Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2025-06-11
ECLI:NL:RBGEL:2025:5205
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,498 tokens
Inleiding
RECHTBANK Gelderland
Civiel recht
Zittingsplaats Arnhem
Zaaknummer: C/05/450656 / KG ZA 25-126
Vonnis in kort geding van 11 juni 2025
in de zaak van
[eiser] .,
gevestigd en kantoorhoudend te [vestigingsplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
advocaat: mr. R.H.M. Bus,
tegen
[gedaagde]
,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
niet verschenen.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties 1 tot en met 4, - de mondelinge behandeling van 4 juni 2025,
- het tijdens de mondelinge behandeling tegen [gedaagde] verleende verstek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Beoordeling
2.1.
Aan alle wettelijke vereisten voor betekening van de dagvaarding is voldaan. Tegen [gedaagde] is daarom ter zitting verstek verleend.
2.2.
Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal daarom worden toegewezen.
2.3.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden tot op heden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
120,21
- griffierecht
€
714,00
- salaris advocaat
€
715,00
- nakosten
€
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
1.727,21
2.4.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
Dictum
De voorzieningenrechter
3.1.
veroordeelt [gedaagde] tot nakoming van de op hem rustende verbintenis om de Porsche Macan met kenteken [nummer] uiterlijk veertien dagen na de datum van dit vonnis af te nemen;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] een dwangsom te betalen van € 25.000,00 indien hij niet aan de veroordeling onder 3.1 voldoet, te vermeerderen met € 2.500,00 per kalenderdag of deel daarvan dat de inbreuk voortduurt, tot een maximum van € 50.000,00 is bereikt,
3.3.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.727,21, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
3.4.
veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
3.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. O. Nijhuis en in het openbaar uitgesproken en ondertekend door mr. D.T. Boks op 11 juni 2025.
1780
Inleiding
RECHTBANK Gelderland
Civiel recht
Zittingsplaats Arnhem
Zaaknummer: C/05/450656 / KG ZA 25-126
Vonnis in kort geding van 11 juni 2025
in de zaak van
[eiser] .,
gevestigd en kantoorhoudend te [vestigingsplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
advocaat: mr. R.H.M. Bus,
tegen
[gedaagde]
,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
niet verschenen.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties 1 tot en met 4, - de mondelinge behandeling van 4 juni 2025,
- het tijdens de mondelinge behandeling tegen [gedaagde] verleende verstek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Beoordeling
2.1.
Aan alle wettelijke vereisten voor betekening van de dagvaarding is voldaan. Tegen [gedaagde] is daarom ter zitting verstek verleend.
2.2.
Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal daarom worden toegewezen.
2.3.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden tot op heden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
120,21
- griffierecht
€
714,00
- salaris advocaat
€
715,00
- nakosten
€
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
1.727,21
2.4.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
Dictum
De voorzieningenrechter
3.1.
veroordeelt [gedaagde] tot nakoming van de op hem rustende verbintenis om de Porsche Macan met kenteken [nummer] uiterlijk veertien dagen na de datum van dit vonnis af te nemen;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] een dwangsom te betalen van € 25.000,00 indien hij niet aan de veroordeling onder 3.1 voldoet, te vermeerderen met € 2.500,00 per kalenderdag of deel daarvan dat de inbreuk voortduurt, tot een maximum van € 50.000,00 is bereikt,
3.3.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.727,21, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
3.4.
veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
3.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. O. Nijhuis en in het openbaar uitgesproken en ondertekend door mr. D.T. Boks op 11 juni 2025.
1780