Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2023-10-12
ECLI:NL:RBGEL:2023:6365
Strafrecht
Wraking
816 tokens
Inleiding
proces-verbaal
RECHTBANK GELDERLAND, locatie Arnhem
Wrakingskamer
zaaknummer: C/05/426150 KG RK 23-787
proces-verbaal van de mondelinge beslissing van 12 oktober 2023
van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van
[verzoeker]
wonende te Arnhem,op dit moment gedetineerd in de P.I. Dordrecht,
hierna te noemen: verzoeker,
advocaat: mr. Y. Moszkowicz,
strekkende tot de wraking van
mr. J.M. Graat, mr. M.M. Klaassen en mr. H. Kester
rechters in deze rechtbank,
hierna te noemen: de rechters.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
het proces-verbaal van 12 oktober 2023 waarin het mondelinge wrakingsverzoek en de gronden daarvoor zijn vermeld
de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling op 12 oktober 2023.
1.2.
Bij de mondelinge behandeling zijn verschenen:
verzoeker, bijgestaan door mr. Y. Moszkowicz
de officieren van justitie
de rechters.
1.4
Ter zitting heeft de wrakingskamer mondeling uitspraak gedaan, die in uitgewerkte vorm, met de daaraan ten grondslag liggende overwegingen, als volgt luidt.
2De beslissing
De wrakingskamer van de rechtbank wijst het verzoek tot wraking af.
Beoordeling
3.1.
De wrakingskamer geeft hiervoor de volgende motivering.
3.2.
Verzoeker heeft meerdere gronden aan zijn wrakingsverzoek ten grondslag gelegd, zoals blijkt uit het proces-verbaal van het mondelinge wrakingsverzoek en zoals toegelicht tijdens de mondelinge behandeling. De rechters hebben tijdens de mondelinge behandeling het verzoek gedaan en toegelicht om bij afwijzing van het wrakingsverzoek een zogenoemde ‘anti misbruik bepaling’ op te leggen.
3.3.
Dictum
3.5.
De wrakingskamer is van oordeel dat hiervan geen sprake is. De procesbeslissing is niet onbegrijpelijk en is deugdelijk gemotiveerd. Voorts hebben de rechters zich met hun beslissing slechts uitgelaten over het verzoek om de verbalisant te horen en zijn zij met hun afwijzende beslissing niet inhoudelijk vooruitgelopen op hun eindoordeel in de hoofdzaak.
3.6.
Tot slot zal het verzoek van de rechters om een anti misbruik bepaling op te leggen worden afgewezen. Slechts in uitzonderlijke gevallen kan deze bepaling al bij een eerste verzoek om wraking worden opgelegd. Daarvan is in dit geval geen sprake.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.A. Roodenburg, voorzitter, mr. R. Pennings en mr. G. Edelenbos, allen rechter, in tegenwoordigheid van de griffier [griffier] en in het openbaar uitgesproken op 12 oktober 2023.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.