Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2023-11-15
ECLI:NL:RBDHA:2023:17819
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
629 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.29867
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoekster
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. M.H. Steenbergen),
en
de minister van Buitenlandse Zaken, verweerder.
Procesverloop
Verzoekster heeft op 19 september 2023 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op het bezwaarschrift tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een visum voor kort verblijf.
Verzoekster heeft het beroep ingetrokken met daarbij het verzoek verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Awb zonder zitting uitspraak op het verzoek om proceskostenveroordeling.
Overwegingen
1. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb). Als een beroep wordt ingetrokken, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoet gekomen, kan de rechtbank op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. Dit is geregeld in artikel 8:75a van de Awb.
2. Niet is gebleken dat verweerder inmiddels een besluit heeft genomen op het bezwaarschrift van verzoekster. Verweerder is daarom niet aan verzoekster tegemoet gekomen in de zin van artikel 8:75a van de Awb. Het verzoek is daarom kennelijk ongegrond.
Dictum
De rechtbank wijst het verzoek om vergoeding van de proceskosten af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. E.C. Jacobs, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.
Algemene wet bestuursrecht.