Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2025-05-26
ECLI:NL:RBGEL:2025:4318
Strafrecht
Eerste aanleg - meervoudig
999 tokens
Inleiding
RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummer: 05.060776.24
Datum uitspraak : 26 mei 2025
Tegenspraak
vonnis van de meervoudige militaire kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte]
,
geboren op [geboortedag] 1995 in [geboorteplaats] ,
wonende aan [adres] , [postcode] in [woonplaats] .
raadsman: mr. M. Kalle, advocaat in Middelburg.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.
1De inhoud van de tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 24 november 2020 tot en met 11 december 2020 te Den Helder en/of aan boord van een marineschip gelegen in de haven van Den Helder, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.
2De standpunten
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden en heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van € 500,-.
De verdediging heeft voor vrijspraak gepleit wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.
Overwegingen
Aanleiding onderzoek
Op 30 september 2022 is medeverdachte [medeverdachte] door de politie aangehouden op verdenking van huiselijk geweld. Hierna is een onderzoek ingesteld naar de inhoud van de inbeslaggenomen mobiele telefoon van deze medeverdachte. Naar aanleiding van de resultaten van dit onderzoek kwamen meerdere militairen, waaronder verdachte, in beeld in verband met het mogelijk verstrekken dan wel aanwezig hebben van (hard)drugs en is een breder onderzoek gestart.
Vrijspraak
Aan verdachte is – kort gezegd - ten laste gelegd dat hij opzettelijk cocaïne aanwezig heeft gehad.
Uit het onderzoek aan de mobiele telefoon van medeverdachte [medeverdachte] is naar voren gekomen dat verdachte enkele WhatsApp-gesprekken heeft gevoerd met [medeverdachte] waarin volgens de politie vermoedelijk over drugs wordt gesproken. Onder andere spreekt verdachte over “snuif” en appt dat “hij 100 gaat pinnen” waarna [medeverdachte] aangeeft dat hij “4 heeft besteld”. Ook appt verdachte “was leuk wit zakje, sleutel was wit” en geeft hij aan dat “deze chiller is als de vorige”.
De militaire kamer overweegt dat het enkele feit dat verdachte WhatsApp-gesprekken heeft gevoerd over vermoedelijk bepaalde soorten drugs en met medeverdachte [medeverdachte] in dat kader spreekt over geld dat hij zou hebben gepind, onvoldoende is om te bewijzen dat verdachte in de periode van 24 november 2020 tot en met 11 december 2020 cocaïne aanwezig heeft gehad. Het dossier bevat onvoldoende aanknopingspunten waaruit blijkt dat verdachte in de tenlastegelegde periode (hard)drugs aanwezig heeft gehad. Verdachte zal daarom worden vrijgesproken.
Dictum
De militaire kamer spreekt verdachte vrij van het tenlastegelegde.
Dit vonnis is gewezen door mr. Y.H.M. Marijs (voorzitter), mr. Y. van Wezel (rechters) en Kol mr. H.M. Stratenus (militair lid), in tegenwoordigheid van T.H. Boshuizen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 26 mei 2025.