Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2023-11-20
ECLI:NL:RBDHA:2023:18146
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
593 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL21.16475
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam], verzoeker
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. W.C. Boelens),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 13 oktober 2021 heeft verweerder verzoekers opvolgende asielaanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoeker heeft beroep (NL21.16474) ingesteld tegen het bestreden besluit. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen, inhoudende dat hij niet zal worden uitgezet voordat op het beroep is beslist.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak met nummer NL21.16475, op 14 april 2022 op zitting behandeld. Eiser is verschenen. Eisers toenmalige gemachtigde mr. G. van Reemst heeft via een beeldverbinding aan de zitting deelgenomen. Als tolk is verschenen N. Fictoor-Ahmed. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door S. Jalouqa. Ter zitting is het onderzoek gesloten.
Op 2 juni 2022 heeft de voorzieningenrechter het onderzoek heropend en meegedeeld dat de behandeling van het verzoek is overgenomen door mr. J.F.I. Sinack.
De voorzieningenrechter doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van 17 november 2023 in de zaak met nummer NL21.16474 heeft de rechtbank beslist op het beroep waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. Om die reden wordt het verzoek als kennelijk ongegrond afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.S. Hamans, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.