de deskundige getaxeerde waarde over. De deskundige heeft in zijn rapport toegelicht hoe hij tot die waarde is gekomen, onder andere met een verwijzing naar referentieobjecten. De enkele omstandigheid dat een door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] zelf een jaar eerder ingeschakelde taxateur tot een lagere waarde komt is, gelet daarop, onvoldoende om de taxatie van de onafhankelijke deskundige terzijde te schuiven.
2.5.
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft er nog op gewezen dat het deskundigenonderzoek nogal lang heeft geduurd. De rechtbank stelt voorop dat dit onwenselijk is en betreurt de lange duur van het onderzoek dan ook. Op de beslissing in deze zaak kan het echter geen invloed hebben. Het maakt namelijk niet dat dit een reden is om te twijfelen aan de juistheid van de taxatie als zodanig. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] verbindt dan ook terecht geen gevolgen aan haar opmerking.
Recapitulatie
2.6.
De woning wordt derhalve in de verdeling betrokken tegen een waarde van
€ 575.000,00, uitgaande van toedeling aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] . De aan de woning verbonden hypothecaire schuld van partijen bedraagt € 230.000,00. Dit betekent dat bij toedeling van de woning aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] , zij aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] wegens overbedeling (€ 575.000,00 –
€ 230.000,00 : 2 =) € 172.500,00 moet betalen. Een en ander – alsook de optie van verkoop aan een derde – zal in het dictum worden verwerkt zoals vermeld in overweging 4.5. van het tussenvonnis van 22 november 2023.
2.7.
Zoals volgt uit overweging 4.10. van tussenvonnis van 22 november 2023, zal [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] worden veroordeeld om € 16.899,00 aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] te betalen. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft verzocht om zo nodig te bepalen dat dit bedrag kan worden verrekend met de overbedelingsvordering van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] . Dat hoeft echter niet omdat dit volgt uit artikel 6:127 lid 2 BW.
Proceskosten
2.8.
Gelet op de relatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dictum
De rechtbank
in conventie en reconventie
3.1.
stelt de verdeling van de woning met ondergrond, tuin en verdere aanhorigheden, gelegen aan de [adres] te [woonplaats] , thans kadastraal bekend als gemeente [kadasternummer] (hierna: ‘de woning’) vast als volgt:
Toedelen aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie]
3.1.1.
onder de voorwaarden dat:
- [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] uiterlijk op 26 maart 2025 aan (de advocaat van) [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] meldt dat zij de woning tegen een waarde van € 575.000,00 toegedeeld wenst te krijgen, en
- [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] uiterlijk op 19 juli 2025 bewerkstelligt dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] wordt ontslagen uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de aan de woning verbonden hypothecaire schuld,
wordt de woning toegedeeld aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ,
3.1.2.
veroordeelt [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ingeval van toedeling van de woning aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] zoals voorzien in 3.1.1. om wegens overbedeling aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] van € 172.500,00 te betalen, uiterlijk bij gelegenheid van de levering van de woning aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] zoals bedoeld in artikel 3:186 lid 1 BW,
Verkopen aan een derde
3.1.3.
indien niet wordt voldaan aan een van de voorwaarden zoals vermeld in 3.1.1. zal de woning worden verkocht aan een derde; alsdan geldt het volgende:
I.
1. de woning wordt verkocht aan een derde,
2. uit de verkoopopbrengst worden voldaan:
- de schuld uit hoofde van de aan de woning verbonden hypothecaire lening,
- de verkoopkosten waaronder de kosten voor de in te schakelen verkoopmakelaar,
3. van hetgeen vervolgens van de verkoopsom resteert, komt ieder van partijen een gelijk deel toe,
4. indien de verkoopopbrengst ontoereikend is om de schuld uit hoofde van de hypothecaire lening en/of de verkoopkosten te voldoen, dienen partijen de resterende schuld gelijkelijk te dragen,
II.
1a. partijen dienen binnen twee weken nadat een van de in 3.1.1 bedoelde termijnen is verstreken, aan een gezamenlijk aan te wijzen makelaar opdracht te geven voor bemiddeling bij de verkoop van de woning,
1b. indien partijen er niet in slagen om binnen deze termijn gezamenlijk een makelaar aan te wijzen, dient [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] binnen twee weken daarna drie verkoopmakelaars aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] voor te stellen waarvan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] er binnen een week daarna een kiest; aan deze dienen partijen vervolgens binnen een week daarna gezamenlijk opdracht te geven,
1c indien een van partijen geen medewerking verleent aan het verlenen van de opdracht aan de aldus gekozen makelaar, treedt dit vonnis in de plaats van de instemming van deze partij met het verlenen van de opdracht,
2. partijen dienen alle benodigde medewerking te verlenen aan de uitvoering van de bemiddelingsovereenkomst door de makelaar, onder andere door mee te werken aan bezichtigingen van de woning door potentiële kopers, het meewerken aan redelijke verzoeken van de makelaar en het opvolgen van redelijke adviezen van de makelaar,
3. ten aanzien van de minimaal te behalen verkoopprijs en realistische vraagprijs sluiten partijen zich aan bij het advies van de makelaar, ook ten aanzien van de bijstelling daarvan als dat door de makelaar nodig wordt geacht,
III.
1. partijen zijn jegens elkaar gehouden medewerking te verlenen aan verkoop en levering van de woning indien een potentiële koper bereid is een naar de mening van de makelaar acceptabele koopprijs te betalen en een koopovereenkomst te sluiten onder overigens gebruikelijke condities,
2. bij gebreke van de medewerking van een van partijen aan verkoop of levering als bedoeld onder III.1 en nadat de andere partij de nalatige partij een termijn heeft gesteld tot nakoming van deze verplichting van één week, treedt dit vonnis in de plaats van de instemming/toestemming/wilsverklaring van de nalatige partij,
In beide gevallen
3.1.4.
bepaalt dat partijen elk gehouden zijn om de helft van de kosten, verbonden aan de uitvoering van deze verdeling, te voldoen,
3.2.
veroordeelt [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] om aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] te betalen een bedrag van € 16.899,00,
3.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.4.
compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
3.5.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. B.R.M. de Bruijn en in het openbaar uitgesproken op
19 maart 2025.