Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-04-08
ECLI:NL:RBDHA:2026:8270
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
519 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBDHA:2026:8270 text/xml public 2026-04-08T20:59:30 2026-04-08 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-04-08 NL25.56324 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Groningen Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:8270 text/html public 2026-04-08T20:57:46 2026-04-08 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:8270 Rechtbank Den Haag , 08-04-2026 / NL25.56324 plak vovo RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL25.56324 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], V-nummer: [nummer], verzoeker, (gemachtigde: mr. W. Spijkstra), en de minister van Asiel en Migratie, de minister, (gemachtigde: mr. J. Veendorp). Procesverloop 1. Verzoeker heeft een aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft met het bestreden besluit van 10 november 2025 deze aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen. 1.1. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van de NL25.56323, op 2 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoeker, een tolk en de gemachtigde van de minister. Beoordeling door de voorzieningenrechter 2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.56323, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. 2.1. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. F. Sijens, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.M. Veenstra - van der Veen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl. Openbaar gemaakt en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.