Rechtspraak
Rechtbank Limburg
2025-01-08
ECLI:NL:RBLIM:2025:115
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,834 tokens
Inleiding
RECHTBANK
LIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10696403 \ CV EXPL 23-3879
Vonnis van 8 januari 2025
in de zaak van
UNIGARANT N.V., MEDE H.O.D.N. ANWB VERZEKEREN,
te 's-Gravenhage,
eisende partij,
gemachtigde: KVN Gerechtsdeurwaarders & Juristen,
tegen
[gedaagde]
,
te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
gemachtigde: mr. F.H.I. Hundscheid.
Partijen worden hierna Unigarant en [gedaagde] genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het exploot van dagvaarding van 29 augustus 2023 met 12 producties;
- de conclusie van antwoord;
- de aanvullende producties van Unigarant, ter griffie ontvangen op 7 februari 2024;
- het e-mailbericht van 17 december 2024 van mw. [naam] van KVN Gerechtsdeurwaarders waarin zij verzoekt om doorhaling van de zaak;
- het e-mailbericht van 17 december 2024 van mr. Hundscheid waarin hij instemt met de doorhaling, maar enkel onder de voorwaarde dat Unigarant in de proceskosten van [gedaagde] wordt veroordeeld.
1.2.
De kantonrechter heeft de uitspraak van dit vonnis vervolgens bepaald op vandaag.
Geschil
2.1.
Aanvankelijk heeft Unigarant gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 219,33, te vermeerderen met de wettelijke rente, buitengerechtelijke kosten en proceskosten.
2.2.
[gedaagde] heeft de vordering gemotiveerd betwist en geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van Unigarant, onder veroordeling van Unigarant in de proceskosten.
Beoordeling
3.1.
Op grond van artikel 246 lid 1 Rv en artikel 6.1 van het Landelijk procesreglement voor rolzaken kanton kan doorhaling van de zaak alleen plaatsvinden op eenstemmig verzoek van beide partijen. Nu [gedaagde] alleen heeft ingestemd met doorhaling van de zaak onder de voorwaarde dat Unigarant in de proceskosten van [gedaagde] zou worden veroordeeld is van een eenstemmig verzoek geen sprake en is doorhaling van de zaak dus niet mogelijk.
3.2.
De kantonrechter begrijpt uit het e-mailbericht van 17 december 2024 van de gemachtigde van Unigarant dat Unigarant de vordering jegens [gedaagde] niet langer handhaaft. De vordering ligt daarom niet langer ter beoordeling voor en Unigarant behoort daarom in de proces- en nakosten te worden veroordeeld. Dat betekent dat Unigarant wordt veroordeeld om een proceskostenveroordeling te betalen op basis van het gebruikelijke liquidatietarief. [gedaagde] heeft een conclusie van antwoord ingediend. Daarom worden de proceskosten van [gedaagde] tot aan dit vonnis vastgesteld op € 82,00 (1 punt x € 82,00) aan salaris gemachtigde en € 41,00 aan nakosten plus de kosten van eventuele betekening, zoals vermeld in de beslissing.
Dictum
De kantonrechter
4.1.
veroordeelt Unigarant tot betaling van de proceskosten van € 123,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als zij niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.2.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.P.A. Bisscheroux en in het openbaar uitgesproken op 8 januari 2025.
LC
Inleiding
RECHTBANK
LIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10696403 \ CV EXPL 23-3879
Vonnis van 8 januari 2025
in de zaak van
UNIGARANT N.V., MEDE H.O.D.N. ANWB VERZEKEREN,
te 's-Gravenhage,
eisende partij,
gemachtigde: KVN Gerechtsdeurwaarders & Juristen,
tegen
[gedaagde]
,
te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
gemachtigde: mr. F.H.I. Hundscheid.
Partijen worden hierna Unigarant en [gedaagde] genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het exploot van dagvaarding van 29 augustus 2023 met 12 producties;
- de conclusie van antwoord;
- de aanvullende producties van Unigarant, ter griffie ontvangen op 7 februari 2024;
- het e-mailbericht van 17 december 2024 van mw. [naam] van KVN Gerechtsdeurwaarders waarin zij verzoekt om doorhaling van de zaak;
- het e-mailbericht van 17 december 2024 van mr. Hundscheid waarin hij instemt met de doorhaling, maar enkel onder de voorwaarde dat Unigarant in de proceskosten van [gedaagde] wordt veroordeeld.
1.2.
De kantonrechter heeft de uitspraak van dit vonnis vervolgens bepaald op vandaag.
Geschil
2.1.
Aanvankelijk heeft Unigarant gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 219,33, te vermeerderen met de wettelijke rente, buitengerechtelijke kosten en proceskosten.
2.2.
[gedaagde] heeft de vordering gemotiveerd betwist en geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van Unigarant, onder veroordeling van Unigarant in de proceskosten.
Beoordeling
3.1.
Op grond van artikel 246 lid 1 Rv en artikel 6.1 van het Landelijk procesreglement voor rolzaken kanton kan doorhaling van de zaak alleen plaatsvinden op eenstemmig verzoek van beide partijen. Nu [gedaagde] alleen heeft ingestemd met doorhaling van de zaak onder de voorwaarde dat Unigarant in de proceskosten van [gedaagde] zou worden veroordeeld is van een eenstemmig verzoek geen sprake en is doorhaling van de zaak dus niet mogelijk.
3.2.
De kantonrechter begrijpt uit het e-mailbericht van 17 december 2024 van de gemachtigde van Unigarant dat Unigarant de vordering jegens [gedaagde] niet langer handhaaft. De vordering ligt daarom niet langer ter beoordeling voor en Unigarant behoort daarom in de proces- en nakosten te worden veroordeeld. Dat betekent dat Unigarant wordt veroordeeld om een proceskostenveroordeling te betalen op basis van het gebruikelijke liquidatietarief. [gedaagde] heeft een conclusie van antwoord ingediend. Daarom worden de proceskosten van [gedaagde] tot aan dit vonnis vastgesteld op € 82,00 (1 punt x € 82,00) aan salaris gemachtigde en € 41,00 aan nakosten plus de kosten van eventuele betekening, zoals vermeld in de beslissing.
Dictum
De kantonrechter
4.1.
veroordeelt Unigarant tot betaling van de proceskosten van € 123,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als zij niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.2.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.P.A. Bisscheroux en in het openbaar uitgesproken op 8 januari 2025.
LC