Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-02-07
ECLI:NL:RBDHA:2024:1588
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
528 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummers: NL23.37523 en NL23.27525
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[naam], verzoeker, V-nummer: [nummer], en
[naam]
, verzoekster, V-nummer: [nummer]
mede namens hun minderjarige kinderen [naam kind], [naam kind], [naam kind] en [naam kind]
hierna gezamenlijk te noemen: verzoekers
(gemachtigde: mr. R.E. Temmen),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Inleiding
In twee besluiten van 29 november 2023 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen.
Verzoekers hebben beroep (NL23.37522 en NL23.37524) ingesteld tegen de bestreden besluiten. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om voorlopige voorzieningen te treffen, die inhouden dat zij gedurende het beroep rechtmatig verblijf, opvang en voorzieningen behouden in Nederland.
De voorzieningenrechter doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Beoordeling
1. Bij uitspraak van vandaag in de zaken met nummers NL23.37522 en NL23.37524 heeft de rechtbank beslist op de beroepen waarop de verzoeken om een voorlopige voorziening betrekking hebben. Voorlopige voorzieningen zijn daarom niet meer nodig. Om die reden worden de verzoeken als kennelijk ongegrond afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.S. Hamans, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.