Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-03-26
ECLI:NL:RBDHA:2026:10748
Civiel recht; Personen- en familierecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
3,997 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:10748 text/xml public 2026-05-07T14:27:50 2026-05-07 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-03-26 C/09/685675 / FA RK 25-3849 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Beschikking NL Den Haag Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:10748 text/html public 2026-05-07T14:27:12 2026-05-07 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:10748 Rechtbank Den Haag , 26-03-2026 / C/09/685675 / FA RK 25-3849 (Wijziging) alimentatie voor jong-meerderjarige die de VAVO volgt, afgewezen. Voor bepaling behoefte aangesloten bij WSF-norm thuiswonende MBO-student met correcties. Vader voldoet aan onderhoudsverplichting door kosten voor zijn rekening te nemen. Rechtbank DEN HAAG Enkelvoudige Kamer Rekestnummer: FA RK 25-3849 Zaaknummer: C/09/685675 Datum beschikking: 26 maart 2026 Alimentatie Beschikking op het op 21 mei 2025 ingekomen verzoek van: [de moeder] , de moeder, wonende op een voor de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. P. van de Kolk in Den Haag. Als belanghebbenden worden aangemerkt: [de jong-meerderjarige] , de jong-meerderjarige, hierna ook: [de jong-meerderjarige] , wonende op een voor de rechtbank bekend adres, advocaat: R. van Venetiën in Alphen aan den Rijn. [de vader] , de vader, wonende op een voor de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. J.L.J. Kapteijn in Alphen aan den Rijn. Procedure De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder: het verzoekschrift; het F9-formulier van 18 juni 2025, met bijlagen, van de moeder. het verweerschrift, van de vader; het F9-formulier van 29 juli 2025, van de vader. het F9-formulier van 31 juli 2025, van de moeder. het F9-formulier van 6 oktober 2025, van de jong-meerderjarige. het F9-formulier van 7 oktober 2025, van de vader. het F9-formulier van 13 februari 2026, met bijlagen, van de jong-meerderjarige. het F9-formulier van 16 februari 2026, met bijlagen, van de moeder. het F9-formulier van 17 februari 2026, met bijlagen, van de jong-meerderjarige. het F9-formulier van 20 februari 2026, met bijlagen, van de jong-meerderjarige. het F9-formulier van 23 februari 2026, met bijlagen, van de vader. Op 26 februari 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de moeder, bijgestaan door haar advocaat; de advocaat van de jong-meerderjarige. de vader, bijgestaan door zijn advocaat. De jong-meerderjarige is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Van de zijde van de vader zijn pleitnotities overgelegd. Feiten De moeder en de vader zijn gehuwd geweest van [datum 1] 2002 tot [datum 2] 2024. Zij zijn de ouders van de jong-meerderjarige: - [de jong-meerderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2007 in [geboorteplaats] ( [de jong-meerderjarige] ). [de jong-meerderjarige] staat ingeschreven op het adres bij de vader. Bij beschikking van deze rechtbank van 17 juli 2024 is de echtscheiding tussen de ouders uitgesproken en zijn opgenomen de getroffen regelingen zoals die staan in het aangehechte echtscheidingsconvenant van 27 juni 2024 met het ouderschapsplan van 27 juni 2024. In artikel 7.2 van het ouderschapsplan is vastgesteld dat ieder de helft van de kosten van [de jong-meerderjarige] zullen betalen, en dat zolang er nog kinderbijslag wordt ontvangen, beide ouders gerechtigd zijn tot de helft van dat bedrag. In artikel 7.3 van het ouderschapsplan is vastgesteld dat de verplichting om [de jong-meerderjarige] financieel te onderhouden doorloopt na zijn 18e jaar tot hij 21 jaar is, en dat de ouders kort voor [de jong-meerderjarige] 18 jaar wordt, samen met [de jong-meerderjarige] afspraken zullen maken over de kosten van zijn levensonderhoud en studie. Verzoek en verweer De moeder verzoekt: - te bepalen dat de vader met ingang van 13 mei 2025, althans met ingang van datum indiening verzoekschrift, een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van € 634,- per maand dan wel een andere passende bijdrage aan de moeder dient te betalen, welke bijdrage bij vooruitbetaling dient te worden voldaan; - deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. De jong-meerderjarige heeft de moeder gemachtigd om namens hem alle noodzakelijke handelingen te verrichten met betrekking tot de onderhoudsbijdrage van zijn vader. De vader voert verweer, dat hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. Hierbij verzoekt hij zelfstandig – voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad –: primair: de verzoeken van de moeder af te wijzen; subsidiair: te bepalen dat de bijdrage aan [de jong-meerderjarige] voldaan moet worden; de behoefte te berekenen aan de hand van de daadwerkelijke, met bewijsstukken onderbouwde, (studie)kosten minus de bijdrage die [de jong-meerderjarige] gezien zijn inkomen redelijkerwijs zelf kan leveren ter dekking van die kosten en minus de bijdrage van de moeder. Beoordeling Ontvankelijkheid Volmacht De rechtbank verwerpt het verweer van de vader dat de volmacht van [de jong-meerderjarige] geen werking zou hebben na het bereiken van de leeftijd van 18 jaar, omdat hij vanaf dat moment zelf volledige juridische verantwoordelijkheid heeft. Het verzoek is door de moeder aanhangig gemaakt voordat [de jong-meerderjarige] 18 jaar was en gedurende de procedure heeft [de jong-meerderjarige] de leeftijd van 18 jaar bereikt. In een dergelijk geval staat het hem vrij zijn moeder te machtigen om namens hem in rechte op te treden. Bovendien heeft [de jong-meerderjarige] zich in deze procedure ook zelf laten bijstaan door een advocaat, die het verzoek van de moeder heeft ondersteund. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat de overgelegde volmacht, waarin [de jong-meerderjarige] de moeder machtigt om namens hem alle noodzakelijke handelingen te verrichten met betrekking tot de onderhoudsbijdrage van zijn vader, wel degelijk toereikend is om hem in deze procedure rechtsgeldig te vertegenwoordigen. Wijziging omstandigheden Tussen partijen is niet in geschil dat sprake is van een wijzigingsgrond. In het ouderschapsplan is vastgelegd dat de ouders kort voordat [de jong-meerderjarige] 18 jaar wordt, samen met hem afspraken zullen maken over de kosten van zijn levensonderhoud en studie. Dit is hen echter niet gelukt. Gelet op het voorgaande, zal de rechtbank de moeder ontvangen in haar verzoek. Inhoudelijke beoordeling Ingangsdatum De rechtbank ziet aanleiding eerst de ingangsdatum te behandelen. De rechtbank zal als ingangsdatum hanteren de datum waarop [de jong-meerderjarige] 18 jaar is geworden, zijnde [datum 3] 2025. Het verzoek van de moeder ziet weliswaar op de periode vanaf 13 mei 2025, maar tot aan de periode van de (jong-)meerderjarigheid van [de jong-meerderjarige] hadden de ouders reeds afspraken in het ouderschapsplan gemaakt. De moeder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom deze afspraken voor de laatste dertien dagen vóór het bereiken van de 18-jarige leeftijd van [de jong-meerderjarige] zouden moeten worden gewijzigd. Behoefte [de jong-meerderjarige] Partijen zijn het niet eens over de behoefte van [de jong-meerderjarige] . Op de zitting is gebleken dat [de jong-meerderjarige] volledig bij de moeder woont en momenteel de VAVO opleiding niveau VMBO-TL volgt. In het verzoekschrift van de moeder heeft zij de behoefte van [de jong-meerderjarige] in eerste instantie vastgesteld conform de Trema-normen (Tabel eigen aandeel kosten van kinderen), op basis van de inkomensgegevens van de ouders in 2023. Hieruit volgt een behoefte van € 937,-. Ter zitting is aangevoerd dat dat bedrag te laag is, en dat nu [de jong-meerderjarige] jong-meerderjarig is, zijn behoefte dient te worden bepaald aan de hand van de werkelijke uitgaven, wat uitkomt op € 2.433,- per maand. Dit bedrag is gebaseerd op een opgave van structurele en buitengewone kosten die de moeder voor haar rekening neemt (€ 1.765,-), vermeerderd met het bedrag dat de vader stelt aan [de jong-meerderjarige] bij te dragen (€ 667,-). De rechtbank gaat niet mee in het standpunt van de moeder en [de jong-meerderjarige] .
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:10748 text/xml public 2026-05-07T14:27:50 2026-05-07 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-03-26 C/09/685675 / FA RK 25-3849 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Beschikking NL Den Haag Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:10748 text/html public 2026-05-07T14:27:12 2026-05-07 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:10748 Rechtbank Den Haag , 26-03-2026 / C/09/685675 / FA RK 25-3849 (Wijziging) alimentatie voor jong-meerderjarige die de VAVO volgt, afgewezen. Voor bepaling behoefte aangesloten bij WSF-norm thuiswonende MBO-student met correcties. Vader voldoet aan onderhoudsverplichting door kosten voor zijn rekening te nemen. Rechtbank DEN HAAG Enkelvoudige Kamer Rekestnummer: FA RK 25-3849 Zaaknummer: C/09/685675 Datum beschikking: 26 maart 2026 Alimentatie Beschikking op het op 21 mei 2025 ingekomen verzoek van: [de moeder] , de moeder, wonende op een voor de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. P. van de Kolk in Den Haag. Als belanghebbenden worden aangemerkt: [de jong-meerderjarige] , de jong-meerderjarige, hierna ook: [de jong-meerderjarige] , wonende op een voor de rechtbank bekend adres, advocaat: R. van Venetiën in Alphen aan den Rijn. [de vader] , de vader, wonende op een voor de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. J.L.J. Kapteijn in Alphen aan den Rijn. Procedure De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder: het verzoekschrift; het F9-formulier van 18 juni 2025, met bijlagen, van de moeder. het verweerschrift, van de vader; het F9-formulier van 29 juli 2025, van de vader. het F9-formulier van 31 juli 2025, van de moeder. het F9-formulier van 6 oktober 2025, van de jong-meerderjarige. het F9-formulier van 7 oktober 2025, van de vader. het F9-formulier van 13 februari 2026, met bijlagen, van de jong-meerderjarige. het F9-formulier van 16 februari 2026, met bijlagen, van de moeder. het F9-formulier van 17 februari 2026, met bijlagen, van de jong-meerderjarige. het F9-formulier van 20 februari 2026, met bijlagen, van de jong-meerderjarige. het F9-formulier van 23 februari 2026, met bijlagen, van de vader. Op 26 februari 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de moeder, bijgestaan door haar advocaat; de advocaat van de jong-meerderjarige. de vader, bijgestaan door zijn advocaat. De jong-meerderjarige is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Van de zijde van de vader zijn pleitnotities overgelegd. Feiten De moeder en de vader zijn gehuwd geweest van [datum 1] 2002 tot [datum 2] 2024. Zij zijn de ouders van de jong-meerderjarige: - [de jong-meerderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2007 in [geboorteplaats] ( [de jong-meerderjarige] ). [de jong-meerderjarige] staat ingeschreven op het adres bij de vader. Bij beschikking van deze rechtbank van 17 juli 2024 is de echtscheiding tussen de ouders uitgesproken en zijn opgenomen de getroffen regelingen zoals die staan in het aangehechte echtscheidingsconvenant van 27 juni 2024 met het ouderschapsplan van 27 juni 2024. In artikel 7.2 van het ouderschapsplan is vastgesteld dat ieder de helft van de kosten van [de jong-meerderjarige] zullen betalen, en dat zolang er nog kinderbijslag wordt ontvangen, beide ouders gerechtigd zijn tot de helft van dat bedrag. In artikel 7.3 van het ouderschapsplan is vastgesteld dat de verplichting om [de jong-meerderjarige] financieel te onderhouden doorloopt na zijn 18e jaar tot hij 21 jaar is, en dat de ouders kort voor [de jong-meerderjarige] 18 jaar wordt, samen met [de jong-meerderjarige] afspraken zullen maken over de kosten van zijn levensonderhoud en studie. Verzoek en verweer De moeder verzoekt: - te bepalen dat de vader met ingang van 13 mei 2025, althans met ingang van datum indiening verzoekschrift, een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van € 634,- per maand dan wel een andere passende bijdrage aan de moeder dient te betalen, welke bijdrage bij vooruitbetaling dient te worden voldaan; - deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. De jong-meerderjarige heeft de moeder gemachtigd om namens hem alle noodzakelijke handelingen te verrichten met betrekking tot de onderhoudsbijdrage van zijn vader. De vader voert verweer, dat hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. Hierbij verzoekt hij zelfstandig – voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad –: primair: de verzoeken van de moeder af te wijzen; subsidiair: te bepalen dat de bijdrage aan [de jong-meerderjarige] voldaan moet worden; de behoefte te berekenen aan de hand van de daadwerkelijke, met bewijsstukken onderbouwde, (studie)kosten minus de bijdrage die [de jong-meerderjarige] gezien zijn inkomen redelijkerwijs zelf kan leveren ter dekking van die kosten en minus de bijdrage van de moeder. Beoordeling Ontvankelijkheid Volmacht De rechtbank verwerpt het verweer van de vader dat de volmacht van [de jong-meerderjarige] geen werking zou hebben na het bereiken van de leeftijd van 18 jaar, omdat hij vanaf dat moment zelf volledige juridische verantwoordelijkheid heeft. Het verzoek is door de moeder aanhangig gemaakt voordat [de jong-meerderjarige] 18 jaar was en gedurende de procedure heeft [de jong-meerderjarige] de leeftijd van 18 jaar bereikt. In een dergelijk geval staat het hem vrij zijn moeder te machtigen om namens hem in rechte op te treden. Bovendien heeft [de jong-meerderjarige] zich in deze procedure ook zelf laten bijstaan door een advocaat, die het verzoek van de moeder heeft ondersteund. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat de overgelegde volmacht, waarin [de jong-meerderjarige] de moeder machtigt om namens hem alle noodzakelijke handelingen te verrichten met betrekking tot de onderhoudsbijdrage van zijn vader, wel degelijk toereikend is om hem in deze procedure rechtsgeldig te vertegenwoordigen. Wijziging omstandigheden Tussen partijen is niet in geschil dat sprake is van een wijzigingsgrond. In het ouderschapsplan is vastgelegd dat de ouders kort voordat [de jong-meerderjarige] 18 jaar wordt, samen met hem afspraken zullen maken over de kosten van zijn levensonderhoud en studie. Dit is hen echter niet gelukt. Gelet op het voorgaande, zal de rechtbank de moeder ontvangen in haar verzoek. Inhoudelijke beoordeling Ingangsdatum De rechtbank ziet aanleiding eerst de ingangsdatum te behandelen. De rechtbank zal als ingangsdatum hanteren de datum waarop [de jong-meerderjarige] 18 jaar is geworden, zijnde [datum 3] 2025. Het verzoek van de moeder ziet weliswaar op de periode vanaf 13 mei 2025, maar tot aan de periode van de (jong-)meerderjarigheid van [de jong-meerderjarige] hadden de ouders reeds afspraken in het ouderschapsplan gemaakt. De moeder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom deze afspraken voor de laatste dertien dagen vóór het bereiken van de 18-jarige leeftijd van [de jong-meerderjarige] zouden moeten worden gewijzigd. Behoefte [de jong-meerderjarige] Partijen zijn het niet eens over de behoefte van [de jong-meerderjarige] . Op de zitting is gebleken dat [de jong-meerderjarige] volledig bij de moeder woont en momenteel de VAVO opleiding niveau VMBO-TL volgt. In het verzoekschrift van de moeder heeft zij de behoefte van [de jong-meerderjarige] in eerste instantie vastgesteld conform de Trema-normen (Tabel eigen aandeel kosten van kinderen), op basis van de inkomensgegevens van de ouders in 2023. Hieruit volgt een behoefte van € 937,-. Ter zitting is aangevoerd dat dat bedrag te laag is, en dat nu [de jong-meerderjarige] jong-meerderjarig is, zijn behoefte dient te worden bepaald aan de hand van de werkelijke uitgaven, wat uitkomt op € 2.433,- per maand. Dit bedrag is gebaseerd op een opgave van structurele en buitengewone kosten die de moeder voor haar rekening neemt (€ 1.765,-), vermeerderd met het bedrag dat de vader stelt aan [de jong-meerderjarige] bij te dragen (€ 667,-). De rechtbank gaat niet mee in het standpunt van de moeder en [de jong-meerderjarige] .