Rechtspraak
Rechtbank Limburg
2025-03-10
ECLI:NL:RBLIM:2025:2179
Strafrecht
Eerste aanleg - meervoudig
1,114 tokens
Inleiding
RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Maastricht
Strafrecht
Parketnummer: 03.288003.24
Vonnis van de meervoudige kamer van 10 maart 2025
in de strafzaak tegen
[verdachte]
,
geboren op [geboortedatum] 1986 te [geboorteplaats] ,
BRP-inschrijving te [adres] .
De verdachte wordt bijgestaan door mr. C.A.D. Oomes, advocaat te Son en Breugel.
1Onderzoek van de zaak
De rechtbank heeft op 24 februari 2025 vonnis gewezen in de strafzaak tegen bovengenoemde verdachte.
Na de uitspraakdatum is de rechtbank gebleken dat op pagina 7 van het vonnis abusievelijk een foute optelling staat vermeld van de toe te wijzen bedragen ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij Enexis.
Met het oog op een juiste executie van het vonnis, zal de rechtbank deze kennelijke fout verbeteren door correctie van dit onderdeel, zodat dit zal luiden:
elektriciteitsverbruik: € 6.082,77
administratiekosten: € 469,97
kosten inspecteur/monteur: € 784,00
afsluitkosten (E+G): € 278,80
netmeting: € 427,80
netwerkkosten:
€ 491,66
Totaal: € 8.535,00
Dictum
De rechtbank:
- handhaaft haar beslissing van 24 februari 2025, met herstel van een kennelijke misslag;
- bepaalt dat de griffier dit vonnis doet hechten aan het originele vonnis van 24 februari 2025 en dit vonnis per brief ter kennis doet brengen van de verdachte, zijn raadsman en de officier van justitie.
Dit herstelvonnis is gewezen door mr. G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe, voorzitter, mr. D. Osmić en mr. I.P. de Groot, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.H.R.G. van Kerkhof, griffier.
Mr. De Groot is buiten staat dit herstelvonnis mede te ondertekenen.
Inleiding
RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Maastricht
Strafrecht
Parketnummer: 03.288003.24
Vonnis van de meervoudige kamer van 10 maart 2025
in de strafzaak tegen
[verdachte]
,
geboren op [geboortedatum] 1986 te [geboorteplaats] ,
BRP-inschrijving te [adres] .
De verdachte wordt bijgestaan door mr. C.A.D. Oomes, advocaat te Son en Breugel.
1Onderzoek van de zaak
De rechtbank heeft op 24 februari 2025 vonnis gewezen in de strafzaak tegen bovengenoemde verdachte.
Na de uitspraakdatum is de rechtbank gebleken dat op pagina 7 van het vonnis abusievelijk een foute optelling staat vermeld van de toe te wijzen bedragen ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij Enexis.
Met het oog op een juiste executie van het vonnis, zal de rechtbank deze kennelijke fout verbeteren door correctie van dit onderdeel, zodat dit zal luiden:
elektriciteitsverbruik: € 6.082,77
administratiekosten: € 469,97
kosten inspecteur/monteur: € 784,00
afsluitkosten (E+G): € 278,80
netmeting: € 427,80
netwerkkosten:
€ 491,66
Totaal: € 8.535,00
Dictum
De rechtbank:
- handhaaft haar beslissing van 24 februari 2025, met herstel van een kennelijke misslag;
- bepaalt dat de griffier dit vonnis doet hechten aan het originele vonnis van 24 februari 2025 en dit vonnis per brief ter kennis doet brengen van de verdachte, zijn raadsman en de officier van justitie.
Dit herstelvonnis is gewezen door mr. G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe, voorzitter, mr. D. Osmić en mr. I.P. de Groot, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.H.R.G. van Kerkhof, griffier.
Mr. De Groot is buiten staat dit herstelvonnis mede te ondertekenen.