Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-02-05
ECLI:NL:RBDHA:2026:7548
Bestuursrecht; Belastingrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
4,077 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:7548 text/xml public 2026-04-14T16:32:51 2026-04-02 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-02-05 AWB - 25 _ 1607 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Den Haag Bestuursrecht; Belastingrecht Rechtspraak.nl Viditax (FutD) 2026041402 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:7548 text/html public 2026-04-13T15:31:00 2026-04-13 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:7548 Rechtbank Den Haag , 05-02-2026 / AWB - 25 _ 1607 Omzetbelasting; Besluit Aftrek van omzetbelasting; Goedkeuring paragraaf 5.2.6.1 Ondernemersverenigingen; Goedkeuring paragraaf 5.2.6.2 Bedrijven Investeringszones (BIZ-stichtingen). Rechtbank DEN HAAG Team belastingrecht zaaknummers: SGR 25/1607, 25/1608, 25/1611 en 25/1612 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 februari 2026 in de zaak tussen Stichting [eiseres] , gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres (gemachtigde: [gemachtigde] ), en de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder. Procesverloop Eiseres heeft middels het indienen van de aangifte omzetbelasting over alle vier de kwartalen van 2023 verzocht om teruggaaf omzetbelasting van achtereenvolgens € 653, € 4.813, € 3.288 en € 16.244 (aangiften). Bij beschikkingen met dagtekening 26 januari 2024 en 16 februari 2024, heeft verweerder de verzoeken afgewezen (beschikkingen). Verweerder heeft bij uitspraak op bezwaar van 17 januari 2025 de beschikkingen gehandhaafd. Eiseres heeft daartegen beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Verweerder heeft in een gesloten envelop stukken aan de rechtbank toegezonden en daarbij, onder verwijzing naar artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht, de rechtbank verzocht om geheimhouding. De dossiers zijn daarop in handen gesteld van de geheim-houdingskamer van de rechtbank. Bij tussenbeslissing van 21 november 2025 heeft de geheimhoudingskamer het verzoek om beperkte kennisneming toegewezen. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 januari 2026. Eiseres is verschenen, vertegenwoordigd door [gemachtigde] en [naam 1] . Eiseres heeft een pleitnota overgelegd. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door [naam 2] en [naam 3] . Overwegingen Feiten 1. Eiseres is een gemeente-breed ondernemersfonds van de gemeente [gemeente] (de gemeente). Het vermogen van eiseres wordt jaarlijks (aan)gevuld door de gemeente vanuit de onroerendezaakbelasting (de ozb). Ter financiering van eiseres heft de gemeente extra ozb op alle niet-woningen. 2. In de statuten is vermeld dat eiseres, onder meer, ten doel heeft: “[Eiseres] heeft ten doel: a. het behartigen van de belangen van ondernemers in de brede zin des woords. Met “ondernemers” wordt in deze statuten bedoeld: belastingplichtige eigenaren en gebruikers in de categorie niet-woningen in het bereik van de onroerendzaakbelasting in de gemeente [gemeente] .” 3. Voorts staat in de statuten dat eiseres ten doel heeft het fungeren als contractpartner voor de gemeente in verband met de bekostiging van collectieve zaken van die ondernemers, het verlenen van opdrachten voor facilitaire diensten ten behoeve van die ondernemers, het bekostigen van collectieve plannen die ten goede komen aan het lokale ondernemingsklimaat, en het verrichten van alle verdere handelingen die met haar doel in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk kunnen zijn. 4. Eiseres is geen ondernemer voor de omzetbelasting. 5. Het is voor eiseres, vanwege de AVG-wetgeving, onbekend wie de ‘belastingplichtige eigenaren en gebruikers in de categorie niet-woningen’ zijn en daarom ook wiens belangen zij behartigt. Uit de administratie voor de ozb van de gemeente volgt dat in 2023 sprake is van 980 subjecten die kwalificeren als ‘niet-woning’. 6. Omdat eiseres niet zelf kan berekenen in welke mate zij recht heeft op aftrek van voorbelasting, heeft De Servicegemeente Dordrecht (de servicegemeente), de interne btw-adviseur van de gemeente, dit voor eiseres berekend. De servicegemeente heeft per subject, zijnde een ‘niet-woning’, beoordeeld of dit een aftrekgerechtigd ‘subject/lid’ is. De beoordeling daarvan is gedaan op basis van het soort object en de functie ervan (zoals industrie, winkel, restaurant, kerk, zorginstelling, school). Verder is gekeken naar de bedrijfsnaam. Bij onvoldoende duidelijkheid heeft de servicegemeente online onderzoek verricht en in bepaalde gevallen een waarneming ter plaatse gedaan. De servicegemeente heeft geconcludeerd dat sprake is van 817 ‘aftrekgerechtigde subjecten/leden’ (83%) en 163 ‘niet-aftrekgerechtigde subjecten/leden’ (17%). Subjecten/leden die mogelijk deels recht hebben op aftrek van voorbelasting (zoals bijvoorbeeld een makelaar) zijn in deze berekening aangemerkt als ‘niet-aftrekgerechtigde subjecten/leden’. Geschil 7. In geschil is of de beschikkingen terecht aan eiseres zijn opgelegd. Meer specifiek is in geschil of eiseres ingevolge het Besluit Omzetbelasting Aftrek van omzetbelasting (het Besluit), op basis van de goedkeuringen van paragraaf 5.2.6.1 Ondernemersverenigingen en paragraaf 5.2.6.2 Bedrijven Investeringszones (BIZ-stichtingen), recht heeft op aftrek van voorbelasting. 8. Eiseres stelt dat zij, conform de door haar ingediende aangiften, op basis van de goedkeuringen in paragraaf 5.2.6.1 en/of paragraaf 5.2.6.2 van het Besluit recht heeft op eenzelfde bedrag aan aftrek van voorbelasting als het geval zou zijn wanneer de goederen en diensten die aan eiseres zijn geleverd rechtstreeks aan de ondernemers wiens belangen eiseres behartigt, zouden worden geleverd. 9. Verweerder stelt dat de beschikkingen terecht aan eiseres zijn opgelegd. Eiseres heeft volgens verweerder geen recht op aftrek van voorbelasting omdat zij niet voldoet aan de voorwaarden van de goedkeuringen in paragraaf 5.2.6.1 en in paragraaf 5.2.6.2 van het Besluit. Beoordeling van het geschil 10. 10. In paragrafen 5.2.6.1 en 5.2.6.2 van het Besluit zijn goedkeuringen opgenomen waardoor ondernemersverenigingen en Bedrijven Investeringszone stichtingen (BIZ-stichtingen), indien zij aan de voorwaarden genoemd in paragraaf 5.2.6.1 van het Besluit voldoen, de aan hen in rekening gebrachte btw (deels) in aftrek kunnen brengen: 10. “5.2.6.1 Ondernemersverenigingen 10. (…) 10. Ik verbind hieraan de volgende voorwaarden. 10. Voorwaarden De goedkeuring geldt alleen voor verenigingen die de zakelijke belangen van ondernemers behartigen en waarbij uitsluitend ondernemers en/of ondernemersverenigingen zijn aangesloten [72]; Alleen die btw komt voor aftrek in aanmerking die niet toerekenbaar is aan prestaties waarvoor de vereniging kwalificeert als ondernemer (belast dan wel vrijgesteld bijvoorbeeld ingevolge artikel 11, eerste lid, onderdeel u, van de wet) [73]; De btw is alleen aftrekbaar voor zover de kosten voor de hieraan toerekenbare goederen en diensten feitelijk worden gedragen door de aangesloten ondernemers; De aangesloten ondernemers zouden de btw in aftrek kunnen brengen als de goederen en diensten rechtstreeks aan hen geleverd zouden worden. De vereniging dient dit (zowel het recht op aftrek als de groep van ondernemers die het betreft) ten genoegen van de inspecteur aan te tonen [74]. (…) Voetnoot 72 Met ingang van 1 januari 2020 geldt dat voor de toets of uitsluitend ondernemers / ondernemers-verenigingen zijn aangesloten, relevant is dat de (rechts)personen die een formele binding hebben met de vereniging en die (direct of indirect) gehouden zijn om een financiële bijdrage te voldoen, uitsluitend bestaan uit ondernemers. (…) 5.2.6.2 Bedrijven Investeringszones (BIZ-stichtingen) (…) Het is echter ook mogelijk dat de BIZ-stichting (ten opzichte van de gemeenten of derden) ter zake niet als ondernemer handelt. Gelet op het bijzondere karakter van de BIZ-stichtingen keur ik voor die gevallen goed dat zij eveneens, onder dezelfde voorwaarden, de faciliteit mogen toepassen zoals hiervoor genoemd voor ondernemersverenigingen.(…)” 11. Bij eiseres rust de bewijslast om aannemelijk te maken dat zij recht heeft op (gedeeltelijke) aftrek van voorbelasting omdat zij voldoet aan de voorwaarden van de goedkeuringen van paragraaf 5.6.2.1 en/of van paragraaf 5.2.6.2 van het Besluit.
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:7548 text/xml public 2026-04-14T16:32:51 2026-04-02 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-02-05 AWB - 25 _ 1607 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Den Haag Bestuursrecht; Belastingrecht Rechtspraak.nl Viditax (FutD) 2026041402 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:7548 text/html public 2026-04-13T15:31:00 2026-04-13 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:7548 Rechtbank Den Haag , 05-02-2026 / AWB - 25 _ 1607 Omzetbelasting; Besluit Aftrek van omzetbelasting; Goedkeuring paragraaf 5.2.6.1 Ondernemersverenigingen; Goedkeuring paragraaf 5.2.6.2 Bedrijven Investeringszones (BIZ-stichtingen). Rechtbank DEN HAAG Team belastingrecht zaaknummers: SGR 25/1607, 25/1608, 25/1611 en 25/1612 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 februari 2026 in de zaak tussen Stichting [eiseres] , gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres (gemachtigde: [gemachtigde] ), en de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder. Procesverloop Eiseres heeft middels het indienen van de aangifte omzetbelasting over alle vier de kwartalen van 2023 verzocht om teruggaaf omzetbelasting van achtereenvolgens € 653, € 4.813, € 3.288 en € 16.244 (aangiften). Bij beschikkingen met dagtekening 26 januari 2024 en 16 februari 2024, heeft verweerder de verzoeken afgewezen (beschikkingen). Verweerder heeft bij uitspraak op bezwaar van 17 januari 2025 de beschikkingen gehandhaafd. Eiseres heeft daartegen beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Verweerder heeft in een gesloten envelop stukken aan de rechtbank toegezonden en daarbij, onder verwijzing naar artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht, de rechtbank verzocht om geheimhouding. De dossiers zijn daarop in handen gesteld van de geheim-houdingskamer van de rechtbank. Bij tussenbeslissing van 21 november 2025 heeft de geheimhoudingskamer het verzoek om beperkte kennisneming toegewezen. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 januari 2026. Eiseres is verschenen, vertegenwoordigd door [gemachtigde] en [naam 1] . Eiseres heeft een pleitnota overgelegd. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door [naam 2] en [naam 3] . Overwegingen Feiten 1. Eiseres is een gemeente-breed ondernemersfonds van de gemeente [gemeente] (de gemeente). Het vermogen van eiseres wordt jaarlijks (aan)gevuld door de gemeente vanuit de onroerendezaakbelasting (de ozb). Ter financiering van eiseres heft de gemeente extra ozb op alle niet-woningen. 2. In de statuten is vermeld dat eiseres, onder meer, ten doel heeft: “[Eiseres] heeft ten doel: a. het behartigen van de belangen van ondernemers in de brede zin des woords. Met “ondernemers” wordt in deze statuten bedoeld: belastingplichtige eigenaren en gebruikers in de categorie niet-woningen in het bereik van de onroerendzaakbelasting in de gemeente [gemeente] .” 3. Voorts staat in de statuten dat eiseres ten doel heeft het fungeren als contractpartner voor de gemeente in verband met de bekostiging van collectieve zaken van die ondernemers, het verlenen van opdrachten voor facilitaire diensten ten behoeve van die ondernemers, het bekostigen van collectieve plannen die ten goede komen aan het lokale ondernemingsklimaat, en het verrichten van alle verdere handelingen die met haar doel in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk kunnen zijn. 4. Eiseres is geen ondernemer voor de omzetbelasting. 5. Het is voor eiseres, vanwege de AVG-wetgeving, onbekend wie de ‘belastingplichtige eigenaren en gebruikers in de categorie niet-woningen’ zijn en daarom ook wiens belangen zij behartigt. Uit de administratie voor de ozb van de gemeente volgt dat in 2023 sprake is van 980 subjecten die kwalificeren als ‘niet-woning’. 6. Omdat eiseres niet zelf kan berekenen in welke mate zij recht heeft op aftrek van voorbelasting, heeft De Servicegemeente Dordrecht (de servicegemeente), de interne btw-adviseur van de gemeente, dit voor eiseres berekend. De servicegemeente heeft per subject, zijnde een ‘niet-woning’, beoordeeld of dit een aftrekgerechtigd ‘subject/lid’ is. De beoordeling daarvan is gedaan op basis van het soort object en de functie ervan (zoals industrie, winkel, restaurant, kerk, zorginstelling, school). Verder is gekeken naar de bedrijfsnaam. Bij onvoldoende duidelijkheid heeft de servicegemeente online onderzoek verricht en in bepaalde gevallen een waarneming ter plaatse gedaan. De servicegemeente heeft geconcludeerd dat sprake is van 817 ‘aftrekgerechtigde subjecten/leden’ (83%) en 163 ‘niet-aftrekgerechtigde subjecten/leden’ (17%). Subjecten/leden die mogelijk deels recht hebben op aftrek van voorbelasting (zoals bijvoorbeeld een makelaar) zijn in deze berekening aangemerkt als ‘niet-aftrekgerechtigde subjecten/leden’. Geschil 7. In geschil is of de beschikkingen terecht aan eiseres zijn opgelegd. Meer specifiek is in geschil of eiseres ingevolge het Besluit Omzetbelasting Aftrek van omzetbelasting (het Besluit), op basis van de goedkeuringen van paragraaf 5.2.6.1 Ondernemersverenigingen en paragraaf 5.2.6.2 Bedrijven Investeringszones (BIZ-stichtingen), recht heeft op aftrek van voorbelasting. 8. Eiseres stelt dat zij, conform de door haar ingediende aangiften, op basis van de goedkeuringen in paragraaf 5.2.6.1 en/of paragraaf 5.2.6.2 van het Besluit recht heeft op eenzelfde bedrag aan aftrek van voorbelasting als het geval zou zijn wanneer de goederen en diensten die aan eiseres zijn geleverd rechtstreeks aan de ondernemers wiens belangen eiseres behartigt, zouden worden geleverd. 9. Verweerder stelt dat de beschikkingen terecht aan eiseres zijn opgelegd. Eiseres heeft volgens verweerder geen recht op aftrek van voorbelasting omdat zij niet voldoet aan de voorwaarden van de goedkeuringen in paragraaf 5.2.6.1 en in paragraaf 5.2.6.2 van het Besluit. Beoordeling van het geschil 10. 10. In paragrafen 5.2.6.1 en 5.2.6.2 van het Besluit zijn goedkeuringen opgenomen waardoor ondernemersverenigingen en Bedrijven Investeringszone stichtingen (BIZ-stichtingen), indien zij aan de voorwaarden genoemd in paragraaf 5.2.6.1 van het Besluit voldoen, de aan hen in rekening gebrachte btw (deels) in aftrek kunnen brengen: 10. “5.2.6.1 Ondernemersverenigingen 10. (…) 10. Ik verbind hieraan de volgende voorwaarden. 10. Voorwaarden De goedkeuring geldt alleen voor verenigingen die de zakelijke belangen van ondernemers behartigen en waarbij uitsluitend ondernemers en/of ondernemersverenigingen zijn aangesloten [72]; Alleen die btw komt voor aftrek in aanmerking die niet toerekenbaar is aan prestaties waarvoor de vereniging kwalificeert als ondernemer (belast dan wel vrijgesteld bijvoorbeeld ingevolge artikel 11, eerste lid, onderdeel u, van de wet) [73]; De btw is alleen aftrekbaar voor zover de kosten voor de hieraan toerekenbare goederen en diensten feitelijk worden gedragen door de aangesloten ondernemers; De aangesloten ondernemers zouden de btw in aftrek kunnen brengen als de goederen en diensten rechtstreeks aan hen geleverd zouden worden. De vereniging dient dit (zowel het recht op aftrek als de groep van ondernemers die het betreft) ten genoegen van de inspecteur aan te tonen [74]. (…) Voetnoot 72 Met ingang van 1 januari 2020 geldt dat voor de toets of uitsluitend ondernemers / ondernemers-verenigingen zijn aangesloten, relevant is dat de (rechts)personen die een formele binding hebben met de vereniging en die (direct of indirect) gehouden zijn om een financiële bijdrage te voldoen, uitsluitend bestaan uit ondernemers. (…) 5.2.6.2 Bedrijven Investeringszones (BIZ-stichtingen) (…) Het is echter ook mogelijk dat de BIZ-stichting (ten opzichte van de gemeenten of derden) ter zake niet als ondernemer handelt. Gelet op het bijzondere karakter van de BIZ-stichtingen keur ik voor die gevallen goed dat zij eveneens, onder dezelfde voorwaarden, de faciliteit mogen toepassen zoals hiervoor genoemd voor ondernemersverenigingen.(…)” 11. Bij eiseres rust de bewijslast om aannemelijk te maken dat zij recht heeft op (gedeeltelijke) aftrek van voorbelasting omdat zij voldoet aan de voorwaarden van de goedkeuringen van paragraaf 5.6.2.1 en/of van paragraaf 5.2.6.2 van het Besluit.