Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-03-26
ECLI:NL:RBDHA:2024:4501
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
726 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.31031
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , eiser,
V-nummer: [V-nr.]
(gemachtigde: mr. R.C. van den Berg),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Eiser heeft op 29 september 2023 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op de aanvraag tot verlening van een mvv in het kader van nareis.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb uitspraak zonder zitting.
Overwegingen
1. Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb wordt voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit gelijkgesteld. In artikel 6:12, tweede lid, van de Awb is bepaald dat het beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.
2. Eiser heeft de aanvraag ingediend op 29 november 2022. Verweerder moet op grond van artikel 2u, eerste lid, van de Vw binnen 90 dagen na ontvangst van een aanvraag beslissen op de aanvraag. Verweerder heeft de beslistermijn verlengd met drie maanden. Dit betekent dat verweerder uiterlijk op 26 mei 2023 had moeten beslissen.
3. De ingebrekestelling is door verweerder ontvangen op 3 mei 2023. Op dat moment was de wettelijke beslistermijn nog niet verstreken. Dat maakt dat de ingebrekestelling prematuur is ingediend en niet geldig is. Nu niet aan de vereisten van artikel 6:12 van de Awb is voldaan, is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk.
4. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.F. Bethlehem, rechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.
Machtiging tot voorlopig verblijf.
Algemene wet bestuursrecht.
Vreemdelingenwet 2000.