Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-08-29
ECLI:NL:RBDHA:2025:16318
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
904 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.9201
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], eiseres
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. H.E. Visscher),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
(gemachtigde: mr. C.J. Ohrtmann).
Procesverloop
Bij besluiten van 25 en 26 februari 2025 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvraag van eiseres afgewezen als kennelijk ongegrond.
Eiseres heeft tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft het beroep op 7 augustus 2025 op zitting behandeld. Eiseres, haar gemachtigde en verweerder zijn, met voorafgaand bericht, niet verschenen. De rechtbank heeft ter zitting het onderzoek gesloten.
De rechtbank heeft op 7 augustus 2025 het onderzoek heropend en verweerder in de gelegenheid gesteld te reageren op de aanvullende beroepsgronden van eiseres van 7 augustus 2025.
Verweerder heeft op 19 augustus 2025 nogmaals een verweerschrift ingediend. Ook heeft verweerder meegedeeld dat eiseres met onbekende bestemming is vertrokken.
Op verzoek van de rechtbank heeft de gemachtigde van eiseres op 25 augustus 2025 meegedeeld wanneer zij voor het laatst contact had met eiseres.
De rechtbank heeft op 28 augustus 2025 het onderzoek opnieuw gesloten.
Overwegingen
1. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of eiseres procesbelang heeft bij haar beroep.
2. Bij brief van 19 augustus 2025 heeft verweerder meegedeeld dat eiseres op 11 augustus 2025 met onbekende bestemming is vertrokken. Ter onderbouwing hiervan heeft verweerder een schermafbeelding van zijn registratieprogramma overgelegd.
3. De gemachtigde van eiseres heeft desgevraagd op 25 augustus 2025 meegedeeld dat zij voor het laatst contact heeft gehad met eiseres in juni 2025 en dat het haar vervolgens niet meer is gelukt om eiseres te bereiken.
4. Gelet op de toelichting van de gemachtigde van eiseres neemt de rechtbank aan dat eiseres geen prijs meer stelt op de door haar aanvankelijk gezochte bescherming. Gelet hierop heeft eiseres geen rechtens te beschermen procesbelang bij een beoordeling van het door haar ingestelde beroep.
5. Het beroep van eiseres is daarom niet-ontvankelijk.
6. Eiseres krijgt geen vergoeding van haar proceskosten.
Dictum
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 29 augustus 2025 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. R. de Mul, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.