Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-10-07
ECLI:NL:RBDHA:2025:18775
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
561 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.6234
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker
(gemachtigde: mr. M.K. Bhadai),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 10 januari 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan verzoeker een terugkeerbesluit met een vertrektermijn van vier weken opgelegd.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld (NL25.6090). Hij heeft tevens de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1. De voorzieningenrechter ziet aanleiding om toepassing te geven aan artikel 8:83,
derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en overweegt daartoe het volgende.
2. Een voorlopige voorziening is alleen mogelijk als de rechtbank nog niet op het
beroep heeft beslist. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.6090, heeft de rechtbank op het beroep beslist. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer mogelijk. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3. Gelet op de uitkomst van de beroepsprocedure ziet de voorzieningenrechter wel aanleiding om verweerder te veroordelen in de proceskosten die verzoeker in verband met zijn verzoek om een voorlopige voorziening heeft gemaakt. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 907,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1).
Dictum
De voorzieningenrechter:
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 907,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. F.A. Groeneveld, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.R.M. Scheeres, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open