Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-04-17
ECLI:NL:RBDHA:2024:19758
Civiel recht; Europees civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,300 tokens
Inleiding
Rechtbank DEN HAAG
Zittingsplaats Leiden
MK
Rolnr.: 10823742 \ CV EXPL 23-3802
Datum: 28 februari 2024
Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:
de besloten vennootschap Swapphone Europe B.V.,
gevestigd en kantoorhoudende te Breda, gemeente Breda,
eisende partij,
gemachtigde: BoitenLuhrs Incasso Gerechtsdeurwaarders,
tegen
[gedaagde] ,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij.
Procesverloop
De kantonrechter heeft kennis genomen van de dagvaarding van 9 november 2023 met producties. Gedaagde partij is op de in de dagvaarding bepaalde rolzitting niet verschenen en heeft ook anderszins niet gereageerd. De voorgeschreven termijnen en formaliteiten zijn in acht genomen. Tegen gedaagde partij is daarom verstek verleend.
Vervolgens is vonnis bepaald.
Beoordeling
2.1.
Tussen partijen is op 8 mei 2020 online een huurovereenkomst gesloten voor de verhuur van een refurbished mobiele telefoon (I-Phone X). De huurovereenkomst is na afloop van 12 maanden stilzwijgend verlengd voor onbepaalde tijd. Vanwege wanbetaling is de overeenkomst beëindigd op 8 augustus 2023.
2.2.
Eisende partij vordert in de inleidende dagvaarding een bedrag van € 103,47 aan vervallen maandelijkse huurtermijnen. Daarnaast vordert eisende partij een bedrag van € 311,00 aan boete dan wel schadevergoeding wegens het niet inleveren van het toestel op grond van artikel 7 lid 16 van de algemene voorwaarden dan wel als schadevergoeding op grond van de wet. Eisende partij legt aan deze vordering het volgende ten grondslag.
2.3.
Vanwege het niet-inleveren van het toestel lijdt eisende partij schade. Het bedrag van € 311,00 is aanzienlijk lager dan het bedrag van € 800,00 als genoemd in Tabel 1 van de algemene voorwaarden. Het lagere bedrag is gebaseerd op de huidige waarde in het economische verkeer van een zelfde toestel ad € 449,00, verminderd met € 138,00 omdat het een gebruikt toestel betreft, aldus eisende partij. Voor zover de vordering tot betaling van de toestelwaarde niet wordt toegewezen op voornoemde grondslagen, vordert eisende partij betaling uit hoofde van onrechtmatige daad, ongerechtvaardigde verrijking dan wel onverschuldigde betaling. Als de gevorderde vergoeding van de toestelwaarde wordt afgewezen, vordert eisende partij tot slot afgifte van het toestel op straffe van een dwangsom.
2.4.
De vordering van eisende partij is gebaseerd op een overeenkomst gesloten op afstand tussen een handelaar en een consument. Bij het sluiten van dergelijke overeenkomsten moet ter bescherming van de consument worden voldaan aan de essentiële informatieplichten van artikel 6:230m BW e.v. en de informatieplichten waaraan de wet specifieke sancties verbindt. De kantonrechter moet er ambtshalve op toezien dat die voorschriften worden nageleefd en bij schending een sanctie daaraan verbinden, dus ook als er op dat punt geen verweer is gevoerd (Hoge Raad 12 november 2021, ECLI:HR:NL:2021:1677). Naar het oordeel van de kantonrechter is in deze zaak voldaan aan de (essentiële) informatieplichten in artikel 6:230m e.v. BW.
2.5.
Op de overeenkomst zijn algemene voorwaarden van toepassing. Nu deze procedure een overeenkomst tussen een handelaar en een consument betreft, moet de kantonrechter op grond van vaste rechtspraak zo nodig ambtshalve beoordelen of deze bedingen oneerlijk zijn in de zin van Richtlijn 93/13 EG (hierna: de Richtlijn).
2.6.
Artikel 3 van de Richtlijn 93/13 EG (hierna: de Richtlijn) bepaalt dat een beding als oneerlijk wordt beschouwd als het, in strijd met de goede trouw, het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoort. De Nederlandse rechter moet deze toets (onder andere) verrichten via de open norm van artikel 6:233 sub a BW en, meer in het bijzonder, de artikelen 6:236 en 6:237 BW. Op grond van de open norm is een beding in algemene voorwaarden vernietigbaar als het onredelijk bezwarend is, gelet op de aard en overige inhoud van de overeenkomst, de wijze waarop de voorwaarden tot stand zijn gekomen, de wederzijds kenbare belangen en de overige omstandigheden van het geval.
2.7.
In de artikelen 1, 7 en 11 van de algemene voorwaarden staat, voor zover van toepassing:
“
Artikel 1 Definities
(…)
e. Einddatum: de datum waarop de Huurovereenkomst eindigt door opzegging door Huurder.
(…)
Artikel 7 Looptijd, herroepingsrecht en opzegging van de huurovereenkomst
(…)
15. Indien de Smartphone niet uiterlijk binnen 7 dagen na Einddatum aan Swapphone is overgedragen, verbeurt Huurder een direct opeisbare boete aan Swapphone van € 5,- (…) per kalenderdag te rekenen vanaf de achtste (8e) dag na de Einddatum tot aan de dag dat de Smartphone door Swapphone retour is ontvangen, zulks met een maximum van tweeëntwintig (22) dagen.
16. Indien de Smartphone niet binnen dertig (30) dagen na de Einddatum aan Swapphone is overgedragen verbeurt Huurder, naast de boete als bedoeld in lid 15 van dit artikel, een direct opeisbare boete aan Swapphone ter hoogte van het bedrag als genoemd in Tabel 1 onverminderd het recht van Swapphone tot het vorderen van (aanvullende) schadevergoeding alsmede het recht om de Smartphone (op afstand) te blokkeren middels een lostmode. De hoogte van de boete is afhankelijk van het type Smartphone dat Huurder van Swapphone heeft gehuurd. Daarnaast zal in dit geval per direct aangifte bij de politie worden gedaan van verduistering en/of diefstal.”
(…)
Artikel 11 Ontbinding Huurovereenkomst
1. Swapphone heeft het recht om de Huurovereenkomst met onmiddellijke ingang geheel of gedeeltelijk (buitengerechtelijk) te ontbinden of op te zeggen (…) indien:
(…)
3. In geval van opzegging of ontbinding van de Huurovereenkomst door Swapphone dient Huurder de Smartphone terstond, doch uiterlijk binnen zeven (7) dagen na opzegging/ontbinding, voor eigen rekening en risico voer te dragen c.q. af (te doen) leveren aan Swapphone, tenzij sprake is van een situatie als bedoeld onder lid 1 sub i van dit artikel in welke geval het voor Huurder niet mogelijk is om de Smartphone te retourneren. In dit geval is Huurder in plaats daarvan een direct opeisbare boete aan Swapphone verschuldigd ter hoogte van het bedrag als genoemd in Tabel 1, onverminderd het recht van Swapphone tot het vorderen van (aanvullende) schadevergoeding. Indien Huurder de Smartphone niet dan wel niet tijdig retourneert, verbeurt Huurder een direct opeisbare boete aan Swapphone ter hoogte van het bedrag als genoemd in Tabel 1, onverminderd het recht van Swapphone tot het vorderen van (aanvullende) schadevergoeding. De hoogte van de boete is afhankelijk van het type Smartphone dat Huurder van Swapphone heeft gehuurd. Daarnaast zal in dit geval per direct aangifte bij de politie worden gedaan van verduistering en/of diefstal.
(…)”
2.8.
De kantonrechter is voorshands van oordeel dat door de bedingen in de algemene voorwaarden ten aanzien van de schadevergoeding het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen aanzienlijk ten nadele van de consument wordt verstoord. Volgens Tabel 1 waarnaar de artikelen verwijzen bedraagt de boete bij het gehuurde toestel in dit geval een bedrag van
€ 800,00. Daarbij wordt geen rekening gehouden met de leeftijd van het toestel en/of de periode dat het toestel is verhuurd. Dat eisende partij in deze procedure een lager bedrag aan schadevergoeding vordert, is voor de beoordeling van de (on)eerlijkheid van de bedingen niet van belang. Daarnaast kan op grond van artikel 7 lid 15 van de algemene voorwaarden een boete van € 5,00 per dag gedurende maximaal 22 dagen, oftewel in totaal € 110,00 in rekening worden gebracht wegens het niet tijdig inleveren van het toestel. Dat betekent dat in totaal € 910,00 voor het toestel in rekening kan worden gebracht, terwijl de eisende partij het toestel tevens op afstand kan blokkeren. Gelet hierop dient het beding als oneerlijk te worden aangemerkt en daarom te worden vernietigd voor zover het ziet op de gevorderde schadevergoeding wegens niet inleveren.
Dictum
De kantonrechter:
- verwijst de zaak naar de openbare civiele terechtzitting van 20 maart 2024 te 10.00 uur voor akte aan de zijde van eisende partij;
- houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. B.C. Vink en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 februari 2024.