Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-04-11
ECLI:NL:RBDHA:2025:6098
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
592 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.3180
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam] , V-nummer: [nummer] , verzoeker
(gemachtigde: mr. M. Pater)
en
de minister van Asiel en Migratie, de minister
(gemachtigde: mr. P. Loijenga).
Inleiding
1. Bij besluit van 21 januari 2025 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat België verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
2. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
3. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL25.3179 (het beroep), op 3 april 2025 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van de minister deelgenomen. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten.
Overwegingen
4. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.3179, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. De rechtbank heeft het beroep gegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is gelet daarop niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek dan ook af.
5. Gelet op de uitkomst van de beroepsprocedure veroordeelt de voorzieningenrechter de minister in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 907,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1).
Dictum
De voorzieningenrechter:
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt de minister in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 907,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H. Hanssen - Telman, rechter, in aanwezigheid van mr. P.C.J. Lindeijer, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.