Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2023-09-04
ECLI:NL:RBDHA:2023:19392
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,051 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: [nummer 1] V
uitspraak van de enkelvoudige kamer op het verzet van
[naam] , opposant
[naam], opposant
V-nummer: [nummer 1]
(gemachtigde: mr. P.J. Schüller).
Procesverloop
Bij uitspraak van 7 juli 20231 (de aangevallen uitspraak) heeft de rechtbank met toepassing van artikel 8:54 van de Awb2 beslist op het beroep van opposant tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Opposant heeft tegen deze uitspraak verzet gedaan.
Opposant heeft niet verzocht om op een zitting te worden gehoord. De rechtbank doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:55, vierde lid, van de Awb.
Overwegingen
1. De rechtbank heeft in de aangevallen uitspraak het beroep van opposant niet-ontvankelijk verklaard. De reden hiervoor is dat de rechtbank tot de conclusie is gekomen dat de ingebrekestelling prematuur is ingediend.
2. Artikel 8:54 van de Awb biedt de mogelijkheid tot vereenvoudigde afdoening als het eindoordeel in de zaak buiten redelijke twijfel staat. In verzet beoordeelt de rechtbank alleen of er redelijke twijfel mogelijk was over het oordeel in de aangevallen uitspraak. Aan de inhoud van de beroepsgronden komt de rechtbank pas toe als het verzet gegrond is.
3. Opposant voert het volgende aan. In het beroep is verwezen naar de uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Amsterdam, van 6 januari 2023.3 In die uitspraak is geoordeeld dat de verlenging van beslistermijnen in asielzaken via het WBV 2022/224 niet rechtsgeldig is. Het daartegen door de staatssecretaris ingestelde hoger beroep is besproken op de zitting bij de Afdeling5 van 13 juni 2023. Op deze zitting zijn kritische vragen gesteld aan de staatssecretaris en hebben partijen van gedachten gewisseld over de vraag wanneer de wet ruimte biedt om beslistermijnen in asielzaken te verlengen. De rechtbank had op de hoogte behoren te zijn van deze ontwikkelingen. Zolang de Afdeling geen uitspraak heeft gedaan bestaat er divergentie binnen de rechtspraak en dan leent een zaak zich sowieso niet voor afdoening buiten zitting.
4. De rechtbank ziet hierin geen aanleiding voor het oordeel dat niet tot een kennelijk oordeel kon worden gekomen. In verzet zijn immers geen argumenten naar voren gebracht die in het geval van een normale behandeling (ter zitting) hadden kunnen worden aangevoerd en waardoor twijfel zou zijn ontstaan over de uitkomst van het beroep.6 De omstandigheid dat door de verschillende zittingsplaatsen van deze rechtbank anders wordt geoordeeld over de betekenis van WBV 2022/22 voor de beslistermijn van de staatssecretaris, maakt niet dat in dit geval redelijke twijfel bestond over de uitkomst van het beroep. Zoals de rechtbank heeft overwogen in de aangevallen uitspraak heeft deze zittingsplaats al eerder in gelijke zin over WBV 2022/22 geoordeeld in drie uitspraken van 21 maart 20237 en in alle vergelijkbare zaken sindsdien.
5. Het verzet is ongegrond. Dat betekent dat de aangevallen uitspraak in stand blijft.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De rechtbank verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.E. van de Merbel, rechter, in aanwezigheid vanmr. R. de Mul, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
ECLI:NL:RBDHA:2023:10140.
Algemene wet bestuursrecht.
ECLI:NL:RBDHA:2023:10159.
Besluit van 21 september 2022, nummer WBV 2022/22, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000; gepubliceerd in Staatscourant 2022 nr. 25775; in werking getreden op 27 september 2022.
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Zie Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 2 juli 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2177.
ECLI:NL:RBDHA:2023:3698, ECLI:NL:RBDHA:2023:3697 en ECLI:NL:RBDHA:2023:3701.