Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-03-31
ECLI:NL:RBDHA:2026:10351
Civiel recht; Personen- en familierecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
3,572 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:10351 text/xml public 2026-05-01T11:16:18 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-03-31 C/09/698264 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Beschikking NL Den Haag Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:10351 text/html public 2026-05-01T11:16:07 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:10351 Rechtbank Den Haag , 31-03-2026 / C/09/698264 volgt Rechtbank DEN HAAG Enkelvoudige kamer Rekestnummer: FA RK 26-690 Zaaknummer: C/09/698264 Datum beschikking: 31 maart 2026 Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken Beschikking op het op 23 januari 2026 ingekomen verzoek van: [de vader] , de vader, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. D.Z. Peters in Zoetermeer. Als belanghebbende wordt aangemerkt: [de moeder] , de moeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. K.C.A. Ariëns in Oss. Procedure De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken waaronder: het verzoekschrift; het bericht van 29 januari 2026 van de vader; het bericht van 23 februari 2026 van de moeder; het bericht van 24 februari 2026 van de vader; het verweerschrift tevens zelfstandige verzoeken; het bericht van 3 maart 2026 van de moeder; het bericht van 3 maart 2026 van de vader. Op 3 maart 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vader bijgestaan door zijn advocaat; de moeder bijgestaan door haar advocaat; [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming. Feiten Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad. Zij zijn de ouders van het volgende nog minderjarige kind: - [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2023 in [geboorteplaats] . [minderjarige] heeft de hoofdverblijfplaats bij de moeder. Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over [minderjarige] uit. Verzoek en verweer De man verzoekt: - primair : de volgende verdeling van de zorg- en opvoedingstaken wordt vastgesteld: - bij de moeder: de ene week van zondag na het avondeten (tussen 19:00 en 20:00 uur) tot woensdagmiddag uit school, respectievelijk 15:00 uur indien er geen school is; de andere week van vrijdag na het avondeten (tussen 19:00 en 20:00 uur) tot woensdagmiddag uit school, respectievelijk 15:00 uur indien er geen school is; - bij de vader: de ene week van woensdag uit school, respectievelijk 15:00 uur indien er geen school is, tot zondag na het avondeten (tussen 19:00 en 20:00 uur); de andere week van woensdag uit school, respectievelijk 15:00 uur indien er geen school is, tot vrijdag na het avondeten (tussen 19:00 en 20:00 uur); - verdeling van de vakanties, bijzondere dagen en feestdagen: zomervakantie: bij helfte, waarbij [minderjarige] om de week bij vader respectievelijk moeder verblijft, tenzij ouders gezamenlijk besluiten tot voortzetting van de reguliere zorgregeling in de vakantie; overige vakanties: conform de reguliere zorgregeling, tenzij ouders in onderling overleg andere afspraken maken met elkaar; nieuwjaarsdag: in 2026 bij de moeder, in 2027 bij de vader; eerste paasdag: in 2026 bij de moeder, in 2027 bij de vader; tweede paasdag: in 2026 bij de vader, in 2027 bij de moeder; Koningsdag: in 2026 bij de vader, in 2027 bij de moeder; kerstavond: in 2026 bij de vader, in 2027 bij de moeder; eerste kerstdag: in 2026 bij de vader, in 2027 bij de moeder; tweede kerstdag na 11:00 uur: in 2026 bij de moeder, in 2027 bij de vader; oudejaarsdag: in 2026 bij de moeder, in 2027 bij de vader; feestdagen vanaf 2028: bij helfte, waarbij in oneven jaren vader de eerste keuze heeft en in even jaren heeft moeder de eerste keuze; verjaardag van vader bij vader; verjaardag van moeder bij moeder; Vaderdag bij vader; Moederdag bij moeder. - subsidiair : een regeling wordt vastgesteld die deze rechtbank juist acht; een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad. De moeder voert verweer, dat hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. Daarnaast verzoekt zij zelfstandig een verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, waarbij: - primair : [minderjarige] om het weekend van vrijdag uit de opvang (+/- 14:00 uur) tot zondagavond bij de vader verblijft en de vader haar om 19:00 uur weer bij de vrouw brengt; de vader zorg draagt voor [minderjarige] vanaf het moment dat [minderjarige] naar school toe gaat tot maandagochtend, waarna de man haar naar school toe brengt; [minderjarige] bij de vader verblijft iedere woensdagochtend tot donderdagavond 19:00 uur; er een videobelmoment tussen de vader en [minderjarige] plaatsvindt in het weekend waarin [minderjarige] niet bij de man verblijft; de vakanties en feestdagen als volgt worden verdeeld: carnavalsvakantie: oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader; meivakantie: even jaren eerste week bij de moeder, tweede week bij de vader en oneven jaren eerste week bij de vader en tweede week bij de moeder; zomervakantie: even jaren derde, vierde en zesde week bij de moeder, eerste, tweede en vijfde week bij de vader, oneven jaren derde, vierde en zesde week bij de vader, eerste, tweede en vijfde week bij de moeder; herfstvakantie: even jaren bij de moeder, oneven jaren bij de vader; kerstvakantie: even jaren eerste week, inclusief kerstavond en eerste kerstdag, bij de moeder, tweede kerstdag en tweede week, inclusief oud en nieuw, bij de vader, oneven jaren eerste week, inclusief kerstavond en eerste kerstdag, bij de vader, tweede kerstdag en tweede week, inclusief oud en nieuw, bij de moeder; Goede Vrijdag en Pasen: eerste paasdag volgens zorgregeling, tweede paasdag bij de andere ouder; Hemelvaartsdag: even jaren bij de moeder, oneven jaren bij de vader; Pinksteren: eerste pinksterdag volgens zorgregeling, tweede pinksterdag bij de andere ouder; Koningsdag: oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader; Sinterklaas: oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader; verjaardag kinderen: iedere ouder een dagdeel; verjaardag ouder: bij betreffende ouder; verjaardag opa/oma: bij de moeder [dag] ; Vaderdag: bij de vader; Moederdag: bij de moeder. - subsidiair : een regeling wordt vastgesteld die deze rechtbank juist acht; een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad en kosten rechtens. Beoordeling Op de zitting heeft de moeder verteld dat haar oom die ochtend onverwachts is overleden. Hierdoor was de moeder niet goed in staat om haar standpunt toe te lichten. Haar advocaat verzocht daarom om de procedure aan te houden tot een later moment. De vader heeft laten weten hiermee te kunnen instemmen. De rechtbank zal gelet op deze bijzondere omstandigheden de inhoudelijke behandeling van de zaak aanhouden tot na te melden pro forma datum. Zoals op de zitting is besproken, krijgen de ouders hiermee ook de tijd om in onderling overleg afspraken te maken. Beslissing De rechtbank: houdt iedere beslissing ten aanzien van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en de proceskosten aan tot 1 mei 2026 pro forma . Deze beschikking is gegeven door mr. M.F. Baaij, (kinder)rechter, bijgestaan door P.F. Weenink als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 31 maart 2026.
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:10351 text/xml public 2026-05-01T11:16:18 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-03-31 C/09/698264 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Beschikking NL Den Haag Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:10351 text/html public 2026-05-01T11:16:07 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:10351 Rechtbank Den Haag , 31-03-2026 / C/09/698264 volgt Rechtbank DEN HAAG Enkelvoudige kamer Rekestnummer: FA RK 26-690 Zaaknummer: C/09/698264 Datum beschikking: 31 maart 2026 Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken Beschikking op het op 23 januari 2026 ingekomen verzoek van: [de vader] , de vader, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. D.Z. Peters in Zoetermeer. Als belanghebbende wordt aangemerkt: [de moeder] , de moeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. K.C.A. Ariëns in Oss. Procedure De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken waaronder: het verzoekschrift; het bericht van 29 januari 2026 van de vader; het bericht van 23 februari 2026 van de moeder; het bericht van 24 februari 2026 van de vader; het verweerschrift tevens zelfstandige verzoeken; het bericht van 3 maart 2026 van de moeder; het bericht van 3 maart 2026 van de vader. Op 3 maart 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vader bijgestaan door zijn advocaat; de moeder bijgestaan door haar advocaat; [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming. Feiten Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad. Zij zijn de ouders van het volgende nog minderjarige kind: - [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2023 in [geboorteplaats] . [minderjarige] heeft de hoofdverblijfplaats bij de moeder. Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over [minderjarige] uit. Verzoek en verweer De man verzoekt: - primair : de volgende verdeling van de zorg- en opvoedingstaken wordt vastgesteld: - bij de moeder: de ene week van zondag na het avondeten (tussen 19:00 en 20:00 uur) tot woensdagmiddag uit school, respectievelijk 15:00 uur indien er geen school is; de andere week van vrijdag na het avondeten (tussen 19:00 en 20:00 uur) tot woensdagmiddag uit school, respectievelijk 15:00 uur indien er geen school is; - bij de vader: de ene week van woensdag uit school, respectievelijk 15:00 uur indien er geen school is, tot zondag na het avondeten (tussen 19:00 en 20:00 uur); de andere week van woensdag uit school, respectievelijk 15:00 uur indien er geen school is, tot vrijdag na het avondeten (tussen 19:00 en 20:00 uur); - verdeling van de vakanties, bijzondere dagen en feestdagen: zomervakantie: bij helfte, waarbij [minderjarige] om de week bij vader respectievelijk moeder verblijft, tenzij ouders gezamenlijk besluiten tot voortzetting van de reguliere zorgregeling in de vakantie; overige vakanties: conform de reguliere zorgregeling, tenzij ouders in onderling overleg andere afspraken maken met elkaar; nieuwjaarsdag: in 2026 bij de moeder, in 2027 bij de vader; eerste paasdag: in 2026 bij de moeder, in 2027 bij de vader; tweede paasdag: in 2026 bij de vader, in 2027 bij de moeder; Koningsdag: in 2026 bij de vader, in 2027 bij de moeder; kerstavond: in 2026 bij de vader, in 2027 bij de moeder; eerste kerstdag: in 2026 bij de vader, in 2027 bij de moeder; tweede kerstdag na 11:00 uur: in 2026 bij de moeder, in 2027 bij de vader; oudejaarsdag: in 2026 bij de moeder, in 2027 bij de vader; feestdagen vanaf 2028: bij helfte, waarbij in oneven jaren vader de eerste keuze heeft en in even jaren heeft moeder de eerste keuze; verjaardag van vader bij vader; verjaardag van moeder bij moeder; Vaderdag bij vader; Moederdag bij moeder. - subsidiair : een regeling wordt vastgesteld die deze rechtbank juist acht; een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad. De moeder voert verweer, dat hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. Daarnaast verzoekt zij zelfstandig een verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, waarbij: - primair : [minderjarige] om het weekend van vrijdag uit de opvang (+/- 14:00 uur) tot zondagavond bij de vader verblijft en de vader haar om 19:00 uur weer bij de vrouw brengt; de vader zorg draagt voor [minderjarige] vanaf het moment dat [minderjarige] naar school toe gaat tot maandagochtend, waarna de man haar naar school toe brengt; [minderjarige] bij de vader verblijft iedere woensdagochtend tot donderdagavond 19:00 uur; er een videobelmoment tussen de vader en [minderjarige] plaatsvindt in het weekend waarin [minderjarige] niet bij de man verblijft; de vakanties en feestdagen als volgt worden verdeeld: carnavalsvakantie: oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader; meivakantie: even jaren eerste week bij de moeder, tweede week bij de vader en oneven jaren eerste week bij de vader en tweede week bij de moeder; zomervakantie: even jaren derde, vierde en zesde week bij de moeder, eerste, tweede en vijfde week bij de vader, oneven jaren derde, vierde en zesde week bij de vader, eerste, tweede en vijfde week bij de moeder; herfstvakantie: even jaren bij de moeder, oneven jaren bij de vader; kerstvakantie: even jaren eerste week, inclusief kerstavond en eerste kerstdag, bij de moeder, tweede kerstdag en tweede week, inclusief oud en nieuw, bij de vader, oneven jaren eerste week, inclusief kerstavond en eerste kerstdag, bij de vader, tweede kerstdag en tweede week, inclusief oud en nieuw, bij de moeder; Goede Vrijdag en Pasen: eerste paasdag volgens zorgregeling, tweede paasdag bij de andere ouder; Hemelvaartsdag: even jaren bij de moeder, oneven jaren bij de vader; Pinksteren: eerste pinksterdag volgens zorgregeling, tweede pinksterdag bij de andere ouder; Koningsdag: oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader; Sinterklaas: oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader; verjaardag kinderen: iedere ouder een dagdeel; verjaardag ouder: bij betreffende ouder; verjaardag opa/oma: bij de moeder [dag] ; Vaderdag: bij de vader; Moederdag: bij de moeder. - subsidiair : een regeling wordt vastgesteld die deze rechtbank juist acht; een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad en kosten rechtens. Beoordeling Op de zitting heeft de moeder verteld dat haar oom die ochtend onverwachts is overleden. Hierdoor was de moeder niet goed in staat om haar standpunt toe te lichten. Haar advocaat verzocht daarom om de procedure aan te houden tot een later moment. De vader heeft laten weten hiermee te kunnen instemmen. De rechtbank zal gelet op deze bijzondere omstandigheden de inhoudelijke behandeling van de zaak aanhouden tot na te melden pro forma datum. Zoals op de zitting is besproken, krijgen de ouders hiermee ook de tijd om in onderling overleg afspraken te maken. Beslissing De rechtbank: houdt iedere beslissing ten aanzien van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en de proceskosten aan tot 1 mei 2026 pro forma . Deze beschikking is gegeven door mr. M.F. Baaij, (kinder)rechter, bijgestaan door P.F. Weenink als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 31 maart 2026.