Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2023-11-06
ECLI:NL:RBGEL:2023:7180
Civiel recht
Wraking
918 tokens
Dictum
RECHTBANK GELDERLAND, locatie Zutphen
Wrakingskamer
zaaknummer: C/05/428314 / KG RK 23-904
Dictum
van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van
[verzoeker]
wonende te [woonplaats]
hierna te noemen: verzoeker,
strekkende tot de wraking van
mr. L.J.P. Lambooij,
rechter in deze rechtbank
hierna te noemen: de rechter.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het schriftelijke wrakingsverzoek van 20 november 2023.
2Het wrakingsverzoek
2.1
Het verzoek strekt tot wraking van de rechter in de zaak met nummer 10496145 CV Expl 23-3207 tussen verzoeker en [belanghebbende 1] .
2.2
Verzoeker heeft blijkens het schriftelijke wrakingsverzoek aan zijn verzoek ten grondslag gelegd dat de rechter op 22 maart 2023 een vonnis heeft uitgesproken, in een zaak tussen verzoeker en [belanghebbende 2] , dat, volgens verzoeker, oneerlijk en onrechtvaardig was.
Beoordeling
3.1.
Een rechter kan alleen gewraakt worden als zich omstandigheden voordoen waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarvan is sprake als de rechter jegens een procesdeelnemer vooringenomen is of als de vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is. Daarbij is het uitgangspunt dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn omdat hij als rechter is aangesteld. Voor het oordeel dat de rechterlijke onpartijdigheid toch schade lijdt, bestaat alleen grond in geval van bijzondere omstandigheden die een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het aannemen van (de objectief gerechtvaardigde schijn van) partijdigheid. Uit de wet volgt dat de verzoeker die concrete omstandigheden moet aanvoeren en wel zodra deze aan hem bekend zijn geworden.
3.2.
Verzoeker vindt de rechter vooringenomen omdat deze naar zijn mening eerder een onjuiste beslissing heeft genomen in een andere zaak. Uit enkel de omstandigheid dat de rechter eerder heeft geoordeeld in een andere procedure waarin verzoeker ook procespartij was, kan niet zonder meer (de schijn van) vooringenomenheid worden afgeleid.
Nog daargelaten dat gesteld noch gebleken is dat de onderhavige zaak enig verband heeft met die eerdere zaak, kan de juistheid van die eerdere rechterlijke beslissing alleen worden beoordeeld als daartegen een rechtsmiddel (zoals hoger beroep) is aangewend. De wrakingsprocedure is daarvoor niet bestemd. Het verzoek zal daarom worden afgewezen.
Dictum
De wrakingskamer van de rechtbank:
- wijst het verzoek tot wraking af.
Deze beslissing is gegeven door mr. P.J.C. Cremers, voorzitter, mr. E.H.T. Rademaker en mr. A.M.P.T. Blokhuis, leden in tegenwoordigheid van de griffier mr. [griffier] en in openbaar uitgesproken op: 7 december 2023.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.