Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-03-20
ECLI:NL:RBDHA:2026:7240
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - meervoudig
1,048 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBDHA:2026:7240 text/xml public 2026-04-01T08:05:33 2026-03-31 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-03-20 NL24.30186 Uitspraak Eerste aanleg - meervoudig NL Amsterdam Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:7240 text/html public 2026-04-01T08:05:07 2026-04-01 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:7240 Rechtbank Den Haag , 20-03-2026 / NL24.30186 Eiser heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk, omdat eiser geen belang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep. Eiser is namelijk met onbekende bestemming vertrokken en heeft daarna geen contact meer gehad met zijn advocaat. De rechtbank gaat er daarom van uit dat hij geen bescherming meer wil in Nederland. RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Amsterdam Bestuursrecht Zaaknummer: NL24.30186 V-nummer: [V-nummer] proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de meervoudige kamer in de zaak tussen [eiser] , geboren op [geboortedag] 1982 van Tanzaniaanse nationaliteit, eiser, (gemachtigde: mr. E.P.A. Zwart ), en de minister van Asiel en Migratie, de minister, (gemachtigde: mr. G. Wischoff). Procesverloop Met het besluit van 10 juli 2024 heeft de minister de asielaanvraag van eiser als ongegrond afgewezen. Hiertegen heeft eiser beroep ingesteld. De minister heeft een verweerschrift ingediend. De rechtbank heeft het beroep op 19 maart 2026 op zitting behandeld. Eiser is niet verschenen. De gemachtigde van eiser is, met bericht van verhindering, niet verschenen. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk ter zitting uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Overwegingen 1. De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering. In het verweerschrift heeft de minister gewezen op het feit dat uit informatie van het COa is gebleken dat eiser sinds 5 december 2024 met onbekende bestemming is vertrokken. Eiser is daarnaast niet verschenen op het vertrekgesprek bij DT&V van 14 juli 2025. De minister heeft de rechtbank dan ook verzocht om te onderzoeken of het beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard wegens het ontbreken van procesbelang. 2. Als een vreemdeling die in Nederland bescherming heeft gevraagd met onbekende bestemming vertrekt dan moet er volgens vaste rechtspraak van de Afdeling in beginsel van uit worden gegaan dat die vreemdeling geen prijs meer stelt op de door hem aanvankelijk gezochte bescherming in Nederland. De bestuursrechter zal echter voorzichtig moeten omgaan met het niet-ontvankelijk verklaren van een beroep op basis van een zogenoemde MOB-melding. Zolang de advocaat contact heeft met de vreemdeling, mag er volgens de Afdeling van worden uitgegaan dat de vreemdeling belang heeft bij zijn procedure om een verblijfsrecht in Nederland te verkrijgen. De advocaat van eiser heeft laten weten dat eiser geen contact met hem heeft onderhouden. 3. Omdat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en daarna geen contact meer heeft gehad met zijn advocaat, gaat de rechtbank ervan uit dat hij geen bescherming meer wil in Nederland. Eiser heeft daarom geen belang bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep. 4. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 19 maart 2026 door mr. C.A.R. Bleijendaal, voorzitter, en mr. P.L.C.M. Ficq en mr. H.J. Schaberg leden, in aanwezigheid van mr. L. Kooring, griffier. Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal. Dit is de advocaat van eiser. Centraal Orgaan opvang asielzoekers. Dienst Terugkeer en Vertrek. Afgekort als MOB. Zie bijvoorbeeld de uitspraken van 22 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:579 en 12 oktober 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2915. Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.