Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-10-02
ECLI:NL:RBDHA:2024:16750
Bestuursrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
521 tokens
Inleiding
uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL24.30391
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker]
, V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. J.J. de Vries),
en
de minister van Asiel en Migratie, de minister (gemachtigde: mr. R.A. Mandersloot).
Procesverloop
Bij besluit van 26 juli 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De minister heeft een verweerschrift ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL24.30390, op
25 september 2024 op zitting behandeld. Partijen zijn, met bericht van verhindering, niet verschenen.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.30390, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
zaaknummer: NL24.30391
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
02 oktober 2024
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.G.M. van Veen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A. Wilpstra - Foppen, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.