Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-05-19
ECLI:NL:RBDHA:2026:12480
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Vereenvoudigde behandeling
1,053 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:12480 text/xml public 2026-05-19T11:10:41 2026-05-19 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-05-19 NL26.3318 Uitspraak Vereenvoudigde behandeling NL Groningen Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:12480 text/html public 2026-05-19T11:10:27 2026-05-19 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:12480 Rechtbank Den Haag , 19-05-2026 / NL26.3318 Dublin. Duitsland is de verantwoordelijke lidstaat; voorlopige voorziening afgewezen (plakvovo) RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL26.3318 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam], eiser, V-nummer: [nummer], (gemachtigde: mr. W. Spijkstra), en de minister van Asiel en Migratie, de minister. Procesverloop 1. Bij besluit van 19 januari 2026 heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. 1.1. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft daarnaast de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Overwegingen 2. De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting. 3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.3317, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. 4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Munsterman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van V.M. de Koning, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl. De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Het beroep staat geregistreerd onder zaaknummer NL263317. Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:12480 text/xml public 2026-05-19T11:10:41 2026-05-19 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-05-19 NL26.3318 Uitspraak Vereenvoudigde behandeling NL Groningen Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:12480 text/html public 2026-05-19T11:10:27 2026-05-19 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:12480 Rechtbank Den Haag , 19-05-2026 / NL26.3318 Dublin. Duitsland is de verantwoordelijke lidstaat; voorlopige voorziening afgewezen (plakvovo) RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL26.3318 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam], eiser, V-nummer: [nummer], (gemachtigde: mr. W. Spijkstra), en de minister van Asiel en Migratie, de minister. Procesverloop 1. Bij besluit van 19 januari 2026 heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. 1.1. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft daarnaast de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Overwegingen 2. De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting. 3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.3317, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. 4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Munsterman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van V.M. de Koning, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl. De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Het beroep staat geregistreerd onder zaaknummer NL263317. Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).