Rechtspraak
Rechtbank Limburg
2025-01-29
ECLI:NL:RBLIM:2025:832
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,532 tokens
Inleiding
RECHTBANK LIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 11450698 \ CV EXPL 24-6273
Vonnis van 29 januari 2025
in de zaak van
ENEXIS NETBEHEER B.V.,
gevestigd te 's-Hertogenbosch,
eisende partij,
hierna te noemen: Enexis,
gemachtigde: Syncasso Gerechtsdeurwaarders,
tegen
[gedaagde]
,
wonend te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding- de schriftelijke weergave van het mondelinge antwoord.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Geschil
2.1.
Enexis vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 1.825,09, waarvan € 1.561,32 aan hoofdsom, € 29,57 aan vervallen wettelijke rente en € 234,20 aan vergoeding buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 1.561,32 vanaf de dag van dagvaarding, alsmede veroordeling van [gedaagde] tot betaling van de proceskosten.
2.2.
Aan haar vordering legt Enexis ten grondslag dat [gedaagde] elektriciteit en gas heeft afgenomen zonder dat een contract met een energieleverancier bestond. Daarnaast heeft hij gebruik gemaakt van de meetinstallaties van Enexis. [gedaagde] handelt daarmee onrechtmatig jegens Enexis en Enexis lijdt daardoor schade omdat zij de afgenomen energie wel heeft moeten inkopen terwijl daar geen betaling tegenover staat. Daarnaast heeft Enexis geen transport- en aansluitkosten van [gedaagde] ontvangen.
2.3.
[gedaagde] stelt dat hij heeft besloten geen verweer te zullen voeren, de vordering zal betalen en met de deurwaarder een betalingsregeling heeft getroffen.
2.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
Beoordeling
3.1.
[gedaagde] heeft de hoofdsom niet althans onvoldoende betwist, zodat deze voor toewijzing in aanmerking komt.
3.2.
De door het enkele betalingsverzuim verschuldigde wettelijke rente ligt eveneens voor toewijzing gereed.
3.3.
Enexis maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten.
De gemachtigde van Enexis heeft aan [gedaagde] een aanmaning gestuurd die voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke kosten van
€ 234,20 komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen.
3.4.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Enexis worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
112,99
- griffierecht
€
372,00
- salaris gemachtigde
€
204,00
(1,00 punten × € 204,00)
- nakosten
€
102,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
790,99
Dictum
De kantonrechter
4.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Enexis te betalen een bedrag van € 1.825,09, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over € 1.561,32 vanaf 5 december 2024 tot de dag van volledige betaling,
4.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 790,99, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.P.A. Bisscheroux en in het openbaar uitgesproken op 29 januari 2025.
CJ
Inleiding
RECHTBANK LIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 11450698 \ CV EXPL 24-6273
Vonnis van 29 januari 2025
in de zaak van
ENEXIS NETBEHEER B.V.,
gevestigd te 's-Hertogenbosch,
eisende partij,
hierna te noemen: Enexis,
gemachtigde: Syncasso Gerechtsdeurwaarders,
tegen
[gedaagde]
,
wonend te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding- de schriftelijke weergave van het mondelinge antwoord.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Geschil
2.1.
Enexis vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 1.825,09, waarvan € 1.561,32 aan hoofdsom, € 29,57 aan vervallen wettelijke rente en € 234,20 aan vergoeding buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 1.561,32 vanaf de dag van dagvaarding, alsmede veroordeling van [gedaagde] tot betaling van de proceskosten.
2.2.
Aan haar vordering legt Enexis ten grondslag dat [gedaagde] elektriciteit en gas heeft afgenomen zonder dat een contract met een energieleverancier bestond. Daarnaast heeft hij gebruik gemaakt van de meetinstallaties van Enexis. [gedaagde] handelt daarmee onrechtmatig jegens Enexis en Enexis lijdt daardoor schade omdat zij de afgenomen energie wel heeft moeten inkopen terwijl daar geen betaling tegenover staat. Daarnaast heeft Enexis geen transport- en aansluitkosten van [gedaagde] ontvangen.
2.3.
[gedaagde] stelt dat hij heeft besloten geen verweer te zullen voeren, de vordering zal betalen en met de deurwaarder een betalingsregeling heeft getroffen.
2.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
Beoordeling
3.1.
[gedaagde] heeft de hoofdsom niet althans onvoldoende betwist, zodat deze voor toewijzing in aanmerking komt.
3.2.
De door het enkele betalingsverzuim verschuldigde wettelijke rente ligt eveneens voor toewijzing gereed.
3.3.
Enexis maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten.
De gemachtigde van Enexis heeft aan [gedaagde] een aanmaning gestuurd die voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke kosten van
€ 234,20 komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen.
3.4.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Enexis worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
112,99
- griffierecht
€
372,00
- salaris gemachtigde
€
204,00
(1,00 punten × € 204,00)
- nakosten
€
102,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
790,99
Dictum
De kantonrechter
4.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Enexis te betalen een bedrag van € 1.825,09, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over € 1.561,32 vanaf 5 december 2024 tot de dag van volledige betaling,
4.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 790,99, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.P.A. Bisscheroux en in het openbaar uitgesproken op 29 januari 2025.
CJ