Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-02-21
ECLI:NL:RBDHA:2024:2899
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
602 tokens
Inleiding
uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL24.3004
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoekster]
, V-nummer: [V nummer] , verzoekster (gemachtigde: mr. R.J.J. Flantua),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, (gemachtigde: mr. C.J. Ohrtmann).
Procesverloop
Bij besluit van 26 januari 2024 (het bestreden besluit) heeft de staatssecretaris de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak NL24.3003, op 13 februari 2024 op zitting behandeld. Verzoekster heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigde. De staatssecretaris heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.3003, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J. Catsburg, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van
K.F.K. Hoogbruin, griffier.
zaaknummer: NL24.3004
2
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
21 februari 2024
Documentcode: [Documentcode]
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.